U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Boudewijn Buch - Het Dolhuis.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1049 en is laatst upgedate op 14/10/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2480 woorden.

Titel

Het dolhuis



Auteur

Boudewijn Büch



Uitgeverij De Arbeiderspers, zestiende druk, 1997.



Samenvatting

Winkles is negen jaar oud en hij heeft een goede band met zijn ouders en zijn broers. Hij houdt veel van zijn vader, maar deze relatie is zeer eigenaardig. Winklers moeder verwijt vader regelmatig dat hij verboden gevoelens koestert voor zijn zoon. Winkler gaat vaak met zijn vaader vissen bij de Zonnehoekbeek. Op een dag drukt vader de ontklede Winkler tegen zich aan, maar schrikt. Hij twijfelt of hij er wel goed aan doet om zo met zijn zoon om te gaan. Winkler beseft nog helemaal niet dat hij iets doet wat niet kan, maar hij houdt van zijn vader en dit hoort er gewoon bij.



Een jaar later moet Winkler naar Huize Kindervrede, zijn moeder zegt dat het een vakantie- kolonie is maar het is gewoon een gekkenhuis. Bij aankomst wordt hij opgevangen door zuster Makela, die hem patiëntje Brochhaus noemt. Winkler protesteert meteen, want hij is niet ziek. Dit kost hem zijn eerste oorvijg en er zullen er nog veel volgen. Het verblijf is gekenmerkt door diverse lichamelijke en geestelijke straffen. De patiëntjes mogen niet spreken of lezen en ze moeten drie keer per dag naar de kerk. Als Winkler op een dag een dubbele corvee moet uitvoeren, moet hij samen met Tommie aardappels schoonmaken en ontpitten. De aardappels moeten vervolgens in pannen met kokend water gedaan worden. Tommie laat daarbij per ongeluk het mesje in de pan vallen. De kok dwingt hem het mesje eruit te halen en Tommie valt in de pan met kokend water, hij gaat dood. Zuster Makela geeft Winkler de schuld. De jongens besluiten een club op te richten voor Tommie, die voor hen een soort geheime held is geworden.



In de winter mag de verwarming helemaal niet hoog want dat zou leiden tot zelfbevlekking en opstanden. Als Winkler een brief aan zijn vader schrijft mag hij alleen maar leuke dingen schrijven. Gesprekken met de psychiaters leveren niets op, ze willen weten wat er precies gebeurde als Winkler met zijn vader ging vissen, maar op den duur beseft Winkler dat hij beter niks kan zeggen. Enkele dagen na zijn laatste behandeluur mag Winkler naar huis. Hij moet alleen met de trein en op het perron verbaast Winkler zich over de vriendelijkheid van de mensen om hem heen, dat is hij helemaal niet meer gewend.



Als hij thuis komt lijkt de relatie met zijn vader definitief verbroken te zijn. Zijn moeder wil niet dat ze nog in een ruimte samen zijn. Winkler moet zelf alleen eten. In de jaren daarna heeft Winkler moeite met het opbouwen van relaties. Hij is depressief, doet een zelfmoordpoging en bezoekt een hoop therapeuten. Niemand kan hem helpen. Op advies van zijn vriendin Evelien bezoekt Winkler het gekkehuis en hij gaat naar het graf van Tommie. Tommies graf is echter al weg en hij ziet alleen de steen nog maar.



Als hij na afloop van een bijeenkomst van een geografisch dispuut per trein terug reist neemt er een man naast hem plaats. Het is Joop van Barten, Winkler kent hem niet, hij werkte in Huize Kindervrede. Enkele dagen later krijgt Winkler een brief van Joop waarin hij een brief van Winkler meestuurt die hij ooit aan zijn vader had geschreven, maar die nooit verstuurd was.



Als Winkler in Tunis is hoort hij dat zijn vader is overleden. Op de begrafenis spreekt hij met mevrouw Sprong. Zij vertelt hem dingen over de liefde tussen hem en zijn vader en dat het hele dorp wist wat ze samen deden. Het gesprek hield hem bezig, hij wil weten waarom hij naar Huize Kindervrede werd gestuurd, maar elke keer als hij het zijn moeder vraagt dan zegt ze dat hij het moet laten rusten. Het had niets met zijn vader te maken, hij was gewoon een nerveuze en onhandelbare jongen. Hij brengt opnieuw een bezoek aan mevrouw Sprong en zij vertelt hem over de tijd dat ze bij de familie kwam wonen. Ze had jaren voor het huwelijk tussen Winklers ouders al een verhouding met zijn vader, daarom kwam ze bij hun inwonen als een soort huishoudster. Ze vertelt dat zijn vader alleen gelukkig kon zijn als hij andere pijn deed.



Winkler gaat naar zijn moeder en vertelt wat mevrouw Sprong heeft vertelt. Hij vraagt waarom ze niet van zijn vader gescheiden is, dan onthult ze uiteindelijk de waarheid. Als 15-jarig meisje was ze een hoer en zijn vader had haar uit de prostitutie gehaald. Hij bleek een ziekelijke seksuele behoefte te hebben. Als ze bij hem weg zou gaan dan zou hij overal vertellen dat ze een hoer was geweest.



*In het boek staat alles door elkaar.



Thema

Het boek gaat over de gevolgen die een opsluiting in een inrichting tot latere gevolgen heeft.

Verklaring: Winkler moest naar een inrichting zonder dat hij eigenlijk ziek was. Hij moest naar die inrichting omdat hij seksueel contact had met zijn vader. In deze inrichting heeft hij veel meegemaakt en dat houdt hem op latere leeftijd nog steeds bezig. Hij is vaak eenzaam en hij wil het liefst dood. Hij wil ook weten waarom hij nou eigenlijk opgenomen is, maar zijn moeder geeft daar elke keer geen antwoord op. Hij lijkt het maatschappelijk goed voor elkaar te hebben hij wordt nog dagelijks achtervolgd door een hardnekkige treurigheid, 'zelfs in mijn slaap ben ik somber' zei hij eens tegen een vriendin.



Motieven

Vader-zoonrelatie: Winkler heeft een goede relatie met zijn vader. Ze gaan vaak vissen samen en Winkler houdt van zijn vader. Deze relatie heeft echter wel tot gevolg dat Winkler naar de inrichting moet. Hij heeft seksueel contact met zijn vader en het hele dorp weet dat. Winkler is nog veel te jong om te begrijpen dat het niet goed is. Als hij terug komt uit de inrichting dan is de band met zijn vader helemaal weg. Zijn moeder wil dat ze niet meer bij elkaar in de buurt komen en daarom moet Winkler zelfs alleen eten.

Dood: Winkler is getuigen van Tommies dood. Hij is hier erg van onder de indruk en hij richt ook de Heilige Tommie club op. Winkler wil zelfs het liefst dood. Hij zegt wel eens dat hij is getrouwd met de dood. Hij denkt elke minuut van de dag aan de dood. Ook de dood van zijn vader maakt veel indruk op hem. Als hij met mevrouw Sprong heeft gesproken overlijdt zij drie weken later.

Eenzaamheid: In het tehuis mag Winkler niet praten en niet lezen. Hij is heel vaak aan het dagdromen en hij is heel eenzaam. Hij snapt niet waarom hij is opgenomen en er komt ook nooit iemand langs. Als iedereen in het weekend met zijn ouders weggaat dan zit Winkler alleen in het tehuis omdat niemand hem op komt zoeken. Ook later is hij vaak eenzaam. Al zijn vriendinnen lopen na een tijdje bij hem weg en dan is hij weer alleen. Hij gaat ook vaak op reis voor zijn werk en dan zit hij ook alleen.

Liefde: Winkler houdt van zijn vader en hij houdt ook van zijn vriendinnen. Hij snapt helemaal niet waarom zijn vader zo vreemd doet als Winkler uit het tehuis komt en hij vindt het ook helemaal niet leuk.

Seks: Winklers vader bleek een ziekelijke seksuele behoefte te hebben. Het maakte niet uit met wie: kleine jongens, oude vrouwen.. Winklers vader had eerst een verhouding met mevrouw Sprong, toen kreeg hij wat met Winklers moeder. Volgens zijn moeder was hij ook geen onbekende bij de hoeren. Ook had hij seks met Winkler en ook een keer met een van zijn broers.

Vissen: Winkler gaat altijd met zijn vader vissen bij de Zonnehoekbeek. Niemand anders gaat mee en Winkler en zijn vader doen daar dingen die niet toegestaan zijn.

Zenuwen: Winkler is altijd heel erg zenuwachtig en nerveus, daarom moet hij naar de inrichting, zegt zijn moeder. Ook als hij ouder is blijft hij nerveus.

Zelfbevlekking: In het tehuis mag de verwarming in de winter niet hoog, want dat zal leiden tot dagdromen en zelfbevlekking. Winkler weet niet eens wat zelfbevlekking nou eigenlijk is, maar toch zeggen ze dat hij ook aan zelfbevlekking doet.

Verleden: Winkler heeft heel veel last van zijn verleden. Hij blijft er maar over nadenken en dat is de oorzaak van zijn depressieteid.

Opvouwen: In de inrichting moet Winkler alles netjes en zo klein mogelijk opvouwen. Als hij aankomt moet hij zijn kleren uitdoen en zo klein opvouwen dat het op het krukje past zonder dat het eraf valt. Ook moeten ze elke dag hun beddengoed opvouwen en netjes aam het eind van het bed leggen.

Zonneschijn: Toen Winkler in de inrichting zat kwam de zon altijd door de ramen heen en dat gaf hem nog enigszins het gevoel dat er toch nog iets anders was als de inrichting.



Motto's

'Krankzinnigheid is eene ziekte, waarbij de werkzaamheid van geest en gemoed, gewoonlijk zonder koorts, zoodanig belemmerd is, dat de lijder, in meerderre of mindere mate beroofd van het vrije gebruik van rede, verstand en wil, verkeerd spreekt en verkeerd handelt.'

Geïllustreerde Encyclopaedie (…) onder hoofdredactie van A. Winkler Prins (Rotterdam 1886, negende deel, p.593)



'Kind (Infans), das menschliche Individuum von seiner Geburt an bis zum Eintritt der geschlechtlichen Entwichklung.'

Brockhaus' Konversations-Lexikon (Berlin und Wien 1898, zehnter Band, S.337)



'Niets werd er voor hogere wijsheid gehouden dan het streven god te dienen. Daamaan moest, van de vroege ochtend tot de vroege avond, alles ondergeschikt worden gemaakt.'

Anoniem (1981)



Verklaring van de motto: De motto gaan over Winkler en over zijn vader. Het gaat erover dat hij 'gek' was en dat hij gek was. Ook zijn vader was eigenlijk ziek, eigenlijk was hij nog zieker dan Winkler, want Winkler was helemaal niet ziek. Ook moest Winkler elke keer naar de kerk, omdat ze in het gekkenhuis dachten dat God de enige was die hen nog kon helpen. Winkler was niet meer te helpen en daarom mocht hij naar huis.



Titel

Het Dolhuis.

Verklaring: Het dolhuis staat voor het gekkenhuis. Als Winkler weer thuis is komt er op een dag een meisje, ze heet Stefanie. Ze komt uit België en ze wil goed Nederlands leren spreken. Ze komt een paar maanden bij Winkler en zijn familie in huis wonen. Op een dag als Winkler en zij aan het wandelen zijn vraagt Winkler of ze zijn vriendin wil worden maar dan zegt ze dat, dat niet mag van Brit omdat Winkler in een 'dolhuis' heeft gezeten.



Gebeurtenissen en bouw

Het verhaal is heel makkelijk geschreven en goed te begrijpen het is alleen niet chronologisch verteld. Het boek is verdeeld in twee delen. Do ongenummerde hoofdstukken beschrijven afwisselend het verblijf van Winkler in het gekkenhuis en de volwassen Winkler. Deel 1 bevat 23 hoofdstukken en deel 2 bevat 14 hoofdstukken. Het eerste deel begint met 'Winkler Brockhaus en de dag' en eindigt met 'Winkler Brockhaus en de nacht'. Het verhaal speelt zich af in de jaren 50. Het boek is niet spannend maar als je je net af gaat vragen hoe iets is gebeurd of wanneer iets eindigt, dan wordt het antwoord je meteen gegeven. Alles loopt makkelijk in elkaar over en is goed te volgen. Sommige stukken zijn echter wel heel saai en die kan je beter overslaan. Het boek bevat niet echt leuke of spannende stukjes. Ik kan me niet echt voorstellen hoe Winkler zich moet voelen, ik kan me alleen best voorstellen dat hij zich er niet van bewust dat de dingen die hij met zijn vader doet niet goed zijn. Dat zal ik ook niet weten als ik zo oud was. Ik vind alleen dat de schrijver meer aandacht aan het leven van Winkler had moeten besteden toen hij ouder was. Over de inrichting lees je iedere keer hetzelfde, als de schrijver i.p.v. elke keer weer de inrichting beschrijven iets meer over zijn leven, toen hij ouder was, had verteld, dan was het boek misschien wat minder saai geweest.



Personages

Winkler Brockhaus: Winkler wordt in een inrichting opgesloten hij heeft geen idee waarom. Volgens hem is er niks met hem aan de hand. Zijn ouders zeggen dat, dat is omdat hij een beetje nerveus en gespannen is. In de inrichting maakt hij een hele hoop mee. Ze zijn er heel streng en Winkler voelt zich er helemaal niet thuis. Winkler heeft altijd een 'goede' band met zijn vader gehad. Toen hij uit het tehuis kwam was deze band helemaal weg, dit komt omdat Winklers vader van zijn moeder niet meer alleen met Winkler in een ruimte zijn. Winkler snapt er niks van hij moet zelfs alleen eten. Volgens zijn moeder is dit omdat hij lekkerdere dingen te eten krijgt dan de rest van de familie en het is beter als zijn broers dit merken. Als Winkler ouder is krijgt hij veel last van zijn verleden. Hij blijft zich maar afvragen waarom hij naar de inrichting moest. Zijn moeder wil echter elke keer niets zeggen en ze vindt dat Winkler het verleden maar moet laten rusten. Winkler kan dit echter niet. Op een dag gaat hij naar mevrouw Sprong, zij vertelt dat ze wat heeft gehad met zijn vader, ook toen hij al met zijn moeder getrouwd was en dat zijn vader verslaafd was aan seks. Hij had ook seks met Winkler en daarom moest Winkler naar de inrichting. Met deze informatie gaat hij naar zijn moeder toe en zij vertelt waarom ze toch altijd bij zijn vader is gebleven. Winkler is heel depressief en hij wil elke keer dood. Hij heeft wel wat vriendinnen gehad, maar die laten hem elke keer alleen achter. Ze vinden hem wel aardig, maar ze willen niet hun verdere leven met hem delen.



Vader Brockhaus: deze man is een soort oversekst hij wil alles met iedereen en het haalt hem niet uit hoe en wanneer. Hij koestert verboden gevoelens voor zijn zoon en heeft een verhouding met de veel oudere mevrouw Sprong, daarom woont zij ook nog steeds bij hen in huis. Hij kan pas gelukkig zijn als andere mensen ongelukkig zijn. Hij vindt het leuk om andere mensen te kwetsen. Nadat Winkler van het tehuis terug komt doet hij heel lullig tegen hem. Winkler weet niet waarom hij dat doet. De vader mag van de moeder niet meer met Winkler in een ruimte zijn, omdat de moeder denkt dat de vader weer verboden dingen met Winkler gaat doen.



Moeder Brockhaus: Ze i een ongelukkige vrouw. Ze is ongelukkig getrouwd, maar wil niet van haar man scheiden omdat ze bang is dat hij dan gaat vertellen wat voor een werk zij vroeger gedaan had. We weet dat haar man van alles met Winkler en met mevrouw Sprong doet, maar ze durft er niets van te zeggen. Pas naar lang aandringen vertelt de moeder wat er werkelijk aan de hand is, waarom Winkler na het tehuis moest enz.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen