U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Ferdinand Bordewijk - Karakter.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/983 en is laatst upgedate op 04/11/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 896 woorden.

Waar speelt het verhaal zich af?

Het verhaal speelt zich af te Rotterdam, hoofdzakelijk in het advocatenkantoor en in het huis van Jacoba Katadreuffe.



Samenvatting van de belangrijkste gebeurtenissen.

Jacob Willem Katadreuffe is de zoon van de ongehuwde Jacoba Katadreuffe. Zij heeft zich in een zwak moment aan Dreverhaven gegeven en omdat ze zichzelf deze zwakheid niet vergeeft, weigert ze met hem te trouwen. Joba heeft een ijzersterk karakter en ze aanvaardt van niemand hulp. Katadreuffe erft dat karakter. Hij begint met allerlei kleine baantjes en hij koopt ook een sigarenwinkeltje, maar dat gaat failliet door toedoen van zijn vader. Tenslotte vindt hij een baantje op het advocatenkantoor van Mr. Stroomkoning omdat één van de advocaten iets bijzonders in hem ziet. Katadreuffe wil vanaf nu ook advocaat worden. Hij studeert heel hard tussen zijn werk door. Zijn ambities zijn zo groot dat hij zijn liefde voor Lorna te George verdringt. Pas jaren later krijgt hij daar spijt van. Zijn vader vraagt voor de tweede keer zijn faillissement aan. Katadreuffe zoekt hem op om iets te regelen, maar Dreverhaven is keihard, hij moet gewoon betalen zoals elke andere debiteur. Ondertussen krijgt Katadreuffe op kantoor promotie. Hij studeert nog steeds voor zijn staatsexamen dat hij met glans haalt. Lorna te George neemt ontslag, omdat ze de spanning die de onuitgesproken relatie tussen haar en Katadreuffe met zich meebrengt, niet meer aankan. Katadreuffe heeft zijn doel bereikt: hij is advocaat. Hij merkt dat zijn moeder het geld dat hij haar elke maand gaf, op een spaarrekening voor hem heeft gezet. Zij heeft niets van hem willen aannemen, zoals ook hij nooit een gunst van zijn medemensen heeft aanvaard. Bij de laatste ontmoeting tussen vader en zoon vertelt Katadreuffe hem dat hij hem niet meer als zijn vader erkent. Hij verwijt zijn vader dat hij hem altijd heeft tegengewerkt, waarop Dreverhaven fluisterend antwoordt: "Of méégewerkt? ..." Deze woorden spoken nog lang door Katadreuffes hoofd.



Formuleer het thema van het boek

Het conflict tussen een vader en zijn zoon.



Wat is het verband tussen de titel en het thema / het verhaal van het boek?

Het hele verhaal wordt overheerst door de ontzettend sterke karakters van Jacob Willem Katadreuffe, Jacoba Katadreuffe en Dreverhaven. Katadreuffe wil alles zelf leren en zoals zijn moeder aanvaardt hij van niemand hulp. Hij wil zijn doel op eigen houtje bereiken.



De personages

Schematiseer de onderlinge relaties tussen de belangrijkste personages; Onderscheid hoofd- en nevenpersonages.



Jan Maan, Joba en Katadreuffe wonen alledrie in hetzelfde huis. Katadreuffe woont dus aanvankelijk gewoon bij zijn moeder. Jan Maan is een huurder die het ouderlijk huis is ontvlucht omwille van een ruzie met zijn ouders. Beide jongens kunnen het uitstekend met elkaar vinden en ze spreken Joba aan met 'moeder'.

In de loop van het verhaal veranderen de onderlinge relaties. Katadreuffe gaat meer en meer zijn eigen weg. Ook Jan Maan verlaat een paar keer het huis, maar hij keert steeds terug. De relatie tussen Jan en Katadreuffe is tegen alle moeilijkheden opgewassen. De eigenzinnige karakters van Joba en Katadreuffe botsen wel eens, maar ze blijven van elkaar houden. Toch praten Jan en Katadreuffe steeds over 'haar' of 'zij', nooit over 'moeder'.



Beschrijf twee personages zowel uiterlijk als innerlijk.

1. ~ Dreverhaven is een wrede, meedogenloze deurwaarder die plezier schept uit het onteigenen van arme gezinnen. Hij is een kerel van graniet met een hart slechts in de letterlijke zin van het woord. Hij is een man van de wet die het zijn zoon zo moeilijk mogelijk probeert te maken. Later blijkt echter dat hij dit enkel deed om van Katadreuffe een sterke en zelfstandige man te maken.

~ Dreverhaven is en breedgeschouderd man, zwaar zonder buikigheid, een keiharde kop op een korte brede hals, op de kop een zwarte flambard.



2. ~ Jacoba Katadreuffe is in het begin van het verhaal een geëmancipeerde vrouw met een sterk karakter en boordevol wilskracht. Naarmate het verhaal vordert, komt zij niet meer sterk uit voor haar mening en verzwakt ze. Jacoba behoudt haar sterk en eigenzinnig karakter, maar haar wilskracht wordt door haar ziekte opgeslorpt.

~ Joba is een vrouw met een onschuldige schoonheid en heel bijzondere ogen. Ze had kleine roodachtige werksterhanden, dik, kinderlijk en stevig.



De auteur

Ferdinand Bordewijk werd op 10 oktober 1884 in Amsterdam geboren. Hij stierf op 28 april 1965. Toen hij klein was verhuisde hij naar Den Haag. In 1904 ging hij rechten studeren in Leiden. In 1913 wordt hij beëdigd als advocaat. In 1914 trouwt hij met de componiste Johanna Roepman. In 1916 debuteert hij onder het pseudoniem Ton Ven met de poëziebundel Paddestoelen. Bordewijk bereikt pas een breed publiek in 1938 met Karakter.

Andere werken van Bordewijk: Fantastische vertellingen, Blokken, Knorrende beesten, Bint, Rood paleis, De wingerdrank, Eiken van Dodona, Apollyon, Bloesemtak, ...



ALGEMENE APPRECIATIE

Toegekende punten op 5?

4 = goed



Motivatie?

Ik vind het een heel realistisch boek, met een oude sfeer, die uitstekend bij het boek past. Het boek heeft me ook geleerd dat wanneer men een duidelijk doel voor ogen heeft, men er altijd in zal slagen om het te bereiken. Men moet alleen in zichzelf geloven en een portie doorzettingsvermogen bezitten.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen