U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Agota Kristof - Le Grand Cahier.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=62 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2176 woorden.

Overige
Informatie over de schrijfster

Agota Kristof is geboren op 30 oktober 1935 in het Hongaarse dorpje Käszeg, vlakbij de Oostenrijkse grens. Als Agota acht is, wordt Hongarije bezet door de Duitsers. Omdat haar vader gemobiliseerd wordt, blijft Agota thuis achter met haar moeder en haar broertjes. Om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien moet er hard gewerkt worden. Ze zorgen gezamenlijk voor hun moestuin en hun dieren. In 1945 bezetten de Russen Hongarije, en zo komt het land onder toezicht van de communistische
Sovjet-Unie te staan. Hongarije wordt een politieke dictatuur met hermetisch afgesloten grenzen.
Na haar eindexamen trouwt Agota met haar geschiedenisleraar die erg politiek actief is en anticommunistische pamfletten schrijft. Wanneer de opstand tegen het communisme in 1956 in de kiem gesmoord wordt kan hij niet langer in Hongarije blijven. Hij en Agota vluchten samen met hun dochtertje van vier maanden naar Zwitserland. Zij had toen al meerdere schriften volgeschreven, maar zij moest ze achterlaten in Hongarije.
In Zwitserland vestigen zij zich in het plaatsje Neuchâtel, in het Franstalig gebied. Haar man krijgt een beurs voor de universiteit van Neuchâtel en Agota gaat in een horlogefabriek werken. Daar moet ze aan de lopende band gaatjes stansen in horlogedeksels. Ze voelt zich eenzaam en spreekt geen woord Frans. In de fabriek schrijft zij gedichten in haar moedertaal. Zij gaan over haar leven als balling.
De onderwerpen die zij dan al behandelt, zullen in haar hele werk terug blijven keren:
de eenzaamheid, het weggerukt zijn uit je familie- en vriendenkring, het niet met je omgeving kunnen communiceren omdat je hun taal niet spreekt. Na vijf jaar heeft ze er genoeg van. Ze verlaat haar man en houdt op met haar werk in de fabriek.
Zij leert Frans en schrijft voortaan ook in die taal.
Vanaf dat moment laat ze de poëzie achter zich en schrijft aanvankelijk toneelstukken, waarvan er later een aantal op de Zwitserse radio gespeeld is. In de tussentijd trouwt ze met een Zwitser met wie zij twee kinderen krijgt, een zoon en een dochter. Maar ook dit huwelijk zal niet standhouden.
Op haar vijftigste verschijnt haar romandebuut Le Grand Cahier. Hoewel het eigenlijk de bedoeling was dat dit boek op zichzelf zou staan, groeide het met twee vervolgdelen, La Preuve (1988) en Le Troisième Mensonge (1991), uit tot een trilogie.
Een belangrijke rol in haar werken speelt de thematiek van waarheid of leugen.
De thematiek van waarheid en fictie.
Wat Kristof met haar schrijven wil bereiken, is eigenlijk hetzelfde als wat de tweeling in Le Grand Cahier wil: de feiten beschrijven zoals ze zijn. Haar voornaamste doel is dus gewoon over haar eigen leven schrijven. Maar de werkelijkheid vervormt onder haar pen. Zoals één van de tweelingen in La Troisième Mensonge zegt:
"Ik probeer ware geschiedenissen te schrijven, maar op een bepaald ogenblik wordt de geschiedenis onverdraaglijk, juist door haar waarheid, en dan ben ik gedwongen haar te veranderen. Ik zeg [...] dat ik probeer mijn geschiedenis te vertellen maar dat ik het niet kan, ik heb er de moed niet voor, het doet me te veel pijn. Dus maak ik alles mooier en beschrijf ik de dingen niet zoals ze gebeurd zijn, maar zoals ik had gewild dat ze gebeurd waren."
Kristof beschrijft vaak in interviews dat ze last heeft van dezelfde vervormende werking als zij hier de tweeling in de mond legt.
Zoals onder meer blijkt uit dit citaat, verwerkt Kristof veel autobiografische elementen meer of minder in haar werk. Ook in haar laatste roman, Hier (1995), heeft zij weer veel van haar eigen levenservaringen verwerkt.
Zij heeft zichzelf goed weten aan te passen aan haar nieuwe Zwitserse omgeving. Zelfs haar boeken schrijft zij niet in haar eigen taal, maar in de voor haar nieuwe Franse taal.
Maar Zwitserse is ze niet. Ze zal altijd een balling blijven. En een balling is iemand die zijn eigen historische en culturele wortels is kwijtgeraakt, en daarmee een stukje identiteit. Niet voor niets schrijft zij in Zwitserland over Hongarije, want al haar boeken spelen zich in ieder geval voor een deel in Hongarije af. En al evenmin toevallig schrijft zij in een taal die niet haar moedertaal is over de periode van haar leven waarin zij haar persoonlijkheid vormde. Dat laat zien hoezeer deze identiteitskwestie haar bezighoudt en de motor achter haar schrijfwerk blijkt te zijn.
Agota Kristof woont nog steeds in Neuchâtel. Zij is inmiddels een groot schrijfster geworden wier werk vele goede kritieken heeft gekregen. Haar romans zijn in vele talen vertaald. De drie boeken van de trilogie hebben stuk voor stuk een prijs gewonnen en Hier is genomineerd geweest voor Frankrijks belangrijkste literatuurprijs, de Prix Goncourt.


Het Genre

Ik heb Le Grand Cahier ervaren als een avontuurlijke oorlogsroman.
Maar er komen ook autobiografische elementen in voor. Kristofs roman is een combinatie van waarheid en fictie. De waarheid uit haar leven zit wel in dit boek maar is op meerdere plaatsen een beetje vervormd. De twee jongetjes die zij in het boek beschrijft, zijn in haar eigen leven een jongen en een meisje: haar broer en zijzelf.


Het Thema

Het voornaamste thema in dit boek is: oorlog. Het maakt niet zoveel uit welke oorlog want er worden geen tijd of datum aangegeven, maar het verhaal en haar gruwelijkheden spelen zich af in een periode van oorlog. Een ander thema zou kunnen zijn: opvoeding. Het gaat namelijk om een tweeling die in de oorlog opgroeit (en volwassen wordt, in de vervolgdelen). Ze leren zichzelf lezen en schrijven en bewijzen op hun eigen manier dat kinderen die willen of moeten, ook zonder ouderlijke steun, hun kindertijd kunnen overleven. Of dat nu door de oorlog makkelijker of misschien moeilijker was, is niet zo belangrijk maar laat wel merken dat de tweeling zonder de oorlog het misschien helemaal niet zo goed had gehad, en dat de oorlog een heel belangrijk onderwerp is in dit boek.

De Hoofdpersonen

De hoofdpersonen in dit boek zijn:

De tweeling: groeit op zonder ouders die voor hen zorgen en worden daar door gehard
tegen het leven. Ze zijn van zich uit aardig tegen iedereen die
rechtvaardig is. Ze helpen diegenen die hulp nodig hebben. Hoewel ze
dus erg sociaal zijn, zijn ze ook erg bot en hard: Hun oefeningen van
wreedheid of uithoudingsvermogen zijn vast niet zo goed voor henzelf
en anderen.
Grand Mère: is de moeder van de tweelings moeder. Ze heeft nog nooit iets van de
tweeling gehoord. Maar ze neemt ze in huis en laat hen daar wonen en
eten in ruil voor het werk dat de tweeling voor haar moet doen. Ze
heeft een autoritair karakter, ze laat de jongens voor zich werken, en
scheld ze de hele tijd uit. Verder is ze een oud hebberig vrouwtje. Ze
let niet op wat ze doet, wast zich ook nooit en heeft niet eens een
toilet. Ze kan niet lezen of schrijven en trekt zich ook weinig aan van
de buitenwereld.
L'ordonnance: is een man die af en toe bij grootmoeder inwoont. Hij leert de tweeling
dingen over het leven. Hij geeft hen ook een woordenboek van de taal
die de soldaten spreken, en leert hen de rest van de taal zelf.


De Handeling

Over de plek waar het verhaal zich afspeelt wordt verder niets gezegd dan dat er een grote en een kleine stad is.
De periode waarin het verhaal zich afspeelt wordt ook niet bekend gemaakt in het boek. Je zou hooguit kunnen zeggen dat er in die tijd een oorlog gaande was en dat het niet te lang geleden kan zijn geweest omdat er wel bepaalde moderne machines in het verhaal voorkomen. Ik denk dat Kristof namen en tijd in het boek weg heeft gelaten zodat het boek niet over een bepaalde oorlog gaat, maar over elke willekeurige oorlog,
waar dan ook. De beleving van een oorlog is voor iedereen gruwelijk, en door het weglaten van tijd en namen en plaatsen, kan iedereen op zijn manier met de tweeling meeleven.


Het Onderwerp

Ik denk dat Kristof een duidelijke bedoeling heeft met haar verhaal. Ze probeert iedereen duidelijk te maken hoe verschrikkelijk een oorlog voor mensen is, en vooral hoe het hen beïnvloed. De jongens zijn heel erg anders opgegroeid dan ik bijvoorbeeld. Ze krijgen een hele andere identiteit.
Ik denk ook dat ze ons iets wil vertellen over haar eigen leven, iets aan ons door geven wil of haar hart opluchten door te schrijven. Maar het is duidelijk dat de waarheid zelfs voor haar te hard was: hoe ze sommige feiten verdraaid en veranderd heeft, geeft aan dat zij ze niet meer kon aanhoren en liever een leuke roman wilde schrijven, niet alleen een non-fictieve autobiografie.

De Titel

Le Grand Cahier betekent het grote schrift. Hun belangrijke schrift, waarin ze alle
door henzelf goedgekeurde opstellen overschreven, werd dit boek wat ik nu gelezen heb. De titel is leuk gevonden omdat je eigenlijk eerst niet door hebt dat jij zelf in dat schrift zit te lezen. Kristof heeft deze titel ook gekozen omdat zij zelf vroeger in Hongarije ook in schriften schreef over wat ze deed en wat er met haar gebeurde.
Ik zou een leuke titel ook wel gewoon: Le jumeau hebben gevonden, maar dat gaat natuurlijk lang niet zo diep in op het verhaal, en vertelt verder ook niets over het leven van Agota Kristof.


Samenvatting

Een tweeling wordt door hun moeder, vanwege voedseltekort en gevaar voor hun leven, naar het platteland gebracht, naar hun grootmoeder. Die kent de tweeling niet eens, maar neemt hen in huis omdat ze voor haar zullen werken. De jongens vinden dat ze zichzelf les moeten geven omdat ze nu niet meer naar school hoeven te gaan. Ze leren zichzelf lezen en schrijven omdat ze verder willen leren. In een schrift dat ze in de plaatselijke boekhandel halen, schrijven ze alles op wat ze doen.

Omdat de tweeling in de grote stad bij hun moeder vertroeteld werd, en omdat hun grootmoeder helemaal niet voor hen zorgt, moeten ze zich leren te harden tegen de wrede wereld. Want zij leren in hun leven op het platteland de mens van zijn slechtste kant kennen: moordend, egoïstisch en met vreemde sexuele behoeften waaraan geen beetje liefde meer te pas komt.
Dus gaan ze oefeningen bedenken die hen moeten harden in geest en lichaam. Door deze oefeningen proberen ze alles wat geestelijk of lichamelijk pijn doet te overwinnen.
En omdat ze deze oefeningen dagelijks uitvoeren, leren ze goed van zich af te bijten en zichzelf tegen vele gevaren te verdedigen. Maar ze lijken er bijna gevoelloos door te worden. Ze hebben nog wel besef van goed en kwaad, ze helpen iedereen die hulp nodig heeft, zoals hun buurvrouw en haar dochter, Hazenlip. En zij vermoorden het dienstmeisje van de pastoor, nadat zij een hongerige gevangene met eten gepest heeft.
Gevoelloos, maar wel sociaal.
Verder beleeft de tweeling in het dorp vele avonturen en ontmoet hun moeder wel eens en soms ook hun vader.Uiteindelijk wil de vader het land uitvluchten en ze zeggen hem dat ze hem zullen helpen. Maar wat blijkt, één van hen gebruikt hem gewoon als middel om zelf veilig, en vooral levend het land uit te komen. Want,

- Oui, il y a un moyen de traverser la frontière:
c'est de faire passer quelqu'un devant soi.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen