U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Liesbeth Lems - Natte Voetstappen In De Gang.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/20196/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 984 woorden.

De titel van het boek is Natte voetstappen in de gang met als auteur Liesbeth Lems. Het boek is uitgegeven door Uitgeverij Omniboek Den Haag in 1986. Het boek telt 85 bladzijden.

De titel “Natte voetstappen in de gang”. slaat terug op dat er dieven in het huis van Gerrit inbreken en als sporen natte voetstappen in de gang achterlaten.



De inhoud van het boek:





Hfst 1 tm 5:



Het is vakantie en Jos en Henk vervelen zich. Ze weten niks te doen. Dan komen Nan en Jopie en die weten een leuk spelletje: Willekeurige nummers uit het telefoonboek draaien. Dat doen ze en ze hebben er veel lol in.



Hfst 6 tm 10:



Ze spelen het spelletje nog even, totdat, als Henk moet bellen, iemand om hulp roept door de telefoon.e besluiten naar het huis van die man te gaan (het adres stond in het telefoonboek) en te kijken wat er aan de hand is. Ze kijken eerst op de plattegrond waar het huis is en ze gaan er naartoe, toch moeten ze nog even zoeken voor ze het gevonden hebben.



Hfst 11 tm 15:



Ze komen bij het huis aan en ze zien dat de deur op een kiertje staat. Ze bellen eerst aan, maar horen geen reactie en gaan naar binnen. Binnen aangekomen vinden ze in de gang natte voetsporen. Als ze bij de huiskamer komen ligt er een oude man vastgebonden die uit z’n mond bloedt. Ze bevrijden de man en deppen het bloed op zijn mond. De man is erg geschrokken en verbaasd. Eerst beweegt hij niet veel, maar daarna staat hij op en roept: “Die vuile boeven.”



Hfst 16 tm 20:



De man begint zijn verhaal te vertellen. Hij vertelt over hoe er in zijn huis is ingebroken en hoe zijn dierbaarste bezit, zijn postzegelalbums, zijn gestolen. Ze besluiten samen op zoek te gaan naar de dieven, zonder de politie in te schakelen. De man kon zich van de boeven nog herinneren, dat één een baard had en de ander erg scheve pinken.



Hfst 21 tm 25:



Ze komen erachter dat één van de dieven kapotte schoenzolen heeft. Dat zien ze aan de vorm van de schoenafdrukken in de gang. Ze spreken af dat ze naar de postzegelbeurs, tien dagen later, zouden gaan, omdat Gerrit, zo heet de man die beroofd is, daar iemand had gezien met precies dezelfde kromme pinken en tussentijds niet op zoek zullen gaan, maar wel opletten of ze iemand zagen. Al voordat die tien dagen omzijn ziet Jopie dat het nieuwe hulpje van de groenteboer kromme pinken en kapotte schoenzolen heeft.



Hfst 26 tm 30:



Ze achtervolgen die man totdat ze weten waar hij woont. Hij blijkt in de Rozenstraat, niet zo ver van Gerrit af te wonen.Het begint al laat te worden, dus gaan Jos, Henk, Nan en Jopie naar huis en besluiten `s avonds terug te gaan. Ze gaan dus samen terug en ontdekken dat het huis naast die van de boeven leegstaat en dat je er zo in kan gaan als je wat planken afbreekt. Ze gaan dus naar binnen en zien door het gat dat er een man met een baard het huis ernaast binnengaat. Ze lopen naar de tuin van het huis en klimmen over de lage schutting naar de tuin van de dieven. Daar kunnen ze de dieven afluisteren. Op dat ogenblik komt er een politiewagen voorbij die het erg verdacht vindt, dat er planken van het leegstaande huis zijn afgebroken. Ze gaan op onderzoek uit in het huis.



Hfst 31 tm 34



Daar treffen ze Jos, Henk, Nan en Jopie aan. De dieven die nu ook gemerkt hebben dat er politie is zetten het op het vluchten. Jos, Henk en Nan gaan erachteraan, maar kunnen alleen het kenteken van de auto nog maar zien. Dan gaan ze, nadat ze Gerrit hebben opgepikt naar het politiebureau met de agenten. Daar krijgen ze al snel te horen dat de boeven gepakt zijn en dat Gerrit zijn postzegelverzameling terugkrijgt.









4. Het boek gaat over kinderen die achter een beroving komen nadat ze door een spelletje van wildvreemden opbellen hulpgeroep horen en ze lossen dan het raadsel bij toeval op, zonder in eerste instantie de politie erbij in te schakelen.





5. a. De belangrijkste personen uit het boek zijn:





Jos; Een jongen die stoer wil zijn en veel durft, maar soms wat onaardig is.



Henk; Een wat meer verlegende jongen die niet zo veel lef heeft, maar vaak aardiger doet.



Nan; Een meisje dat veel lef heeft en niet zo over zich heen laat lopen.



Jopie; Een verlegen, soms wat bang meisje, die voorzichtig maar aardig is



Gerrit; Een oude man die een beetje onzeker is, maar toch wel aardig.





b. De hoofdpersonen, Jos, Henk, Nan en Jopie;



- Ontdekken de beroving bij Gerrit



- Ontdekken wie de boeven van de roof waren



- Worden door de politieagenten geholpen de boeven op te



sporen





c. De hoofdpersonen zijn iets te koppig en willen alles zelf oplossen. Ikzelf was naar de politie gestapt in de plaats van de roof zelf op te lossen





d. De hoofdpersonen zijn karakters, omdat je best veel van hun innerlijke kenmerken afweet.





Het verhaal is een Hij/zij verhaal, want er wordt niet van een ik uitgegaan, maar van hij/zij en er wordt ook niet echt tegen de lezer gesproken zoals met iets als: “Zo ziet u maar beste lezer.”







Het verhaal speelt zich af in de stad, dat is wel belangrijk voor de sfeer in het verhaal, vanwege de donkere stille wijkjes waar de boeven en Gerrit wonen.





Het verhaal speelt zich in deze tijd af. Je hebt ongeveer 1½ uur nodig om het boek te lezen en er worden enkele dagen in beschreven. Het is een verhaal met enkele flashbacks





Het is een boek met een goed verhaal, soms wat ongeloofwaardig en te voor de hand liggend, maar ondanks dat is het een goed boek

Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen