U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Anke De Vries - Belledonne Kamer 16.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/20137/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1394 woorden.

Titel: Belledonne kamer 16 (Een dagboek uit het verzet.)

Schrijfster: Anke de Vries

Uitgave: Lemniscaat (Rotterdam) 1981

Soort boek: mysterie en avontuur

Aantal bladzijden: 136 Blz.

Thema: Hoe Robert een mysterie uit het verleden oplost



Over Anke de Vries:

Anke werd op 5 december 1936 geboren in het Groningse dorp Sellingen. Met haar man heeft ze veel gereisd en in verschillende landen gewoond. Haar man heeft haar ook gestimuleerd om te gaan schrijven wat ze met succes gedaan heeft.

Wat opvalt bij haar boeken is dat ze schrijft over gewone mensen van wie de problemen realistisch worden geschetst. Ziekte, eenzaamheid, dood, discriminatie en een onvolledig gezin komen op een vanzelfsprekende wijze aan de orde. Ook gaan haar boeken vaak over Frankrijk.

Verschillende boeken van haar zijn bekroond door de kinderjury: Het geheim van Mories Besjoer, Belledonne kamer 16, De vleugels van Wouter Pannekoek en Wedden dat ik durf zijn daar voorbeelden van.

Andere kinderboeken die ze heeft geschreven zijn: Bij ons in de straat, Weg uit het verleden, Een boom met een hoed, Samen in een nest en beschuit met meisjes.



Hoofdpersoon:



De hoofdpersoon is Robert Reuling, een Nederlandse jongen van 16 jaar. Hij is een rustige, nieuwsgierige jongen die makkelijk contacten maakt en recht op zijn doel afgaat.



Bijpersonen:



Robert Macy: hij was een Joodse jongeman van rond de 20 jaar, die in de 2e wereld oorlog vermoord werd. Na zijn dood liet hij een mysterieus zakboekje en een kogel na.



Monsieur Mons: een goedhartige oude man van rond de zestig, hij is de eigenaar van ‘Belledonne’. Hij heeft een kreng van een vrouw die, als hij alleen maar naar een vrouw kijkt, al boos op hem wordt.



Lucette: zij is voor veel mannen een aantrekkelijke serveerster in een ander café in Nizier. Robert heeft goed contact met haar.



Christine: zij is een vriendin van Robert en als hij haar leert kennen is haar moeder net begraven, hier praat zij veel over met Robert.



Pauline Gireaulds: zij was de moeder van Christine en wordt ook wel Eleonore genoemd. Ze werd begraven op de dag dat Robert in Nizier aankomt. Ze kwam over als een koele, in zichzelf gekeerde vrouw omdat ze in de oorlog veel had meegemaakt.





Monsieur Gireaulds: hij is de grootvader van Christine en een stille, sterke man die bijna nooit ziek is.



Madame Beford: een vrouw van ongeveer 50 jaar. Ze komt rustig over en staat altijd voor mensen klaar, maar houd er niet van als mensen tegen haar liegen.



Tijd:



Het verhaal van Robert Reuling speelt zich af in 1977 het duurt enkele dagen, maar het ‘verhaal’ van Robert Macy dat in het boek steeds verder duidelijk wordt, speelt zich af in 1944 tijdens de Tweede Wereldoorlog.



Plaats:



Het verhaal speelt zich af in het kleine bergdorpje Nizier in Frankrijk. De hoofdpersoon (Robert) reist niet veel, hij verplaatst zich alleen binnen het dorpje.





Samenvatting:



Toen Robert en zijn moeder samen het huis van zijn grootvader opruimden nadat deze was overleden, vond hij een zakboekje en een kogel. Ze waren van een Fransman, Robert Macy. In het zakboekje staat maar weinig. Het eerste wat er in geschreven staat; ik leef, ik leef. Mijn god hoe is het mogelijk”. Ook werden er een aantal mensen in het boekje genoemd. Van alle namen waren van enkele alleen maar de beginletter opeschreven. Op twee namen na: Eleonore en pension Belledonne. Verder staan er alleen nog wat korte gedachten van de man.

Robert krijgt een mysterieus gevoel bij het boekje en de kogel en besluit zijn zomervakantie in Frankrijk door te brengen, in pension Belledonne.

Na een lange zoektocht kwam hij in het pension aan. Daar ontmoette hij Monsieur Mons en zijn vervelende vrouw, Robert loog tegen hen dat hij de neef van Robert Macy was. Ze gaven hem bij uitzondering een kamer, het pension was al jaren geleden een café geworden. Hij krijgt kamer 16, daar logeerde Robert Macy ook altijd.

Dezelfde avond dat hij aangekomen was, kreeg hij van Monsieur Mons een vreemde opdracht; hij moest een gele roos op het graf van Pauline Gireauld leggen, die de volgende dag begraven zou worden. De volgende dag ging Robert op een terrasje zitten te wachten, waar hij kennis maakte met Lucette, tot de begrafenis was afgelopen. Toen hij de roos op het graf had gelegd, zag hij plotseling dat het graf ernaast van Robert Macy was.

Op weg naar Belledonne vloog er een brommer uit de bocht, de bestuurster bleek Christine te heten en zij was de dochter van de pas begraven vrouw. Robert bracht haar naar Belledonne waar ze goed verzorgd werd. Daarna brachten Robert en Monsieur Mons haar naar huis, daar ontmoetten zij Monsieur Gireaulds. Toen Monsieur Mons hem vertelde dat Robert de neef van Robert Macy was, stortte Monsieur Gireaulds in elkaar. Dit was heel vreemd omdat deze man zelden ziek was.

Weer in Belledonne aangekomen vroeg Robert aan Monsieur Mons wie madame B. zou kunnen zijn, die in het boekje zo genoemd werd. Het enige wat Monsieur Mons kon bedenken was madame Béfort.

Toen Robert de volgende dag bij haar op bezoek kwam, loog hij weer dat hij de neef van Robert Macy was. Het was duidelijk dat hij iets verkeerds had gezegd want hij werd bruut de deur uitgewerkt.

Daarna ging hij een wandeling maken. Na een tijdje kwam hij in een vreselijke hagelstorm terecht, hij rende naar het café va Lucette om te schuilen. Daar maakte hij kennis met haar gestoorde oom; Oncle Lucien. De man zat doodsbang in de kelder, die door het noodweer was volgelopen, en riep constant: “Paf, paf, dood Monsieur Moustache!” . Lucette vertelde Robert dat Oncle Lucien zo was geworden omdat de Duitsers hem in de oorlog in een ravijn hadden gegooid.

Toen Robert weer in Belledonne was aangekomen, vertelde Monsieur Mons hem over ene dokter Pascal die in Nizier gewoond had in de Tweede Wereld oorlog. Robert bedacht dat hij de Monsieur P. wel eens zou kunnen zijn en besloot hem op te gaan zoeken. Dokter Pascal vertelde hem het volgende over Robert Macy: “Hij was gevlucht uit een concentratiekamp en kwam daarna bij madame Béfort terecht, waar hij kon onderduiken. Daar ontmoette hij een meisje, Pauline Gireaulds, die daar vaak kwam. Ze ontmoetten elkaar op een geheime plek en uiteindelijk hadden de Duitsers Robert Macy te pakken. Hij is doodgeschoten en Lucien die de enige getuige was, hadden ze in het ravijn gegooid.”.

Toen Robert weer in het café zat, werd hij gebeld door Christine. Ze vertelde hem dat ze ging verhuizen omdat haar opa dat graag wilde. Net toen ze haar nieuwe adres wilde doorgeven, werd de verbinding verbroken.

Robert vertrouwde het niet en ging naar haar huis. Daar zag hij door een raam Christine ’s grootvader zitten die met een pistool zat te spelen. Robert was bang dat hij zelfmoord wilde plegen, maar gelukkig legde hij het pistool weer in een la en verliet de kamer. Robert vertrouwde het niet en besloot het pistool te pikken. Hij ging via de achterdeur het huis binnen, haalde het pistool uit de la en nam het mee.

De volgende dag werd hij uitgenodigd door madame Béfort, zij vertelde hem over Robert Macy en Robert vertelde haar dat hij helemaal niet de neef van Robert Macy was hetgeen zij al verwachtte. Hij kwam er ook achter dat Monsieur Moustache monsieur Gireaulds was. In zijn kamer bekeek hij het pistool nog eens en vergeleek de kogels die erin zaten met degene van het zakboekje. Ze waren precies hetzelfde.

Toen werd Robert kwaad, hij ging naar Monsieur Gireaulds en vertelde hem wat hij wist. Monsieur Gireaulds werd woedend en schreeuwde dat Robert Macy een vuile jood was die aan zijn dochter zat. Robert werd erg bang en vluchtte het huis uit.

De volgende ochtend hoorde hij dat Monsieur Gireaulds zelfmoord had gepleegd. Hij zou Christine nooit meer zien…





Mening:



Ik vond “Belledonne Kamer 16” een erg mooi boek. Het verhaal is erg boeiend en soms ook spannend. Er zitten eigenlijk ook geen saaie stukken in, zoals in de meeste boeken wel het geval is. Door de Franse woordjes krijgt het een beetje een Frans sfeertje. Je leest steeds iets nieuws waardoor je nieuwsgierig wordt, zodat je het boek in één keer uitleest. Het is ook erg handig dat Robert af en toe alles even op een rijtje zet, waardoor je het beter kunt volgen.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen