U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Thea Beckman - Dick V/d Maat.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/21447/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2192 woorden.

Zakelijke gegevens:

Schrijfster: Thea Beckman

Illustraties: Dick v/d Maat

Jaar van uitgave: 1e druk in 1977

Uitgeverij: Lemniscaat Rotterdam



Samenvatting:



Uit het dagboek van Albert-Jan:

Ik zit samen met Kees in de brugklas. Op een ochtend is er een nieuw meisje bijgekomen. Ze heet Monique en Kees was meteen helemaal weg van haar. "Wat een stuk hè?" fluisterde hij. In de pauze zag ik dat Monique vriendinnen is geworden met Marianne. Ik vind dat fijn voor haar. Na schooltijd loop ik haar achterna, ze loopt naar de flats in de Coornhertstraat. Mijn moeder klaagde vorig jaar daarover. "Waarom moeten ze die flats nou in onze buurt zetten. Je zal zien dat er allemaal Surinamers en Marokkanen kamen wonen." zei ze. Dat was niet het geval. Er kwamen allemaal bouwvakkers en werkmannen in wonen.

Vandaag moesten we opstellen maken. Ik schreef over het werk van mijn vader. Hij is reclameadviseur.

Vandaag kregen wij onze opstellen terug, ik had een zeven. Er wordt er altijd een voorgelezen, deze keer was dat het opstel van Monique. Ze hield het ook over het werk van haar vader. Ze had geschreven: mijn vader is ingenieur en bouwt havenwerken in Brazilië. Ik stond verstelt. Kees fluisterde: "Dat wil ik ook wel worden."

Na schooltijd toen ik thuis kwam vroeg mijn moeder: "Hoe was je opstel?" "Wel goed, ik had een zeven." zei ik. "Een zeven maar?" vroeg ze. Toen kookte er iets in de keuken en holde ze weg. Ik liep gauw naar mijn kamer.

De volgende dag na schooltijd ging ik naast Monique lopen en vroeg haar:" Heb je zin om met mijn trein te komen spelen?" "Natuurlijk Albert-Jan." zei ze.

Nadat ze zich eerst had voorgesteld aan mijn moeder gingen we naar de trein. "Wat een mooie," zei Monique. "Mag ik er eens mee spelen?" "Natuurlijk, maar doe wel voorzichtig, want die trein heeft een boel geld gekost." antwoordde ik. Toen vertelde ze me een geheim. "Ik heb eigenlijk geen vader, mijn vader en moeder zijn nooit getrouwd. Toen mijn moeder zwanger werd, ging hij snel naar Brazilie. Beloof je me dat je het aan niemand door vertelt, Albert-Jan. "Dat beloof ik je." zei ik, en gaf haar een zoen.

Op een dag ging ik dan eindelijk bij Monique spelen. Er was een man bij hun thuis. Monique noemde hem oom Andre. Hij is de voogd van Monique. Hij ging al gauw weer weg en ik had toen met Monique nog wat discussies. Toen ging ik weer naar huis.

Er is nieuws! We krijgen een baby. Op school zal ik het vertellen aan Monique. Eenmaal op school weet ik waarom Monique zoveel bij Kees gaat spelen; ze is gek op die kleintjes bij Kees. Dat zal nu wel veranderen nu ze weet dat wij een baby krijgen. Monique was heel blij voor mij toen ik ze vertelde dat we een baby krijgen.

Dit is de laatste keer dat in mijn dagboek schrijf. Mijn moeder heeft het gevonden bij het opruimen van mijn kamer. Ze heeft het helemaal gelezen en is boos, omdat ik allemaal nare dingen over mijn ouders geschreven zou hebben.



Uit het dagboek van Monique:

Mijn oma is gekomen. Ze heeft pas een operatie gehad en is nog erg zwak.

Vanmiddag was ik samen met Albert-Jan in het park. Eerst kwam er een man aan, en die vroeg waar de Coornhertstraat was. "Daar woon ik!" zei ik. Daarna vertelde Albert-Jan hoe je er moest komen. De man verdween toen weer.

Even later zat ik met Albert-Jan op een bankje Duits te leren. Op een moment kwam dezelfde man die ons de weg gevraagd had naast ons op het bankje zitten. "Wat is dat? Oh, ik zie het al, Duits." "Wat is er mis mee Duits te leren in het park?" vroeg Albert-Jan. "Niks hoor," zei hij. "U moet toch in de Coornhertstraat zijn, meneer?" vroeg ik." "Ik moet er vanavond pas zijn." zei hij. Toen ging ik met Albert-Jan weer naar huis. We hadden het idee dat die man een kinderlokker was.

Vanavond ging ik afwassen met mijn moeder. Op een moment ging de bel en ik deed open. Ik schrok me kapot. Het was de man uit het park. Ik haalde mijn moeder erbij.

Ze kon even geen woord meer uitbrengen. Uiteindelijk zei ze tegen me dat het mijn vader was. Hij kwam binnen en we gingen zitten. Hij vertelde dat het hem speet, en dat hij met mijn moeder wou trouwen. Mijn moeder wist niet wat ze moest zeggen. "Je begrijpt zeker wel Fred, (Zo heet de vader van Monique) dat ik hier tijd voor nodig heb." zei ze. "Natuurlijk begrijp ik dat." zei hij. "Ik moet ook nog wat anders vertellen. Ik was getrouwd in Brazilië. Mijn vrouw is overleden, vorige maand. Daarom ben ik hier bij jou." zei hij. Dit was even slikken voor mij en mijn moeder. Toen ging hij weer weg.

De volgende dag kwam hij weer. Hij vertelde toen dat hij ook 2 kinderen in Brazilie had, Pepe van 3, en Miguel van 7. Hij vroeg toen:" Irene, zou je met me willen trouwen? Dan gaan we naar Brazilië, samen met Monique. Jij kunt je dan opofferen voor mijn 2 kindjes, en dan zullen we een heel gelukkig leven leiden." Mijn moeder werd toen woedend: " Jij hebt 13 jaar niet meer naar ons omgekeken, en nu moet ik alles opgeven wat ik hier heb opgebouwd en gaan zorgen voor jouw kinderen, en moeten Monique en ik een andere taal gaan leren en moet Monique opnieuw haar vrienden verlaten en weer nieuwe vrienden maken? Dat doe ik niet hoor!" Mijn vader werd toen heel boos en zei: "Wat is dit voor een land? Kun je je als vrouw aan iets beter wijden dan aan een paar moederloze kindjes?" En toen liep hij boos weg. Ik weet nu dat ik weer geen vader krijg.

Toen ik aan Albert-Jan vertelde dat de moeder mijn vader de bons had gegeven was hij verrast. Toen zei hij: " Ik hoop dat ons kindje hetzelfde eruit komt te zien als jij. Dat zou ik fijn vinden." Toen gaf ik Albert-Jan een zoen.



Personage beschrijving:

Monique:

Ze zit in de brugklas samen met Albert-Jan en Kees. Ze is pas van Amsterdam naar dit dorp verhuisd. Ze heeft geen vader en ook geen broertjes of zusjes. Ze is bevriend met Kees en vooral met Albert-Jan. Ze durft voor haar eigen mening op te komen, en is beslist niet verlegen. Ze zou graag een vader hebben, net als alle anderen kinderen. Ze is (volgens Kees en Albert-Jan) mooiste en het knapste meisje van de klas.



Albert-Jan:

Hij is verliefd op Monique. Hij zit in dezelfde klas als Monique en Kees. Hij maakt samen met Monique wiskundesommen, omdat hij wiskunde heel moeilijk vindt en Monique heel goed in wiskunde is. Hij is een gemiddelde leerling. Van z'n ouders mocht hij een tijdje niet meer met Monique omgaan omdat zijn moeder het niets vond dat Monique geen vader had.



Kees:

Hij zit in dezelfde klas als Albert-Jan en Monique. Hij is de slimste van de klas. Hij was van het begin af al gek op Monique. Hij spaart postzegels, net als Albert-Jan. Hij is niet zo belangrijk voor het verhaal, want hij komt er niet zo veel in voor, en het gaat bijna niet over hem.



Fred:

Hij is de man die in Brazilië woont en naar Nederland terugkomt, om de Irene (moeder van Monique) huwelijk te vragen. Hij is wel belangrijk voor het verhaal, want over hem gaat het eigenlijk in dit boek.



Informatie over de schrijfster:

Thea Beckman werd op 23 juli 1923 in Rotterdam geboren, als enig kind. Als kind wilde ze het liefst schrijfster of ontdekkingsreizigster worden. Thea Beckman heeft alleen de ULO afgemaakt, en daarna is ze van school gegaan omdat haar ouders het veel te duur vonden. Ze moest maar helpen in het huishouden, zoals de meeste meisjes deden. Op haar 21e trouwde ze en werd, zoals dat toen hoorde, huisvrouw. Pas toen haar drie kinderen groot waren, ging ze psychologie studeren. Ze was toen al begonnen met het schrijven van korte verhalen, zoals Kris Kras, en later voor de taptoe. In 1971 werd ze echt bekend met het boek "Met Korilu de griemel rond." Het werd uitgekozen tot beste kinderboek van het jaar. Daarna heeft ze haast alleen maar hele bekende boeken geschreven. Haar boeken werden in vele talen gedrukt. Ze ontving vele prijzen voor haar boeken.



Eerste persoonlijke reactie:

Ik vind het boek ingewikkeld omdat je eerst het verhaal hoort van Albert-Jan en daarna van Monique en ze hebben het eigenlijk ook allebei over andere dingen want Monique praat over haar vader en zegt geen bijzondere dingen over Alber-Jan, Albert-Jan daarentegen wel over Monique. Het is wel geloofwaardig omdat er zoveel mannen op de wereld lopen. Het is herkenbaar want de vader van een vriend van mij heeft ook ongeveer zoiets gedaan.Maar gelukkig is mijn vader niet zo'n klootzak.



Fictie of Non-fictie:

Het is een fictie van de schrijver omdat het een verzonnen verhaal is, maar het verhaal kan ook in de werkelijkheid gebeuren omdat er dingen in gebeuren die jij en ik ook mee kunnen maken.

Het is een epiekverhaal omdat het over verhaal gaat.



Open plekken en spanning:

Er zitten best wel veel open plekken in omdat je het verhaal van twee kanten hoort. Maar ze praten niet allebei over hetzelfde onderwerp dus er ontstaat meer spanning in het verhaal. Dat maakt het verhaal ook wel een stuk leuker.



Opbouw:

Het is niet op een chronologische volgorde verteld omdat je het hele verhaal eerst hoort van een kaant en dan weer van een andere kant. Terwijl die twee stukken over hetzelfde stuk tijd gaan. De schrijver heeft dit verhaal zo gemaakt om het verhaal weer spannender te maken en ook weer boeiender omdat je wil weten wat de ander dacht op dat zelfde moment.



Tijd:

Het verhaal is geschreven in dagboekvorm. Daarom wordt er meestal in de verleden tijd verteld en soms in de tegenwoordige tijd en de toekomstige tijd. Er wordt steeds verteld over de afgelopen dag ook over wat er dan zal gebeuren en hoe erover gedacht wordt.

Het verhaal speelt zich af vanaf 6 januari tot 31 mei. Dat is te zien aan de datum boven ieder hoofdstukje. Waarschijnlijk speelt het verhaal zich af rond 1977 omdat in 1977 de 1e druk is uitgekomen.



Ruimte:

Het verhaal speelt zich af in Nederland, in een klein dorpje waarvan de plaats niet in het boek vernoemd wordt.

In het verhaal gaat het over de maatschappij, het plaatsje waar het verhaal zich afspeelt, Amsterdam en Rio de Jenero.



Vertelwijze:

Het verhaal is geschreven in dagboekvorm. Het boek is geschreven vanuit de hoofdpersonen (Albert-Jan en Monique), je leest namelijk alleen de gedachten en meningen van de hoofdpersonen. De schrijver wisselt ook een keer van vertelpersoon: tot en met bladzijde 36 is Albert-Jan de vertelpersoon en daarna is de vertelpersoon Monique.



Thema en motieven:

De motieven zijn: Kees die verliefd wordt op Monique. Monique die verdrietig is om haar vader. De baby. De stiekeme verliefdheid van Albert-Jan op Monique. De zoen van Monique en Albert-Jan. Daarom vind ik het thema liefde.



Leeservaring:



A) Onderwerp

Het onderwerp spreekt me toch niet echt aan en ik ben ook niet anders gaan denken over dit soort dingen die in het verhaal voorkomen. Ik ben het wel eens met de mening van de schrijver omdat dit soort dingen ook in het echt gebeuren.



B) Gebeurtenissen

Het verhaal bevat veel verschillende gebeurtenissen omdat je ook het verhaal hoort van twee kanten. Ik vind dit wel geloofwaardige gebeurtenissen omdat mijn vriend zijn vader dit ook heeft gehad en mijn moeder ook wel een beetje. De gebeurtenis die het meest indruk op me heeft gemaakt was de terugkomst van de vader van Monique "Fred". Omdat ik dit helemaal niet had verwacht.



C) Personages

De hoofdpersoon is niet bepaald een held dus ik zou niet op hem willen lijken en vooral niet z'n naam. De mensen lijken op echte mensen in het verhaal en de eigenschappen van de hoofdpersonen vind ik eigenlijk ook niet zo fantastisch. Je komt het meeste te weten van Monique omdat zij meer over haar eigen leven verteld. Ik vind de personen gewoon normaal niks bijzonders geen rare beslissingen enz…



D) Opbouw

Ik vind het verhaal niet goed samenhangend omdat Albert-Jan over andere dingen praat dan Monique. Het verhaal is wel spannende en ook boeiend want ik heb het helemaal uitgelezen omdat ik wilde weten hoe het verhaal zou eindigen. De bouw is vrij ingewikkeld omdat je eerst de ene kant van het verhaal hoort en daarna pas het andere. Nee ik vind de bouw van het verhaal niet bij het onderwerp passen omdat ik nog nooit zoiets heb gelezen. Het eind is goed omdat het geen open einde is als de moeder van Monique met Fred was meegegaan dan was het een open einde.



E ) Taalgebruik

Het taalgebruik is heel net geschreven maar dat is eigenlijk in alle boeken van Thea. Ik vind haar boeken ook altijd makkelijk te lezen ze past ook het juiste taalgebruik toe bij de juiste personen.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen