U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : J. Bernlef - Onder Ijsbergen.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/930 en is laatst upgedate op 14/12/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2912 woorden.

Boekbeschrijving

J. Bernlef, Onder ijsbergen. De eerste druk, voor Querido, verscheen in 1981. Op de omslag staat een blikje Tuborg-bier. Het boek heeft 167 bladzijden, onderverdeeld in 5 hoofdstukken en een epiloog. Elk hoofdstuk beslaat een dag, van woensdag 2 juli 1975 tot en met zondag 6 juli 1975. Elke dag is weer onderverdeeld in kleinere stukjes, die doorlopend genummerd worden.



Samenvatting van de inhoud

Woensdag 2juli 1975

De bijna 63-jarige Jakob Olsen uit Denemarken wordt als waarnemer naar Groenland gestuurd om een mogelijke gerechtelijke dwaling te onderzoeken. Enkele jaren eerder heeft Jón Eira, behorend tot de oorspronkelijke Eskimo-bevolking, zijn krankzinnig geworden grootmoeder vermoord. Tijdens de behandeling van zijn zaak, in 1973, komt het tot een conflict in de rechtszaal. De leden van de dorpsgemeenschap Eqe, waartoe Jón Eira behoort, bepleiten een collectieve straf omdat zij ook samen besloten hebben de vrouw te doden. Volgens de inwoners van het dorp huisde er in de vrouw een boze geest. Deze kon alleen verdreven worden door haar te doden. De Deense rechtspraak kent echter geen begrip als ‘collectieve schuld', en daarom wordt alleen Jón Eira veroordeeld tot zeven jaar gevangenis. Twee jaar later, in 1975, pleegt hij zelfmoord in zijn cel. De zaak komt opnieuw in opspraak, en de Denen besluiten Jakob Olsen naar Groenland te sturen om de zaak nogmaals te onderzoeken. Het boek begint op woensdag 2juli 1975. Jakob Olsen zit in het vliegtuig op weg naar Groenland. Hij ontmoet Nick Morello, een aan lager wal geraakte jazzpianist die toevalligerwijs naar hetzelfde hotel als Olsen gaat om daar te spelen in de bar. Als ze in het hotel zijn aangekomen belt Olsen zijn vrouw op, maar de verbinding is slecht, en hij neemt zich voor haar gauw te schrijven.



Donderdag 3 juli 1975

Olsen kijkt het dossier over de moord op Karin Esbjerg nog eens door, en herinnert zich gesprekken met een ambtenaar in Kopenhagen en de gevangenisdirecteur van Kolding over deze zaak. Olsen gaat praten met de burgemeester en de commissaris, maar wordt niet veel wijzer van hen. De commissaris brengt hem bij Lina Krog, een tolk, die veel van de Groenlanders afweet. Van haar hoort hij dat Jón Eira een dichter was, en dat hij bij zijn dorpsgenoten in hoog aanzien stond. Lina laat Olsen de ijsfjord van Jakobshavn zien. Als hij terug komt in het hotel, ligt er een brief van zijn vrouw waarin zij schrijft dat zijn vader ernstig ziek is. Als hij even later zijn vrouw opbelt, blijkt dat zijn vader gestorven is. Lina was vroeger schooljuffrouw, maar ze is met dat werk opgehouden omdat ze erachter kwam dat het Deense onderwijs aan de Groenlandse kinderen voorbijging. Lina gaat naar het hotel om Olsen op te halen. Daar komt ze Nick Morello tegen, de man met wie ze een jaar geleden een verhouding had. Olsen gaat mee met Lina Krog en spreekt met haar over de zaak. Als Olsen weg is, denkt Lina aan haar vriend Jim, die nooit is teruggekomen uit Vietnam. Later heeft Nick haar getroost. Olsen drinkt een borrel bij de koster van Jakobshavn en later nog eens samen met Nick Morello. Als Olsen naar bed gaat, denkt de dronken Morello aan de krukkenmuziek die hij hier moet spelen.



Vrijdag 4 juli 1975

Jakob Olsen koopt een zonnebril en gaat kijken naar de repetitie van het toneelstuk dat door Lina Krog geregisseerd wordt. Samen brengen ze een bezoek aan Nystrup, de grote garnalenfabriek van Jakobshavn, waar tegenwoordig veel Inuit werken. Nick komt bij Lina op bezoek en blijft bij haar slapen. Olsen heeft een gesprek met Sivertsen, de onderzoeksrechter uit Godthåb. Sivertsen heeft destijds grote moeilijkheden gehad met de ondervraging. De bewoners van Eqe waren exact over temperatuur, windkracht en weersgesteldheid, maar erg vaag als het over de beraadslagingen ging die tot de beslissing hadden geleid. Woorden als ‘misschien' en ‘ik weet het niet' komen vaak in het rapport voor. Olsen gaat samen met Sivertsen bij de burgemeester en zijn vrouw eten.



Zaterdag 5 juli 1975

Olsen dwaalt rond in de mist als hij enveloppen gaat kopen. Lina komt Nick Morello tegen in het hotel. Morello vertelt haar dat hij haar in een seksclub in New York heeft gezien. Als Lina weer terug gaat, denkt ze aan de tijd die ze in New York heeft doorgebracht. Olsen komt in de supermarkt aan, en bedenkt dat het onmogelijk is een rapport te schrijven dat aan alle details recht doet. Hij wordt uitgenodigd door een Eskimovrouw, en koopt een tupilakbeeldje. Hij gaat terug naar het hotel en vindt een brief van zijn vrouw. Ze schrijft o.a. over de crematie van Olsens vader. Olsen schrijft nog even iets terug en ondertekent o.a. met ‘je weifelmoedige waarnemer'. `s Avonds praat Olsen met de vroegere dorpsgenoten van Jón Eira. Hij hoort dat Jón Eira Karin Esbjerg gedood heeft omdat hij de beste jager was. Ook nu zijn de Inuit weer erg vaag. Olsen krijgt het gevoel dat het belangrijkste in deze zaak niet onder woorden kan worden gebracht.



Zondag 6 juli 1975

Olsen gaat met Umanatsiaq en zijn vader in een boot naar het voormalige dorp van Jón Eira, Eqe. Alle bewoners zijn vertrokken en werken nu in de stad. Als ze het uitgestorven dorp bezichtigd hebben, wil Umanatsiaq hem ook nog het eilandje laten zien waar de vrouw vermoord is. Daar doodt Umanatsiaq Jakob Olsen met een mes. Lina Krog heeft de band met de gesprekken met de Groenlanders uitgetypt en wil deze naar Jakob Olsen brengen. Olsen is vanzelfsprekend niet thuis. Lina gaat naar zijn hotelkamer en vindt daar de brief die Olsen nog aan zijn vrouw wilde sturen. Ze leest dat Olsen zich wel tot haar aangetrokken voelde. De burgemeester, de commissaris en de hoteleigenaar storen haar in haar stiekeme gelees, maar ze weet nog gauw de brief weg te frommelen voordat ze verdwijnt. De drie mannen nemen de spullen van Olsen mee en sluiten de gordijnen. Lina komt Nick Morello tegen. Ze laat hem de brief van Olsen lezen. Daarna verbranden ze de brief en gaan met elkaar naar bed. Ze weten nu zeker dat ze uit Groenland weg willen.



(Soort epiloog)

In deze kleine ‘uitweiding' vertelt de schrijver hoe het met de overige personages afliep. De première van het toneelstuk van Lina Krog werd een groot succes. De moordenaar van Jakob Olsen werd tot zeven jaar veroordeeld. Deze keer waren er geen oud-bewoners van Eqe in de rechtszaal aanwezig. De aantekeningen van Olsen werden opgeborgen, men beschouwde de zaak als afgedaan. Nick Morello ging terug naar New York, Lina Krog naar Kopenhagen. Inge Olsen woont drie straten van haar vandaan.



Vertelsituatie

Er is een overwegend personale vertelsituatie met auctoriale elementen. Vaak vernemen we de gedachten en gevoelens van Jakob Olsen, af en toe echter ook van Lina Krog en Nick Morello. Een auctoriaal element is de laatste bladzijde van het boek. Een niet met name genoemde vertelinstantie doet daar nog even uit de doeken hoe het verder met de personages verliep. Hoewel je zou verwachten dat we bij dit gekozen perspectief nu wel erg veel gedachten en gevoelens van de personages te weten zouden komen, valt dit toch zwaar tegen. De personen registreren meer gebeurtenissen dan gevoelens, ze blijven op een afstand. Zo kun je een parallel trekken met de bewoners van Eqe: ze zijn erg exact over uiterlijke dingen, maar erg vaag over wat er nu werkelijk in hen omgaat. De personages in Onder ijsbergen doen precies hetzelfde: ze registreren heel exact kleuren, het weer, hoe iemand er uit ziet, enz., maar wat er werkelijk in hen omgaat kom je bijna niet te weten, of alleen via een omweg. Een voorbeeld om dit te verduidelijken. Als Jakob Olsen bij Lina Krog op bezoek is, voelt hij zich tot haar aangetrokken, hij wil zich in haar verliezen. Maar dit komt de lezer pas te weten via de brief die Lina Krog later vindt, als Olsen al dood is. Het bezoek van Olsen aan Lina is ook beschreven, maar daar lezen we niet één keer dat hij zich aangetrokken voelt tot Lina. Er staan alleen wat vage aanduidingen als ‘Zijn handen beefden', ‘Hij voelde zijn bloed in zijn hoofd rondgaan', enz., die net zo goed betrekking kunnen hebben op het feit dat Olsen in de war is omdat hij net gehoord heeft dat zijn vader is overleden. We lezen wel precies wat er op de tekeningen staat die Olsen ziet, hoe de borrelglaasjes er uit zien, enz. Zo vergroot het perspectief zich als het ware naar de lezer toe; de lezer neemt de waarnemer Olsen waar, en zoals Olsen in feite niet achter de exacte motieven van de Groenlanders komt, zo tast de lezer ook in het duister omtrent de moord op Jakob Olsen.



Tijd

Het verhaal is bijna chronologisch verteld. De gebeurtenissen vinden chronologisch plaats in vijf achtereenvolgende dagen. Er zijn echter wel sprongen terug in de tijd, bijvoorbeeld als Olsen zich de gesprekken herinnert met de ambtenaar en de gevangenisdirecteur. De verteltijd is 167 bladzijden, en de vertelde tijd is zonder de epiloog vijf dagen. De epiloog zelf bestrijkt een langere tijdsperiode, ongeveer een paar maanden na de dood van Jakob Olsen. Op bladzijde 112 staat een vooruitwijzing: Bastiansen trekt de deur zacht achter zich dicht, ‘alsof hij de kamer van een stervende verliet'. Het tijdsperspectief is vision avec. In dit boek vinden we daar een mooi voorbeeld van: op blz. 60-61 denkt Olsen dat hij het gezicht van Lina, lang nadat hij uit Groenland weg zou zijn, zich zou weten te herinneren. Dit komt niet uit, Olsen zou Groenland nooit meer levend uit komen. Met een dergelijke zin wekt de schrijver de suggestie alsof dat wel zo is. Het verhaal speelt zich af in 1975. Het boek is geschreven in de verleden tijd, alleen de laatste zin (‘Inge Olsen woont drie straten van haar vandaan [...]’) staat in de tegenwoordige tijd. Hierdoor krijg je het gevoel dat Inge Olsen daar ‘in het echt' op dit moment nog woont.



Ruimte

Het verhaal speelt zich af op Groenland. Dat is een onherbergzaam eiland met grote Sneeuw- en ijsvlakten. Dit illustreert de eenzaamheid en de ontheemding van de drie belangrijkste personages. Als Jakob Olsen aankomt is het nog helder weer. Olsen is dan nog de koele, zelfverzekerde waarnemer. Uiteindelijk komt hij in de mist terecht, wat gepaard gaat met zijn weifelmoedigheid en zijn desoriëntatie. Het dorp Jakobshavn (let op de naam: in deze haven strandt Jakob Olsen) is kil en onpersoonlijk, een indruk die nog versterkt wordt door het vele ijs. Ook de personages zijn koel en afstandelijk, evenals de stijl waarin het boek geschreven is.



Personages

De hoofdpersoon van dit boek is Jakob Olsen. Hij is een tamelijk oude rechter uit Denemarken. Hij komt naar Groenland als waarnemer, niet om te oordelen. Hij is formeel en afstandelijk. In het begin van het boek is hij nog zelfverzekerd en energiek, later, vooral nadat hij gehoord heeft dat zijn 93 jaar oude vader is overleden, wordt hij onzeker en weifelmoedig. Dan gaat hij over zijn eigen leven nadenken, en komt hij erachter dat hij eigenlijk altijd bang is geweest voor zijn vader. Jakob wilde eigenlijk liever economie studeren, maar zijn vader (die zelf ook rechter was) had hem gedwongen rechten te studeren. Jakob heeft nooit een liefdevolle relatie met zijn vader gehad, ook tussen hen was er een grote formele afstand. Toch moet hij tot de conclusie komen, dat hij in veel opzichten erg op zijn vader lijkt, meer dan hij eigenlijk wil. Ook Jakobs leven verloopt koel en zakelijk met een tik op het eind. Olsen raakt verstrikt in de zaak Jón Eira, en daarmee ook in zijn eigen levensvragen. Zijn zekerheden wankelen, hij vraagt zich af wie hij nu eigenlijk is en wat van hem overblijft zonder zijn macht en gezag. Ook hij is dan alleen nog maar eenzaam. Hij is niet in staat om door te dringen in de wereld van de Inuit met zijn mythen en tradities, maar zijn eigen wereld kent hij ook niet. Hijzelf, de mensen uit zijn omgeving, de wereld zelf, het zijn allemaal ijsbergen: het grootste stuk kun je niet zien en daardoor ook niet kennen.

Lina Krog is een vrouw van een jaar of veertig. Zij kwam uit Denemarken, en heeft een tijd in New York gewoond samen met haar vriend Jim. Het werk in de seksclub leek haar eerst minderwaardig, totdat ze begreep dat je in deze stad alles kon doen omdat iedereen elkaar allang alleen had gelaten. Als Jim haar verlaat, gaat ze terug naar haar oom in Kopenhagen. Ze vindt een baan als onderwijzeres in Jakobshavn, en haar ideaal wordt de Inuit-cultuur en de westerse techniek te verenigen. Maar ze neemt ontslag omdat het onmogelijk is om een cirkel in een vierkant te veranderen: het Deense onderwijs gaat aan de Eskimokinderen voorbij. Ze wordt tolk en leidt een eenzaam leven. Ze neigt er steeds meer toe om de Groenlandse cultuur te aanvaarden en de westerse maatschappij te verwerpen (zie bijv. het toneelstuk). Als Olsen vermoord is, zegt ze tegen Morello dat ze zeker weet dat ze hier weg wil (zie blz. 166). Nick Morello is voor haar eigenlijk alleen een surrogaat voor Jim. Aan het eind van het boek lezen we dat ze, zonder Nick, terug is gegaan naar Kopenhagen om weer les te geven.

Nick MoreIIo is een min of meer mislukte jazzpianist, die alleen nog maar platgespeelde nummers speelt. Hij is op zoek naar ‘de echte melodie', maar vindt deze niet. Daarom zoekt hij troost in de drank.



Thematiek

In dit boek wordt de botsing tussen twee culturen beschreven. De cultuur van de Eskimo's - of, in hun eigen taal, Inuit, hetgeen betekent: de mensen - is collectief, de Westerse cultuur individueel. Zowel Jakob Olsen als de Inuit ondervinden dat een synthese tussen deze twee culturen niet mogelijk is. Jón Eira wordt uit het collectief (de mensen die Jón Eira zijn) weggehaald en alleen in een cel gezet. Hij wordt een individu en pleegt zelfmoord. Ook in het toneelstuk van Lina wordt getoond dat vereniging van culturen desastreuze gevolgen kan hebben. De oude Inuitcultuur gaat langzaam ten onder aan het cultuurimperialisme van Denemarken. De Inuit die in Jakobshavn werken, raken aan de drank en sparen allemaal voor een koelkast of een televisie. Ze voelen zich nog wel met elkaar verbonden. Er zijn verschillende plaatsen in het boek waar de nadruk wordt gelegd op het collectief zijn van de Inuit. Eén daarvan is de manier waarop ze zich uitdrukken: ze hebben het nooit over Jón Eira, maar over ‘de mensen die Jón Eira zijn’. Jakob Olsen, de rechter, vertegenwoordigt het individualisme en de rechtvaardigheid. Maar nu hij in aanraking komt met de andere cultuur beseft hij de schijnwaarden van zijn systeem. Ook het individu gaat ten onder, of verliest zich in anonimiteit en eenzaamheid. De mensen vervreemden van elkaar, ze vereenzamen en voelen zich nergens thuis. Ze kunnen elkaar niet vertellen wat er werkelijk omgaat, en daardoor kennen ze elkaar en de wereld ook niet. Er zijn verschillende elementen in het verhaal die herhaald worden, waardoor het boek een structurele eenheid wordt. Wij noemen hiervan: groen, ijs, de onmogelijkheid om van een cirkel een vierkant te maken en Ayayay.



Titelbeschrijving en motto

Van ijsbergen is maar 1/5 à 1/7 zichtbaar. De rest ligt onder de oppervlakte verborgen. De mensen proberen achter deze verborgen werkelijkheid te komen, maar slagen niet in hun poging. Totale vereenzaming is het gevolg: men kent zichzelf, elkaar en de omringende wereld niet. Dit motief wordt in verschillende lagen van de roman uitgewerkt.

- Jakob Olsen kent zichzelf en zijn verleden niet (zie blz. 160-161).

- Lina begint pas iets van Jakob te begrijpen als ze de brief leest.

- Jakob Olsen moet achter de motieven van de Inuit zien te komen. Maar dat is een onmogelijke opdracht. ‘Soms komt er iets boven water. Als ze dronken zijn. Maar voor de rest zijn ze een gesloten boek voor ons’ (blz. 33).

- Toch voelt Olsen iets van de werkelijkheid van de Groenlanders aan. Misschien wordt hij daarom ook wel vermoord. Maar hij heeft het gevoel dat het belangrijkste in de zaak niet onder woorden kan worden gebracht, en zo verzwegen blijft.

- Ook de literatuur kan de waarheid niet aan het licht brengen. Olsen suggereert dat in een roman misschien wel alle details tot hun recht zouden komen. Dat dit niet lukt zien we vooral in het eind van het boek, als de lezer met de vraag blijft zitten waarom Olsen nu eigenlijk vermoord is. Net zo min als Olsen kan de lezer doordringen tot de werkelijkheid. Alleen de gebeurtenissen zelf, de oppervlakte, het topje van de ijsberg, is duidelijk, maar wat daaronder zit, blijft verborgen.

Het motto is een gedichtje:

Klein zijn de stranden

van kleine meren

Klein is der mensen geest;

niet alle mensen

zijn even verstandig:

heel de mensheid is half.




Ook dit motto verwijst ook naar de onmacht van de mens om zichzelf en de wereld te begrijpen. ‘Heel de mensheid is half’.



Stijl

De stijl waarin het boek geschreven is, is koel en afstandelijk. Ook hier dringt de vergelijking met een ijsberg zich op: onder de oppervlakte van de woorden zit veel verborgen. De zinsbouw is kort en zakelijk; er worden veel uiterlijke details en weinig gevoelens beschreven. Er is tamelijk veel dialoog, de gesprekken zijn natuurlijk.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen