U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : J. Bernlef - Hersenschimmen.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=6439 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2221 woorden.

J. Bernlef, Hersenschimmen

Beoordeeld door Ornée & Vermeer.



Samenvattind van de inhoud:



Biografie auteur:



J. Bernlef is het pseudoniem van Hendrik Jan Marsman,

geboren op 14 januari 1937 in Sint-Pancras (bij Alkmaar)

en opgegroeid in Amsterdam-West.



*1945: met z'n ouders naar Haarlem verhuisd

*HBS en daarna 1/2 jaar studeren aan Politiek Sociale Faculteit

*1958-1971: redacteur blad Barbarber samen met vrienden G. Stigter (ps. K. Schippers)

en G. Bron (G. Brands)

Barbarber is een reactie op zware poëzie van de Vijftigers en is tegen elke vorm van 'Kunst met

de grote K'

*1977: redacteur 'Raster', die toen in heroprichting was.

*In militaire dienst maakte hij zijn debuut met: Mijn zusje Olga

*1958-1960: Hij reisde op en neer tussen Zweden en Nederland, daar hotelwerk en schrijven.

*1959: Reina Prinsen Geringsprijs voor gedichtenbundel 'Kokkels' en 'Stenen Spoelen'.

*1960: trouwt met Eva Hoornik (literaire familie)---samen 2 kinderen.

*1965: Nog 2 literaire prijzen en een reisbeurs, hij besluit van het schrijven te leven.

*Naast eigen proza en poëzie schrijft hij literaire kritieken in een drietal kranten, vertaalt

Zweedse literatuur en schrijft toneelstukken.

*1984: Hersenschimmen, doorbraak bij groot publiek,

In anderhalf jaar 14 drukken, in andere landen uitgebracht en verfilmd ('88).

Constantijn Huygensprijs voor hele oeuvre.

*1988: AKO literatuurprijs voor Publiek geheim

*Door Bernlef-hausse werd oud werk succes ( Sneeuw, Meeuwen, Onder ijsbergen)



Ander belangrijk werk:



1973 Sneeuw

1975 Meeuwen

1981 Onder ijsbergen

1987 Publiek geheim



Centrale thema van de auteur:



Het centrale thema van Bernlef is het waarnemingsthema. Daaronder valt het streven naar onzichtbaarheid (het verdwijnen), geheugenverlies (het vergeten) en de

toeëigening (vervalsing, plagiaat en ontvreemding).

Op het eerste gezicht lijken de boeken werkelijkheidsgetrouw. Toch blijkt bij nader inzien dat de kijk die Bernlef ons op de werkelijkheid gunt, een objectieve en onvolledige kijk is.

Veel personages in de romans van Bernlef proberen zo onopvallend mogelijk waar te nemen. Tevens wil hij hiermee de eenzaamheid van anderen, als bijvoorbeeld stadsmensen en gevangenen tonen.



Opbouw verhaal:



Het verhaal wordt verteld in negen achtereenvolgende dagen. Een cursief gedrukte zin duidt op een nieuwe dag. Het verhaal wordt niet chronologisch verteld, want het wordt steeds onderbroken door herinneringen van Maarten, die op een gegeven moment de overhand nemen. Na negen dagen is de persoon Maarten verdwenen.



Personages:



Hoofdpersonages::



* Maarten Klein is 72 jaar, wordt dement, denkt aan het verleden en heeft geen besef van tijd, hij heeft een kinderlijke gedachtegang en is verstrooid.

Hij is een Nederlander in de USA en geraakt in een isolement.

*Vera Klein is de vrouw van Maarten, ze is toeschouwer en slachtoffer van de aftakeling



Samenvatting:



Het verhaal gaat over Maarten Klein. Samen met zijn vrouw Vera woont hij als Nederlander in de VS, Gloucester. Maarten is gepensioneerd en woont nog steeds in zijn dienstwoning. Voor zijn pensionering werkte hij bij de IMCO (Intergovernmental Maritime Consultative Organisation), een internationale visserijorganisatie.



Het verhaal begint op een winterse zondag, buiten ligt sneeuw. Zoals elke ochtend wacht Maarten op de schoolkinderen, die straks door de schoolbus zullen worden opgehaald. Vera zegt hem dat het zondag is en middag bovendien. Het is niet de eerste keer dat Maarten zoiets vergeet. En ook hij realiseert zich dat zijn herinneringen aan het verdwijnen zijn.

Een blik op de buitenthermometer brengt zijn gedachten weer naar het verleden, naar Domburg, zijn ouders, school en opa & oma. Zijn herinneringen aan de bewaarschool leiden ertoe dat hij op een stoel klimt om een potlodendoos te zoeken in de veronderstelling dat hij in het materiaalhok van de school is.

Maarten beseft wel dat er iets aan de hand is, maar hij is al niet meer in staat wat er met hem gebeurt onder woorden te brengen. Het lijkt wel of zijn hoofd lek is, of zijn besef van de wereld met het uur minder wordt (Citaat blz.24).

's Middags ziet Maarten een boek op tafel liggen met een buskaartje erin. Maarten denkt het boek voor het eerst te zien en van het buskaartje weet hij ook niets af. Maar dan herinnert hij zich weer dat hij het boek zelf gekocht heeft en de busreis zelf gemaakt heeft.



Aan het eind van de middag vraagt Vera aan Maarten of hij de krant stukgescheurd heeft. Hij weet dat hij het gedaan kan hebben, maar is het vergeten en voelt schaamte.

Die avond, zoals elke zondagavond, eten ze pizza. Dat geeft aanleiding tot het ophalen van herinneringen aan hun vakantie in Rome. Maarten weet hier niets meer van, maar weet dit goed verborgen te houden.



De volgende dagen vindt bij Maarten een versneld dementeringsproces plaats. Zijn hoofd is inderdaad lek: alle betekenis sijpelt weg.



Op maandagochtend brengt Maarten Vera ontbijt op bed. Maarten heeft suiker in Vera's koffie gedaan, maar Vera gebruikt al tien jaar geen suiker meer. 'Verstrooidheid', zegt Maarten (Citaat blz.28).

Na het ontbijt gaat Maarten, zonder iets tegen Vera te zeggen, wandelen met hun hond Robert. In een café denkt hij Karen, zijn eerste liefde, te zien. Als hij beseft dat dat niet kan gaat hij weer verder. Robert is hij inmiddels al lang vergeten en de hond is zelf terug naar huis gelopen. Vera besluit dan om hem te gaan zoeken. Als Vera hem gevonden heeft, vraagt Maarten of ze zich kan herinneren hoe zij hand in hand over de dijk liepen. Vera begrijpt er niets van, begrijpelijk want hij bedoelde Karen.

's Middags komt Ellen Robbins, die in de buurt woont, op bezoek. Maarten vraagt hoe het met Jack, haar man gaat. Jack blijkt echter al jaren geleden te zijn overleden.



Als Maarten piano gaat spelen denkt hij terug aan zijn vroegere pianolerares, Greet Laarmans, op wie hij als kind verliefd was. Hij gaat vandaag vroeg slapen.

Als Maarten opstaat, is Vera niet thuis. Hij denkt dat ze naar de bibliotheek is, waar ze vrijwilligerswerk doet.

Na de koelkast geplunderd te hebben, wil hij naar zijn werk. Maar alle deuren zijn op slot, dus forceert Maarten een deur, want hij moet naar een IMCO-vergadering. Onderweg forceert hij ook de deur van een leegstaand zomerhuisje in de veronderstelling dat dat het kantoor is. Hij vraagt zich wel af waar de anderen blijven.

Thuis vertelt Vera hem dat de laatste IMCO-vergadering vier jaar geleden was en dat ze al heel lang niet meer bij de bibliotheek werkt.



Met foto's probeert Vera Maartens herinneringen te ordenen. Hoe dichter de foto's bij het leven nu komen, hoe onduidelijker en raadselachtiger ze lijken te worden. Na de foto's gaat Maarten even slapen. Als hij wakker wordt, denkt hij dat hij als kind bij opa logeert.



's Middags komt de huisarts Eardly langs en adviseert Maarten binnen te houden, veel te laten rusten en pillen te laten slikken. Ook William Cheever, de buurjongen, komt langs. Hij brengt altijd de boodschappen. Maarten vraagt naar zijn hondje Kiss, maar Kiss blijkt ook al een tijdje geleden overleden te zijn.



Een tv-programma brengt Maarten naar de 2e W.O. Hij was toen verloofd met Karen. Opeens wil hij knielen voor Vera, wat hij 50 jaar geleden voor Karen had willen doen.

Na het ontbijt wil Maarten Robert uitlaten. Vera houdt hem tegen. Hij denkt nu dat Vera zijn moeder is.



Als Vera bij Ellen Robbins is, slaat Maarten een ruit kapot om Robert binnen te laten. Vera had Robert zichzelf laten uitlaten.

Als Vera terugkomt roept hij: "Ik ben hier oma".

De verwarring in Maarten wordt steeds groter en de momenten waarop hij nu weer kind, dan weer volwassene is, volgen elkaar steeds sneller op. Dan is hij als kind bij zijn opa en oma, dan bij zijn ouders en dan weer is hij de vader die op zijn twee kinderen wacht.



Dr. Eardly komt langs om Maarten een injectie te geven, maar Maarten slaat de spuit uit zijn hand. Hij is bang dat de injectie een waarheidsserum bevat, waarmee de nazi's hem iemand willen laten verraden. Een moment later denkt hij dat er vloeibaar voedsel in de injectie zit en dat Eardly een Amerikaanse bevrijder is.

Vera helpt Maarten met wassen en aankleden. Eerst denkt Maarten dat Vera zijn moeder is, dan dat hij met Vera naar de verjaardag van zijn vader gaat en dan dat hij naar zijn werk moet.

Vandaag komt Phil Taylor langs. Zij komt bij het echtpaar wonen als gezinshulp.



Maarten snapt niet wie Phil is, hij verwart haar met zijn dochter.



Als Maarten wakker wordt, is hij vastgebonden.

Phil kijkt met Maarten foto's door. Hij herkent Vera en zichzelf niet meer.



Als Vera thuiskomt, wil ze dat Maarten gaat rusten. Maarten ontsnapt echter ongezien naar buiten, zonder jas, op zoek naar de lente. Als hij over een schelpenpad loopt is hij weer kind. Tom, de vuurtorenwachter, brengt hem in zijn jeep naar huis. Maarten denkt dat het 1945 is.

Hij krijgt een injectie en valt in slaap.

's Nachts wordt Maarten wakker met hoofdpijn en dorst. Hij staat op en beneden verbrand hij alle foto's uit het fotoalbum. Een vrouw (Vera) leest Maarten voor. Later wordt hij opgehaald en is op weg naar een inrichting.



Maarten zit in een inrichting. Iedereen en alles is vreemd voor hem. Hij leeft in een totaal andere wereld.

Maartens waarneming bestaat uit niet meer dan acht regels. Maarten hoort de stem van een vrouw die fluistert dat het raam gemaakt is en dat de lente begint.



Opvallende zaken:



Perspectief:



Voor het grootste gedeelte van het boek is er sprake van een ikvertelsituatie, waarin de 'ik' hoofdpersoon is in het verhaal. De ikverteller is echter niet geheel betrouwbaar; de lezer heeft al snel in de gaten dat de ikverteller lijdt aan dementie. Deze ziekte verloopt merkbaar snel: de taal (Maartens taal) verbrokkelt naarmate de roman vordert, de ikverteller vertrouwt bekende personen niet meer, verwart personen, tijden en plaasten, is soms een klein kind en even later weer de oude man die hij in werkelijkheid is.



De lezer is echter in staat de niet altijd betrouwbare waarneming van de ikverteller te controleren: Maarten vangt flarden van gesprekken op die zijn toestand betreffen. Die gesprekken geeft de ikverteller feilloos weer.



Aan het eind van het boek, als Maarten in een inrichting zit, is er geen sprake meer van een zuivere ikvertelsituatie. Maarten praat tegen zichzelf (in de jijvorm) of over zichzelf (in de hijvorm) (Citaat blz. 163). Deze subtiele verschuiving in de vertelsituatie, die samengaat met de toenemende verbrokkeling van de taal, illustreert het verlies van zijn identiteit en het vervreemden van de wereld.



Tijd:



Het verhaal speelt zich af rond 1982. Maarten vertrok in 1967 uit Bonn en is nu 15 jaar in de VS. De verteltijd is 160 bladzijden, de vertelde tijd (inclusief flashbacks) is ongeveer 65 jaar, van ver voor de 2e W.O. tot in 1982.



De gebeurtenissen tijdens de negen achtereenvolgende dagen worden in de tegenwoordige tijd verteld, net als de andere herinneringen.



Het begrip tijd is een belangrijk aspect in deze roman, waarin Maarten steeds meer zijn greep op de werkelijkheid verliest, mede omdat hij zijn besef van tijd kwijtraakt. Hij vergeet de dingen uit het nabije verleden, maar gebeurtenissen uit het verre verleden herinnert hij zich soms nog heel precies.



Ruimte:



Maarten en Vera wonen al zo'n vijftien jaar in de VS, in het stadje Gloucester ten noorden van Boston. In de flashbacks speelt Nederland een grote rol, met name de kustgebieden van Zeeland en Noord-Holland. Ook zijn er herinneringen aan Parijs (eerste liefde).



De situering van de dementerende Maarten en zijn vrouw Vera in dit winterse, verlaten kustgebied in de VS is niet toevallig. Het echtpaar bevindt zich geografisch en sociaal in een isolement (kinderen en Boston).

De ruimte-elementen 'Amerika' (ander land, andere taal) en 'sneeuw' (geen onderscheid meer tussen de dingen, alles lijkt op elkaar en vervlakt) spelen een belangrijke rol.

Herhaaldelijk geeft Maarten de winter de schuld van zijn vergeetachtigheid, hij verlangt naar de lente.



Motieven:



*herinneringen

*sneeuw

*winter

*depersonalisatie---jijvorm als vervreemding van jezelf

*onvindbare levensordening

*waarnemingen en feiten

*de taal, hij gaat weer Nederlands praten



Motto:



'We beginnen samen aan een ontroerende droom, maar worden gescheiden wakker'

(Vertaling)



Titelverklaring:



Hersenschimmen verwijst naar de schimmen (inbeeldingen) van wat Maarten denkt.

Door het proces valt zijn leven in schimmen (flarden) uit elkaar.



Oordeel hoofdpersonen:



Met beide hoofdpersonen leef je erg mee. Maarten heeft geen controle meer over zichzelf en kan daar niets aan doen. Het bijzondere is dat hij alles wat er met hem gebeurt nog wel heel duidelijk kan beschrijven. En als hij het niet duidelijk kan beschrijven, wordt wat hij bedoelt nog steeds duidelijk, juist omdat het zo verwarrend is, want zo voelt hij zich op dat moment dan ook. Vera kijkt toe, maar is ook slachtoffer. De persoon waar ze zo van houdt vervaagt meer en meer en dat is triest om mee te maken.



Opvallends aan het verhaal:



Heel opvallend aan het verhaal is, dat je bij alle gebeurtenissen zo dicht bij Maarten staat. Je kunt alles meemaken, stapje voor stapje, en doordat Maarten beschrijft wat hij voelt, voel jij wat Maarten voelt. Zo erg dat jij er niets meer van begrijpt op den duur, omdat Maarten dan helemaal niet meer echt in deze wereld leeft.



Ergernis & opwinding:



Wat wij lastig vonden is, dat je van de laatste twee hoofdstukken helemaal niets meer begrijpt. Ook al lees je het telkens opnieuw, je begrijpt er niets van, terwijl je het wel wilt begrijpen. Maar dit is juist de bedoeling van de schrijver; zo gaat het met dementerende mensen.



Eindoordeel:



We vonden het een aangrijpend boek. Het is heel tragisch om te lezen dat je op deze manier zo van iemand kan vervreemden. Omdat je ook echt helemaal in het verhaal kunt gaan zitten, omdat het boek een ikperspectief heeft en die ikpersoon nou net de hoofdpersoon is, beleef je alles van heel dichtbij en stapje voor stapje.

We kunnen het boek aanraden om te lezen. Het is niet moeilijk te lezen, een groot deel van het verhaal bestaat uit fragmenten waarin Maarten dingen vergeet of beschrijft wat hij voelt. Soms moet je terugbladeren om het verhaal goed te begrijpen.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen