U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Vonne Van Der Meer - Eilandgasten.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=12704 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 3932 woorden.

1 Praktische gegevens



1.1 Titel: ‘Eilandgasten’

Auteur: Vonne van der Meer



1.2 Jaar van Uitgave: 1999



1.3 Aantal bladzijden: 205



2 Inhoud en opbouw



2.1 Het is een psychologische roman.



2.2 Het boek gaat over een vakantiehuisje, één seizoen lang. Voordat de eerste gasten komen komt de schoonmaakster langs voor de grote lenteschoonmaak. Ze is zoals altijd benieuwd wat voor mensen dit jaar komen, en wat zij gaan meemaken.

De eerste gasten zijn Dana, Chiel en Floris. Chiel is op een congres in Berlijn vreemdgegaan met een tolk, Helga. Dana heeft hem vergeven, maar ze is het nog niet vergeten. Als verzoening zitten ze nu dus in het huisje. Chiel doet heel erg zijn best voor haar, wat Dana na een poosje alleen nog maar meer irriteert. Chiel heeft het er ook heel moeilijk mee: hij voelt zich meer dan ooit vader en man, hij wil zijn gezin beschermen. Uiteindelijk vertelt Dana hem ‘dat hij niets meer goed hoefde te maken, dat de tijd de rest moest doen’.

Het tweede verhaaltje gaat over Martine en Sanne. Martine is een vrouw van middelbare leeftijd, die net een nieuwe relatie heeft met Bas. Zij zou met hem naar het huisje gaan, maar dat ging op het laatste moment niet door. Daarom zou ze met haar jeugdvriendin Jetta gaan, en haar dochter Sanne. Jetta’s man moet echter plotseling het bed houden met een hernia, en zo vertrekken Martien en Sanne dus. Sanne gedraagt zich stil en teruggetrokken, en Martine maakt zich daar druk om en vraagt haar ernaar. Uiteindelijk vertelt Sanne dat ze zwanger is. Martine raadt haar meteen aan om abortus te plegen, een kind krijgen zo jong is onverantwoordelijk! Toch zit het Martine niet lekker, en ze durft na lang peinzen eindelijk toe te geven dat zij heel veel spijt heeft gehad van haar abortus. Zodra ze zich dat gerealiseerd heeft, neemt ze zich voor Sanne aan te moedigen het kind toch te krijgen.

Hierna komt de schoonmaakster even langs om te zien hoe het gaat, en even in het gastenboek te lezen.

De volgende gast is Leo, een man op leeftijd. Zijn vrouw is overleden en van hem hoeft het niet meer. Hij komt naar het eiland om zich te verdrinken, maar het moet wel een ongeluk lijken. Daarom gaat hij eerst inkopen doen, en wil hij zijn beide dochters Bea en An eerst een gezellige brief sturen. Dit valt hem erg zwaar en hij schuift het steeds voor zich uit. Ondertussen onderneemt hij van alles, en krijgt zowaar weer zin in het leven. Aan het eind van de vakantie beseft hij, dat hij zijn dochters terug wil zien en belt Bea spontaan op om haar stem te horen.



Het volgende gezin bestaat uit vader Nils, moeder Simone en Karlijn en Roos, de kleine meisjes. Nils wordt op de eerste vakantiedag gebeld door zijn werk, een ‘nieuweling’ is commercieel directeur geworden. Hij voelt zich gepasseerd en is twee week lang niet te genieten. Voor Simone wordt op een bepaald moment het crisispunt bereikt, en dan vraagt ze zich af of het niet beter is om uit elkaar te gaan. Buiten staat Nils op het strand te overpeinzen waarom hij nu zo boos is, en dan beseft hij dat hij het zijn nieuwe collega gewoon niet gunt. Ondertussen leest Simone in het gastenboek het verhaal van Herman en Betty Slaghek, die hun zoon verloren hebben. Dit geeft haar op een vreemde manier troost. Als het donker is komt Nils thuis, hij heeft het opgelost!

Hierna komen Willemijn, Walter en Tom aan met de boot. Willemijn en Walter wonen samen, zonder een relatie te hebben. Tom is een nieuwe bekende, waar Willemijn verliefd op is zonder dat Tom het weet. En Tom is verliefd op Willemijn zonder dat zij en Walter het weten. In het huisje slapen Willemijn en Walter in één bed, wat Tom de indruk geeft dat zij samen wat hebben. Op een avond gaan Walter en Tom samen uit, en komt de waarheid boven tafel. Walter zal Willemijn vertellen dat Tom van haar houdt, maar dan zal hij haar kwijtraken. De volgende ochtend gaan Tom en Willemijn er samen op uit, en Walter vertrekt onaangekondigd. Hij wil niet langer deel van Willemijns leven zijn.

Het laatste verhaal bestaat uit dagboekfragmenten van een vrouw met kanker, Marleen. Ze heeft een gevaarlijke operatie voor de boeg, en ze heeft er geen goed gevoel over. Ze wil niet sterven met de haat voor haar moeder, die ze nu nog voelt. Op het eiland denkt ze veel aan vroeger, en krijgt een herinnering die erop wijst dat haar moeder op háár manier wél van haar gehouden heeft.

Het boek eindigt met de schoonmaakster die het huis op orde maakt, en het gastenboek doorkijkt om te zien hoe al die mensen nou heetten, en wat ze hebben meegemaakt.



2.3a Het boek speelt zich af in 1997. Dit jaar op zich is niet zo belangrijk, maar wel dat het zich in de moderne tijd afspeelt.

2.3b Het boek duurt één vakantieseizoen lang, ongeveer van april tot oktober.

De leestijd is ongeveer 2 à 3 uur.

2.3c Een voorbeeld van een vertraging staat op bladzijden 180-181. De vertraging gaat over het moment nadat Willemijn Walter advies vraagt: moet ze het erop wagen met Tom? Walter voelt zich heel rot hierover; ‘De beul vroeg de veroordeelde: wat moet ik doen?’. Hij wil niet dat ze hem verlaat, maar wil haar liefde ook niet ruïneren. ‘Wat moest hij zeggen? Met welk argument kon hij zijn lot nog keren?’ Deze vertraging is belangrijk in het boek, omdat in elk verhaal er iemand een zware beslissing moet maken. Dit is een voorbeeld van het beslissingsproces.

2.3d Een typerende versnelling staat op pagina 134 : “Maar toen er drie dagen om waren, dacht ze: misschien gebeurt dit alles niet voor niets.” Dit is een aanloop naar de beslissing die Simone moet maken: blijft ze bij haar man of niet? Al die tijd (drie dagen) kwam er geen verbetering in zijn houding, wat haar tot de mogelijkheid van de keuze brengt.

2.3e Er komen een aantal flashbacks in het boek voor: herinneringen van mensen en de fragmenten in het gastenboek. Op de bladzijden 142 t/m 145 worden drie van dat soort fragmentjes genoemd, telkens één jaar terug in de tijd. Dit gaat over meneer en mevrouw Slaghek. Het laatste fragmentje laat zien dat de vakantie drie jaar geleden in Duinroos voor hen de eerste vakantie is geweest sinds de dood van hun zoon een half jaar eerder. Het eiland heeft hen de mogelijkheid gegeven om dit verlies te verwerken, en daarom zijn ze ervan gaan houden. De functie van deze flashback is het laten zien van de ‘genezende’ kracht, die het eiland en het huisje hebben. Ook laat het zien waarom deze familie elk jaar terugkeert.



2.4a Het boek speelt zich af op de boot naar Vlieland, op het eiland zelf en in het huisje Duinroos.

2.4b Er is in het boek sprake van meerdere belangenruimten. Één ervan is het blauwe kamertje boven. Het heeft voor elke gast een speciale betekenis, maar voor iedereen is het een schuiloord, een vlucht van de werkelijkheid. ‘Als ze niet meer weet waar ze het zoeken moet, gaat ze in het blauwe kamertje hier vlak boven de namen in haar hoofd stampen.’ (144)

‘Ben in de tweede nacht in het blauwe kamertje boven gaan slapen. Ik wilde een eenpersoonsbed, maar in de kamer tegenover de wc is het licht zo groen. Daar voelde ik me opgesloten, een scheepje in een fles. Ik moest steeds aan de operatiekamer denken, al die groene wezens om me heen vlak voor ik insliep.’ (190)



2.5a+b Het boek heeft geen echte hoofdpersoon, de enige relatie tussen alle gebeurtenissen en personen is het huisje Duinroos. Daarom zal ik per verhaal een korte beschrijving geven van alle personen en hun relatie tot elkaar (of het huis).

Schoonmaakster (vrouw op fiets): Ze maakt al tien jaar het huisje schoon, en houdt er erg van. De gasten leert zij nooit echt kennen; uit het gastenboek probeert ze op te maken hoe de mensen nou heten en wat zij hebben meegemaakt. Ze is wel de bindende schakel tussen de verhaaltjes, door middel van haar optreden in het huisje.

1. Dana: een moeder van gemiddelde leeftijd, haar man Chiel is vreemdgegaan maar zij vergeeft hem.

Chiel: een man van middelbare leeftijd, vreemdgegaan met een Duitse maar hij heeft daar spijt van. Hij wil zijn vrouw Dana en zijn gezin behouden.

(Floris is hun kleine zoontje)

2. Martine: vrouw van middelbare leeftijd, pas een nieuwe relatie, kinderloos. Sanne is de dochter van een oude vriendin van haar. Sanne vertelt haar dat ze zwanger is, maar ondanks de ongunstige omstandigheden het kind wel wil houden. Dit confronteert Martine met haar eigen abortus, en zij begint te beseffen dat ze hier eigenlijk spijt van heeft. Daarom wil ze uiteindelijk Sanne aanmoedigen het kind te houden!

Sanne: meisje van in de twintig, zwanger van een man die ze nog niet goed kent maar ze wil het kind eigenlijk wel houden. Martine (een vriendin van haar moeder) probeert haar ‘tot rede’ te brengen, maar uiteindelijk moedigt Martine haar aan om het kind te houden omdat zijzelf spijt heeft van haar eigen abortus.

3. Leo: een man op leeftijd, wiens vrouw gestorven is. Hij heeft twee dochters die erg bezorgd om hem zijn, maar hij ziet het allemaal niet zo erg meer zitten en wil er een eind aan maken. Door zijn zelfmoord een ongeluk proberen te laten lijken, moet hij echter allerlei dingen ondernemen die hem zijn levenslust teruggeven. Hij begint zijn kleinzoon Arne, en zijn dochters Bea en An erg te missen, en wil ze toch terugzien!

4. Simone: moeder van twee jonge kinderen, vrouw van Nils. Zij heeft het heel moeilijk met zijn sombere en teruggetrokken stemming. Het wordt zelfs zo erg dat zij een scheiding overweegt, omdat ze voelt dat ze het niet meer aankan om met hem samen te leven in de situatie. Net op tijd ‘waakt’ hij weer ‘op’ uit deze somberheid, en komt het toch weer goed.

Nils: vader van twee kinderen, twaalf jaar bij een bedrijf in dienst. Voelt zich gepasseerd als een nieuwe collega commercieel directeur wordt, komt erachter dat hij het de jonge vent gewoon niet gunt. Ondertussen is hij erg van zijn vrouw ontvreemd, die zelfs een scheiding heeft overwogen. Net op tijd beseft hij echter zijn fout, en komt het weer goed.

5. Willemijn: jonge vrouw die nog nooit een serieuze relatie heeft gehad. Zij woont samen met Walter, alleen vriendschappelijk. Ze is erg verliefd op Tom, maar denkt dat hij niets in haar ziet. Als blijkt dat Tom wel van haar houdt, vertelt Walter haar dit. Hierop lijkt een eerste echte relatie voor Willemijn aan te breken, maar Walter verdwijnt uit haar leven omdat hij geen ‘leuke oom’ voor haar kinderen wil zijn.

Walter: slungelachtige jongen, die geen seksuele behoeften heeft. Hij vindt het allemaal maar gedoe. Hij woont op vriendschappelijke basis samen met Willemijn. Als ze hem vertelt dat ze een serieuze relatie wil met Tom, schrikt hij. Dan zou hij haar kwijtraken! Als blijkt dat Tom Willemijn ook leuk vindt, gaat Walter er stilletjes vandoor. Hij wil geen ‘gezellige vriend, en een leuke oom voor haar kinderen’ zijn.

Tom: een serieuze jongen van 26, met een vaste baan. Nu wil hij een vrouw om zijn leven te delen. Al enige tijd is hij verliefd op Willemijn, maar hij denkt dat zij hem niet zit zitten omdat ze iets met Walter zou hebben. Zodra hij erachter komt dat Walter alleen maar een vriend is en Willemijn ook gek op hem is, is hij de hemel te rijk.

6. Marleen: een vrouw van oudere leeftijd, die kanker heeft. Zij is op het eiland om vrede met haar moeder te krijgen. Aan het einde van de vakantie krijgt ze een herinnering die erop wijst dat haar moeder ondanks alles van haar gehouden heeft.



2.6 Het boek heeft een interessante perspectief indeling/wisseling. De schoonmaakster vertelt vanuit de ik-vorm. Gasten worden beschreven vanuit personaal perspectief, dat veelvuldig van persoon wisselt. Opmerking docent: hier is wel iets aan toe te voegen. Er is inderdaad een ikperspectief als de schoonmaakster aan het woord is. Maar verder is er mijns inziens een alleswetende verteller, een auctoriale verteller dus.



2.7a Het boek bestaat uit zes onafhankelijke verhalen, met als enige leidraad het huisje. Vóór het eerste , tussen het tweede en derde en ná het laatste verhaal komt de schoonmaakster in beeld in aparte fragmentjes, afgescheiden door een zeester.

2.7.b Het boek heeft een opening-in-de-handeling. Het verhaal is al een poosje bezig eigenlijk, je valt er middenin. De grote schoonmaak is gebeurd, en het huisje kan de gasten ontvangen. ‘Het wordt hoog tijd dat ik (=schoonmaakster) afsluit.’

2.7c Het einde is gesloten, het vakantiejaar is afgelopen. De schoonmaakster kijkt terug op het seizoen en vertrekt vervolgens. Volgend jaar zal weer hetzelfde zijn, met andere gasten. ‘Dat steeds andere handen dezelfde dingen aanraken, bewonderen, een plaats geven.’ En ook: ‘Dat niets ooit verloren gaat.’



3 Motieven en Thema



3.1

- takje

-‘Op een dag zette Dana er nog een katapultvormige tak bij, (…) Ze nam hem niet mee vanwege de vorm, maar vooral om de kleur, en hoe het hout aanvoelde als ze er met haar vingers langs streek. Zand en zout hadden de katapult of hertenkop helemaal uitgeloogd, schoongeschuurd. Hij was lichtgrijs, bijna wit geworden en glad, er zat geen scherp haakje, wratje of splinter meer aan.’ (blz. 36)

Bijna wit geworden en glad slaat op haar eigen relatie, de misstap van haar man is al bijna vergeven en vergeten.

-‘Een tak in de vorm van een katapult, (…) Had hij maar een breed elastiek. Was er maar een kleinzoon in de buurt, aan wie hij in de duinen kon voordoen hoe je met een katapult moest schieten. Was Arne hier maar.’ ( blz. 103)

De katapult staat hier voor het willen leven, verlangen hoort bij het leven.

-‘Hij kon zich niet herinneren wanneer hij zich voor het laatst zo had gevoeld, alsof hij met een katapult naar zijn kindertijd werd teruggeschoten, (…)Een jongen die vaak alleen speelde, maar daaraan gewend was, een jongen die Johanna nog ontmoeten moest.’ (blz.110)

-‘Misschien was het toch geen toeval dat haar oog op dit takje was gevallen, op een stuk hout dat zich splitste. Het kon. Iets dat één was geweest kon zich splitsen.’ (blz. 135/6) Een tak kan zich splitsen, misschien scheidden hun wegen ook wel.



- veertje

- ‘(…), het T-shirt uit haar broek en streek met een veertje dat ze tussen de bladzijden van het gastenboek gevonden had langs haar buik. Een veertje was het, nog niet eens, dat daarbinnen. (…) Het was alsof haar hoofd gevuld was met veren. (…) Sanne kende de argumenten, die ook haar eigen argumenten waren, en zwaarder wogen dan veertje.’

(blz. 44-45) Referentie aan kindje, wel of geen abortus?

- ‘Op de avond van haar (moeders) dood had An in de tuin een veertje gevonden, en dat veertje had ze in haar moeders jurk gestoken, (…) In de weken na haar dood bleef An maar veertjes vinden, (…) in een jaargetijde dat er helemaal geen jonge vogels waren die hun veren konden verliezen. An noemde het een teken, An zou dit ook een teken van Johanna noemen. (…) Hij geloofde niet dat Johanna nog ergens was en in staat tekens te geven, op wat voor manier dan ook. Maar om An een plezier te doen zou hij het veertje in zijn blocnote achterlaten. Tussen de vellen briefpapier zou zij, op een dag wanneer zijn spullen haar toegestuurd werden, dit veertje vinden.’ (blz. 102) Denken over eigen dood, nu de vrouw dood is.

- “’Ik ben hier,’ antwoordde ze, net luid genoeg om gehoord te worden. Ze haalde het veertje achter haar oor vandaan en streek ermee langs haar ruwe lippen. Een week, ze hadden nog bijna een week om er iets van te maken.”(blz. 146)

- “Tom keek naar de dichte slaapkamerdeur, en van daar ging zijn blik naar het veertje in Walters hand. ‘Je had gelijk toen je dat zij, over engelen die niet vrijen… Niet met elkaar.’ (…) ‘Dat zou een heel gedoe zijn,’grinnikte Tom,’dat geklapwiek en overal veren, veren, veren…’ (…) Zonder te weten wat hij zei, had Tom het geraden. En zonder het te willen, had Walter het toegegeven. Gedoe – dat was precies wat het altijd voor hem was geweest. Hij kon er niets aan doen. Hij vond een aangeklede vrouw altijd mooier dan een naakte. (…) Met mannen ook.” (blz. 174)

- “Als je zo opgevoed bent als ik, valt het niet mee om op een dag als je dertig of veertig bent aan een tafel te gaan zitten en te schrijven wat er in je omgaat. In iets te geloven dat er nog niet is. Dat wel bestaat, maar alleen in je verbeelding en dan nog heel ijl als … als dat veertje hier. Ik kon dat niet.” (blz. 193) Het accepteren van de (vreemde) moederliefde.



- gastenboek

- ‘Toen ik hier tien jaar geleden kwam, lag het boek er al. Het was er altijd en het zal niet vol komen, niet tijdens mijn leven. Ik hoop tenminste van niet; het lijkt me zo kaal hier een nieuw boek neer te moeten leggen met allemaal onbeschreven bladzijden, geen woord, niet één naam. Alsof je op een eiland terechtkomt waar niemand woont of gewoond heeft, een zandplaat.’ (blz. 205)

- ‘Toen ze het bij de zoom optilde, zag ze het boek dat ze daar had neergezet om het uit de handen van Roos te redden. (…) Ze wist dat het haar veel moeite zou kosten er iets in te schrijven. Welkom in dit huis, stond er op het schutblad, ik hoop van harte dat u hier gelukkige dagen mag doorbrengen. (…) Ook zonder alles te lezen wist ze dat nog nooit iemand zo ongelukkig geweest was in het huis als zij. ..(…).. Met het gastenboek in haar hand liep Simone de trap op, naar het blauwe kamertje.’ (blz. 140+145)

Voor Simone betekent het gastenboek troost, omdat blijkt dat ook een andere vrouw hier ongelukkig is geweest.



3.2 Een vakantiehuis ziet het komen en gaan van vakantiegangers die, onbewust verbonden door dingen als het gastenboek, het veertje en het takje, hun problemen tot een oplossing brengen.



3.3 Het boek gaat over vakantiegangers op het eiland. Ze hebben een huisje gehuurd, wat echter nooit helemaal van hen wordt. Ze blijven gasten, gasten op het eiland, die weer zullen vertrekken. Eilandgasten.



4 Persoonlijke mening



4.1 Een mooi gedeelte vind ik het einde van het verhaal over Sanne en Martine. Martine besluit dat ze Sanne wil aanmoedigen om het kind wél te krijgen. Eerder kwam Martine over als een rasechte niet-moeder, ze had zelf abortus laten plegen. Later blijkt dat ze er diep in haar hart spijt van heeft, en dat verwerkt ze op het eiland. Daarom besluit ze dus Sanne voor haar fout te behoeden. Vooral de manier waarop ze zich voorneemt dit aan Sanne over te gaan brengen, vind ik erg ontroerend. ‘Straks als ze in Duinroos terug was, zou ze Sanne wekken en haar vertellen dat zij de doek alsnog mocht hebben. Die kon ze dan mooi om haar buik winden, om die almaar dikker wordende buik. Als steun natuurlijk, maar ook omdat een felgekleurde doek om een dikke buik prachtig stond, zelfverzekerd, trots.’



4.2 Ik ken geen enkele roman met een soortgelijk, uitgebreid thema. Niet één boek dat ik gelezen heb behandelde zoveel verschillende problemen.



4.3 Het onderwerp van het boek vond ik wel redelijk, of de onderwerpen eigenlijk. Grote problemen die zich voordoen in het leven komen stuk voor stuk naar voren: vreemdgaan, kindje of abortus, dood van geliefde, gepasseerd op werk door jongere, overlijden van kind, keuze tussen twee personen in de liefde, kanker en al dan niet ‘moederliefde’. Al deze situaties vragen om een keuze, meer of minder duidelijk. Dit concept vind ik op deze manier, met het vakantiehuisje als leidraad, erg leuk en ‘speels’ uitgewerkt. Doordat je het gezin gedurende de vakantie volgt, voel je je bijna betrokken bij hun problemen, krijgen de problemen en de te maken keuzes diepgang.



Bij veel van deze problemen heb ik al wel eens eerder stilgestaan, ze zijn overal terug te zien. Echt persoonlijke ervaringen heb ik nog niet ondergaan, behalve dan de keuze in liefde. Daar word je op jonge leeftijd al mee geconfronteerd (in mijn geval in ieder geval). Verschillende personen in mijn omgeving zijn wel door één van de genoemde situaties gegaan, zoals het hebben van kanker. Door het overlijden aan kanker van mensen in je omgeving komt het heel dichtbij: de dood en vooral de angst.

Hoe Dana in het boek omgaat met haar man die vreemd is gegaan, daar kan ik me geen voorstelling bij maken. Zij wil het liefst zo snel mogelijk vergeten en doorgaan, dat zou ik niet kunnen. Ik zelf zou mijn relatie direct beïndigen. Ook ben ik tegen abortus, dus sloot Martines aanvankelijke mening niet aan bij de mijne. Deze andere standpunten te lezen heeft mij alleen maar gesterkt in mijn eigen mening, in zoverre heeft het boek dus wel invloed op me gehad, alleen mijn gedachten niet veranderd!



Het boek ging over verwerkingsprocessen en keuzes, daarom staan de gevoelens en gedachten van de personen centraal. Maar de gebeurtenis neemt wel een speciale plaats in: in alle gevallen is er namelijk iets gebeurd wat verwerkt moet worden, of waar een keuze over gemaakt moet worden. Afgezien van deze belangrijke gebeurtenissen gebeurt er niet zoveel actiefs, in tegenstelling tot in het hoofd!



Alles wat er in het huisje gebeurt, is herkenbaar: het voor het eerst binnenkomen, rondkijken, bedden opmaken, naar het strand, boodschappen doen, rondwandelen enz.. Gewoon een vakantie dus, niets spannends. Het einde van het stuk over Leo vond ik wél grappig: de hele onderneming die opgezet was om er een eind aan te maken heeft geleid tot hernieuwde zin in het leven! De uiteindelijke beslissing van Martine om Sanne aan te moedigen het kind te houden vond ik ontroerend. Alle personages komen heel reëel over, daardoor roepen de gebeurtenissen ook ‘echte’ emoties op. Bij verschillende personen kon ik mij bijzonder goed inleven, zoals Sanne en Willemijn, maar ook wel bij Simone. Allemaal vrouwen dus. Maar ik kon me eigenlijk ook heel goed identificeren met Leo, ik zou een soortgelijke reactie vertonen als mijn geliefde, na een leven samenzijn, zou overlijden. Het schijnt mij toe dat je dan wel in een soort zwart gat moet vallen, waar het heel moeilijk uitkomen is.



Door de veelvuldige wisseling van personen had de opbouw moeilijk te volgen kunnen zijn, maar het tegendeel is het geval voor mij. De wisseling van personen is heel overzichtelijk ingedeeld in hoofdstukken, elk hoofdstuk heeft andere personen. De overgang van perspectief van de ene persoon naar de andere is zeer helder voor mij. De woordkeuze is simpel, geen moeilijke woorden. Soms is de zinsbouw wat lang, een gedachte lang. Maar dit is nooit langer dan een paar regels, dus dat leverde ook geen problemen op.



In totaal vond ik het een redelijk simpel boek, het las lekker door en er zaten geen moeilijke woorden in. De waarde zit meer in de problemen die besproken worden, en de betrokkenheid met de gasten die wordt gecreëerd. Een goed, maar niet te moeilijk boek dus! Opmerking docent: het is een kenmerk van literatuur dat je jezelf en je eigen situatie soms herkent in een boek. Als je dat zo ervaart is er sprake van echte literatuur.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen