U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Hugo Claus - Onvoltooid Verleden.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1090 en is laatst upgedate op 03/10/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2164 woorden.

Titel

Onvoltooid verleden



Auteur

Hugo Claus



Uitgeverij

De Bezige Bij, Amsterdam, eerste druk, 1998.



Samenvatting

Het begon op twaalf september als een meisje van 13 en twee meisjes van 14 vermist worden. Noël gaat naar zijn werk. Hij is gescheiden en hij werkt als hulpje in een boekhandel. Ze zijn een pakje kwijt dat aan Dekerspel gericht is. Als alleen Noël nog in de zaak is, komt het pakje van Dekerspel en Noël neemt het pakje mee. Er zitten seksfoto's van een meisje in en hij durft niet naar de politie te gaan. Hij gaat bij een oude vriendin, Camilla op bezoek in het ziekenhuis. Ze is doodziek en een week later sterft ze. Hij schrijft anoniem een brief naar Dekerspel, maar dat helpt niet. Dan schrijft hij een brief naar de baas, meneer Felix. Er komt een gesprek met het personeel, omdat er blijkbaar dingen gestolen wordt en meneer Felix denkt door dat briefje dus dat Noël dat is. Hij wordt ontslagen. Hij krijgt een brief van de notaris om naar zijn geboorte dorp Alegem te komen. Als hij daar is blijkt het om de voorlezing van het testament van Camilla te gaan. Het brengt veel commotie met zich mee. De familie denkt dat ze niet genoeg krijgen enz. Judith is er ook. Hij heeft haar voor het eerst gezien tijdens de begrafenis van Camilla. Judith was al een keer langs gekomen om te kijken hoe het met hem ging, ze had toen wat met een buitenlander. Nu kwam ze weer langs, maar ze zij dat ze de bar, die ze gekregen had van Camilla, ging verkopen. Ze gaan samen winkelen en Judith betaalt alles voor hem. Ze vindt dat hij nieuwe kleren nodig heeft. Als Noël weer een keer op de zaak komt zegt Kareltje, waar hij vroeger mee werkte, dat Dekerspel er slecht uitzag. Noël zegt dat dat door wroeging komt, voor wat hij heeft gedaan en nog gaat doen. Kareltje weet niet waar hij het over heeft. Hij zegt tegen de commissaris dat hij nou op drie hazen kon jagen, Judith, de notaris en Dekerspel. Hij kiest voor Dekerspel en als hij een keer bij Noël langs komt om te zeggen dat hij zijn vrouw niet met bespieden vermoordt hij hem. Hij gaat met Judith mee naar de bar, omdat ze er via de notaris achter is dat er een kapitein woont die er mag blijven wonen. Hij heeft het horloge van René om, de broer van Noël om. Noël voelt ineens dat zijn broer niet meer leeft. Daarna gaan ze naar het graf van Cantillon, Judith huilt, maar toch is ze ook boos op hem. Als ze daarna bij Noël zijn drinken ze heel veel en hij vertelt haar alles. De notaris heeft nog geld van Judith, maar hij vindt dat hij het geld beter kan bewaren, omdat het bij hem in goede handen is. Judith ging bij de notaris op schoot zitten en de notaris deed net of hij haar vader was. Noël kan dit niet aanzien en hij slaat de notaris. Uiteindelijk dood Judith de notaris. Uiteindelijk geeft Noël ook toe dat hij zijn vrouw, Alice vermoord heeft en de poes. De commissaris weet niet of dit allemaal echt is, want uit een onderzoek blijkt dat Noël heel goed kan liegen. Judith komt ook nog om bij een keukenongeluk.



Thema

Het boek gaat over het niet bij de samenleving horen en het manipuleren van mensen.

Verklaring: Noël hoort niet bij de samenleving, hij is dom en oud en hij is gescheiden. Hij probeert dan ook om mensen te manipuleren om ze zo naar zijn hand te krijgen. Hij vindt dat hij een soort rechter is en beslist over leven en dood. Ik heb het gevoel dat zijn leven voor hem niet zoveel waard is en dat hij zo probeert om aandacht te krijgen. Het is natuurlijk niet leuk om nergens bij te horen, maar ik denk niet dat je zo veel vrienden maakt.



Motieven

· Dood: Er gaan heel veel mensen dood in dit boek. Het begint allemaal met de dood van Camilla. Ze gaat dood aan een ernstige ziekte. Dan vermoordt Noël Dekerspel en hij bekent later dat hij ook de poes Caramel en zijn vrouw Alice heeft vermoord. Ook is hij medeplichtig aan de moord op de notaris. Cantillon is ook dood en Noël denkt dat zijn broer René ook niet meer in leven is. Daar zijn echter geen bewijzen voor. Ook Judith gaat dood. Zij verongelukt bij een keukenongeluk. ·

Haat: Noël heeft een verschrikkelijke hekel aan Patrick Dekerspel. Hij haat hem echt omdat hij hem een soort kleineert. Hij doet net op Noël niks waard is, gewoon omdat hij wel geleerd is en Noël nou eenmaal niet kan leren, omdat hij dom is. Judith heeft een verschrikkelijke hekel aan Chantillon, hij is misschien haar vader en hij heeft haar moeder Nedjma vernietigd. ·

Liefde: Noël heeft veel van Alice gehouden en hij houdt ook wel van Judith. Dekerspel houdt van zijn vrouw en Judith houdt van haar mohammed ook al verlaat hij haar. ·

Scheiding: Noël en Alice scheiden van elkaar. Hij heeft het er best moeilijk mee. Hij moet zich nu alleen zien te redden. ·

Verschillen: Er zijn in dit boek twee verschillende soorten mensen, zoals Noël dat zegt de geleerde en de domme waar hij zelf toe behoort. ·

Leugens: Je komt er eigenlijk helemaal niet achter of Noël al die moorden wel heeft gepleegd. De commissaris zegt namelijk dat de psychiater zei dat hij heel erg goed kan liegen. Je weet dus niet of hij de waarheid spreekt. Het hele boek kan dus gewoon verzonnen zijn zonder dat je dat weet. Er zijn ook geen aanwijzingen die je zouden kunnen zeggen of het nou waar is of niet. ·

Pillen: Noël heeft een psychisch probleem. Soms komen er bloeddorstige honden bij hem boven en daar slikt hij pillen voor. Die moet hij wel innemen, want anders gaat het goed fout met hem. ·

Foto's: Noël onderschept een pakje van Dekerspel en daar ziet hij foto's inzitten van minderjarige meisjes. De meisjes zijn nogal pikant afgebeeld en dan trekt hij gelijk de conclusie dat Dekerspel aan kinderporno doet enz. Dat is natuurlijk helemaal niet bewezen. Het zal net zo goed een toneelrepetitie zijn, maar daar denkt hij helemaal niet aan. Dekerspel zal moeten boeten voor zijn daden. ·

Voorteken: Noël wil net naar Dekerspel toegaan en dan staat hij ineens bij hem voor de deur. Dit ziet Noël als een voorteken en daarom heeft hij er niet echt spijt van dat hij hem vermoordt. Het moest zo zijn. ·

Koekegoed: Er komt een dwerg in het verhaal voor en die zegt de hele tijd Koekegoed en dat irriteert Noël enorm. ·

Hoeren: Noël krijgt twee keer per week een hoer op bezoek. Ook is hij op zijn huwelijksnacht met een hoer naar bed geweest. Hij ging toen met Nedjma naar bed. Hij is dus misschien de vader van Judith, want Nedjma is die dag met drie mannen naar bed geweest en een daarvan was dus Noël. ·

Porseleinen beeldje: Bij de notaris in de vensterbank staat een porseleinen beeldje. Een melkwitte jongeling met het opgebonden vrouwenhaar die zich vasthield aan een boomstam met afgeknotte takken. In de andere hand droeg hij een lier. Tegen zijn knie stond een boog met pijlen. Noël ergert zich mateloos aan het beeldje en hij slaat de notaris ook met het beeldje op zijn hoofd.



Motto

'Ik geef toe, het is van ons schoonste niet, maar de mens moet toch iets doen met zijn medemens, hem plagen of hem vogelen.'

De geruchten.



Verklaring: Noël is dom en daar kan hij op zich wel mee leven, maar hij wil wel bij de andere horen, daarom gaat hij mensen manipuleren (vogelen) en als dat niet lukt, dan moeten ze maar dood. Hij zegt in het boek dat er bij ons ook mensen rondlopen die het niet verdienen om te leven en al zeker niet om de baar over ons te spelen. Hij vindt dat hij mag beslissen wie er blijft leven en wie er dood gaat. Hij zegt ook dat hij het niet van harte doet, maar ja, iemand moet het toch doen. Als hij erachter komt dat Dekerspel dingen doet die niet door de beugel kunnen gaat hij hem manipuleren, hij stuurt brieven naar hem dat hij op moet houden en als hij ontslagen is gaat hij elke keer kijken wat hij aan het doen is, hij houdt hem constant in de gaten. Hij kan het maar niet laten om de mensen naar zijn hand te zetten. Als Alice van hem wil scheiden en hij wil het niet dan moet ze maar vermoord worden, omdat ze zich niet meer naar zijn hand laat zetten.



Titel

Onvoltooid verleden.

Verklaring: Iedereen heeft een verleden, maar dat verleden is niet voltooid totdat je dood gaat. Elke keer wordt het verleden weer groter en komen er dingen bij. Wat ik net getypt heb, heb ik gedaan in het verleden en wat je zo doet is over 5 minuten ook weer verleden. Pas als de mensen dood zijn is het verleden van hun en een stukje van het verleden van Noël voltooit. Het verleden met hun is dan voltooid. De rest is dus altijd onvoltooid.



Gebeurtenissen en bouw

Het boek heeft geen hoofdstukken en het begint direct met het verhoor. Dat het boek geen hoofdstukken had vond ik heel erg lastig en daarom las het boek ook helemaal niet door. Als ik normaal lees en ik heb geen zin meer, dan lees ik toch altijd nog net even het hoofdstuk uit zodat je daarna weer makkelijk kan beginnen. Dat had hier dus geen zin, zodat ik elke keer als ik opnieuw begon te lezen weer het laatste stukje even moest lezen om te kijken hoe het ook al weer ging. Het boek is verder niet echt saai en je kan je wel heel goed de situatie voorstellen. Zo'n vent die iemand verhoort dat zie je heel vaak op televisie dus dat kon ik me wel goed voorstellen. Ook andere dingen kan je je heel goed voorstellen zoals bijvoorbeeld de dood van de notaris. Er werd precies beschreven hoe het allemaal in zijn werk ging en je zag de notaris echt daar op de grond liggen. Vooral de moorden werden uitgebreid en gruwelijk beschreven. Het boek had korte zinnen en makkelijke woorden en het was heel goed te volgen. Ik vind het boek verder niet echt leuk. Er gebeurt niet echt veel en het is nou niet een boek waar je wat van leert. Ik zal het boek dan ook niet aanraden, want je kan veel beter een wel leuk boek lezen. Een boek waar wat meer in gebeurt en waar je wat meer over de personen te weten komt. Ik vind ook dat de titel en het thema haast niet terug vindt in het boek.



Personages

Noël: Hij is de hoofdpersoon en hij is gescheiden van Alice. Hij werkt in een magazijn en hij is dom en hitsig zo zegt hij zelf. Hij is vroeger van een tandem gevallen en toen is er iets beschadigd in zijn hoofd, zodat hij nu niet meer kan redeneren. Vroeger was hij namelijk de slimste van de klas, maar daar is nu niet veel meer van over. Hij is geen durver en hij heeft een broer René, maar hij weet niet waar hij zich bevindt of dat hij nog wel leeft. Hij wil niet zoveel aan het verleden denken. Hij is psychisch niet helemaal in orde en af en toe komen er bloeddorstige honden in hem op die onderdrukt met pillen, maar als hij een keer een pil vergeten is, dan komen ze heel snel weer bij hem op. Noël vindt het leuk om mensen te manipuleren en hij doet dat om ze naar zijn hand te zetten. In het begin lijkt Noël het onnozele mannetje die er niets aan kan doen dat hij dom is en die alles zo goed mogelijk probeert te doen. Hij vindt dat hij in een verkeerde wereld leeft, maar langzaam verandert het lieve mannetje in een veel minder lief iemand, hij komt er zelf ook achter dat hij steeds meer op zijn demonische broer begint te lijken. Judith: Ze is de dochter van Nedjma en ze weet eigenlijk niet wie nou haar echte vader is. Haar moeder was namelijk hoer en ze is op die dag met drie mannen naar bed geweest en een daarvan is dus haar vader. Toen Noël haar voor het eerst zag kon hij zijn ogen niet geloven. Ze had een matglimmende amberen huid. Zwart kort haar met een dieproodbruine glans. Ze heeft de ogen van Caramel. De kat van Noël. Judith komt een keer langs bij Noël en ze raken bevriend. Als haar vriend haar gedumpt heeft komt ze bij Noël wonen. Ze is heel verdrietig en ze hoort Noël zijn verhalen aan. Ze komt om bij een keukenongeluk. Zij is degene die de notaris vermoord.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen