U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Jona Oberski - Kinderjaren.
Deze versie komt van http://www.verslagen.com/index.php?page=boek_toon&boek_id=269 en is laatst upgedate op 01/01/2004.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1189 woorden.

Titel verklaring

Het boek is getiteld:"Kinderjaren," en is geschreven door Jona Oberski. Hij zal de titel gekozen hebben omdat het verhaal over een joods jongetje gaat die de oorlog meemaakte, de kinderjaren van dat jongetje dus. En het blijkt wel dat niet alle kinderjaren zo rooskleurig zijn geweest. Jona komt zelf uit een Duits-Joods gezin. Z'n beide ouders overleefden het concentratie kamp niet. Toen de oorlog uitbrak was hij 2 jaar. Je krijgt dan ook de indruk dat het boek een autobiografie is. Oberski is geen echte schrijver, hij heeft namelijk maar een boek geschreven, je krijgt dan ook de indruk dat hij dit boek geschreven heeft omdat hij iets kwijt wilde. Hij zij zelf ook:" Voor ik het opschreef heb ik het nooit zo verteld, het is denk ik een manier om al die verschrikkelijke herinneringen van je af te zetten. De eerste druk was in september van het jaar 1978 en is later in vele andere talen vertaald. Als ondertitel heeft het boek:"Een novelle," wat inhoud dat het een korte roman is, die je zo uitgelezen hebt.



Motto

Het motto is afkomstig uit:"Beemdgras en zachte dravik," van Judith Herzber en luidt:



gras, in een blauwe theepot,



apart, tussen het groeiend



uitbloeiend, doorlevend gras gezet



Ik denk dat dit een beschrijving van een concentratiekamp is, gras met een omheining tussen het andere gras gezet. En gras is gras, allemaal het zelfde. De opdracht van het boek staat achter in het boek op de laatste bladzijde, waar staat:



Aan mijn pleegouders



die heel wat met me hadden



uit te staan.



Amsterdam, 19 november 1977, 19.00 uur. Toen de ouders van het jongetje dood waren kwam hij in een pleeggezin, daarom deze opdracht.



Opbouw

Het boek is opgebouwd uit 5 hoofdstukken zonder titels, maar die zelf weer een onderverdeling hebben in subhoofdstukken met wel titels.



Samenvatting

Het hoofdpersoontje woont eerst nog 'vredig' met z'n ouders in een huis. Moeder mag op een gegeven moment geen boodschappen meer doen in een winkel waar ze altijd kwam, omdat de duitsers het de winkelier hadden verboden om aan joodse gezinnen nog spullen te verkopen. Moeder en hp worden op opgepakt en afgevoerd, maar het was een vergissing en ze mochten weer terug. De tweede keer was echter geen vergissing en moeder, hp en nu ook vader werden afgevoerd naar Westerbork. Ze dachten dat ze door de duitsers gauw naar Palestina (het beloofde land) gebracht zouden worden. De mannen en vrouwen sliepen gescheiden. Alleen overdag konden ze elkaar voor een korte tijd zien. Hp verbleef bij z'n moeder. Op een dag werden ze opgeroepen om weg te gaan, ze moesten naar het plein komen. Ze dachten dat ze nu eindelijk naar Palestina zouden gaan. Ze maakten een lange reis per trein en kwamen in een ander kamp terecht, wat later Bergen-Belsen bleek te zijn. Hier waren de mannen en vrouwen ook gescheiden. Ze konden vader alleen op een 'illegale' manier zien, ze hadden weinig te eten. Op een gegeven moment moesten moeder en zoon naar de zieken barakÜv komen, vader lag op sterven. Moeder stuurde hp weg maar hij wilde erbij zijn, omdat hij erbij was geweest hoorde hij nu bij de grotere kinderen en mocht nu ook met hen mee doen. Hij moest nog wel een aantal testen ondergaan. Hij wilde er graag bij horen, dus hij deed het. Hij moest een lange neus tegen een mof maken. De mof had echter niets gemerkt, hp kreeg er wel van langs van z'n moeder. Hij zou ook bij het ketelhuis (wat eigenlijk het knekelhuis, een huis waar de doden bewaard werden voordat ze begraven werden in het bos, was) naar binnen moeten wat hij ook deed. Hij dacht dat z'n vader daar zou zijn en ging hem zoeken. Er lagen allemaal lijken en ledematen door elkaar gesmeten, sommige in lakens en andere niet. Eva en Trude waren vriendinnen van moeder en ze zaten samen in de zelfde wagon voor de volgende reis. Moeder was in de war en zij dingen die niet waar waren, ze werd een beetje gek. Ze dachten dat ze nu naar Palestina zouden gaan. De trein stopte en na een poosje liepen er allemaal Russen buiten met gevangen duitsers. De oorlog was voorbij. Ze gingen toen naar Trá"ábitz. Moeder was ziek geworden en hp en Trude gingen haar opzoeken in het ziekenhuis. Moeder deed heel raar en smeet met van alles, eten wilde ze ook niet. Moeder was geen jodin, ze had namelijk rood haar, vader wel. Moeder overleed na korte tijd. Het werd niet direkt aan hp verteld, Trude wilde het voor later bewaren. Ze zei ook : "Het kan niet, de weg is afgesloten wat een kind natuurlijk niet begrijpt." Toen Eva dit hoorde werd ze boos en vertelde het tegen hem. Later kwam hp bij meneer Paul en z'n vrouw tante Lisa in huis (collega van z'n vader), in Mokum.



Tijd

Het verhaal speelt zich af gedurende de oorlogsjaren en een poosje daarna, de kinderjaren van het jongetje. Het verloopt chronologisch, en er zijn haast geen flashbacks wat duidelijk het leven van een kind weergeeft. Het leeft van dag tot dag kijkt niet ver vooruit en ook ver achteruit, later openbaart zich dat en dit doet Jona door een terugblik op die oorlogstijd, de jeugdherinneringen. Er staan wel hiaten in, dat kan ook niet anders, ongeveer 8 jaren in een boekje beschreven, perioden worden samengevat en een aantal opmerkelijke dingen komen naar voren.



Ruimte

De ruimte wordt niet zo duidelijk beschreven, een kind maakt zich daar niet druk om. Je krijgt wel een idee van het kamp als hij op een gegeven moment naar z'n moeder toe moet en zo tussen de barakken doorloopt en verdwaalt.



Personen

De ik-figuur is een kind en je ziet dat een heleboel dingen langs hem heen gaan, kinderen maken zich om een heleboel dingen niet druk, het wordt allemaal wel voor hun geregeld. Hij is erg aan z'n ouders gehecht en ze hebben een goede band met elkaar.



Perspectief

Het perspektief ligt bij de ik-figuur en verteld hoe hij zijn omgeving ervaart. De eenvoud waarin het boek geschreven is geeft toch duidelijk weer hoe de mensen toen dachten, en in welke situatie de joden toen verkeerden.



Motieven

-Het verliezen van onschuld, het onschuldige leven van een kind, die nog nergens kwaad in zien en wat toch gaat veranderen, door bijvoorbeeld de dood van hun ouders.

-De dood, de dood van z'n vader en moeder hebben toch wel indruk op de jongen gemaakt.

-Noodlot, de joden hadden gedurende het Hitler-regime eenÜv Ü noodlot, ook in dit boek was het niet in de eerste reis dan wel in de tweede.

-Onschuldige leven van een kind, een kind weet nog niets van rassenhaat af en wordt er op een bepaalde manier in betrokken maar begrijpt er toch niet veel van, geen enkele vorm van interpretatie te vinden in dit boek.



Thema

-Het onafwendbare noodlot, of

-Het verliezen van onschuld, door het opgroeien van de kinderen.



Stijl

Het boek heeft korte en simpele zinnen, het is geschreven in een soort kindertaal. Soms gebruikt hij wel uitdrukkingen die niet helemaal bij kinderen passen, bijv. :Er zat een donker gat in de tijd..



Genre

Het boek is een Autobiografie van een joods jongetje in de tweede Wereld-Oorlog.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen