U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Gerard Reve - De Avonden.
Deze versie komt van http://www.verslagen.com/index.php?page=boek_toon&boek_id=158 en is laatst upgedate op 01/01/2004.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1059 woorden.

Titel: De Avonden

Schrijver: Gerard Reve

Uitgever: De Bezige Bij, Amsterdam

Druk: 40e druk

Jaar van uitgave: 1991





1.Mijn persoonlijke reactie op het boek:



Ik vind dit een enorm saai boek. Ik snap dan ook echt de mensen niet die dit boek leuk vinden, het onderwerp is totaal oninteressant, niemand interesseert zich toch voor de onbelangrijke bezigheden van een jochie dat zich doodverveeld? De verhoudingen in dit boek liggen wel heel erg bij de gedachten en gevoelens van de personen, en dat vind ik raar, het boek is namelijk geheel in de hij-verteller geschreven, en hoe kan de hij-verteller nou de gedachten van iemand weten? De gebeurtenissen zijn ook totaal niet spannend verteld, en logisch zijn te al helemaal niet. Het boek is chronologisch opgebouwd, en er word door het gehele boek goed uitgelegd waar en wanneer de gebeurtenissen zich afspelen. De personages gingen totaal niet voor mij leven, en ze staan ook niet dicht bij mijn wereld, door het feit dat ik me niet doodverveel, zodat ik ook bijvoorbeeld niet in de kachel ga plassen. Het taalgebruik is op sommige stukken hoogdravend, vooral wanneer Frits ergens aanbelt en hij begroet word. Het bevat ook veel beschrijvingen, als Frits iets opvalt, bijvoorbeeld een beker in een winkel kan heel veel details vertellen over die beker. Ook bevat het verhaal ook veel dialoog.



2.a. Samenvatting:



In "De Avonden" worden de laatste 10 dagen van '46 beschreven (elke dag een hoofdstuk). Alle hoofdstukken eindigen met een droom, behalve het zevende en tiende hoofdstuk. Hieronder een samenvatting per hoofdstuk, een goedlopend verhaal is er namelijk niet van te maken.



I. Het is zondag, een verloren dag. Joop (Frits’ broer) komt even op bezoek, maar Ina is niet mee omdat ze ziek is. 's Avonds gaat Frits naar Jaap Elderer. Die blijkt niet thuis te zijn. Dan gaat hij naar Louis, die in een huis met een schildersatelier woont. Om kwart over negen gaat Louis naar bed en Frits moet weg. Thuis aangekomen kruipt hij uit verveling ook maar in zijn bed.



II. De vader en moeder van Frits gaan naar Haarlem. Frits gaat met Joop en Ina naar het Berendsgymnasium (zijn vroegere school), dat 20 jaar bestaat. Hij verveelt zich en hij voert gesprekken die eigenlijk niets voorstellen.

III. 's Avonds gaat Frits op bezoek bij Jaap en Joosje, omdat hun zoontje 1 jaar wordt. Hij neemt een cadeautje mee. Jaap is niet thuis en Frits zit zich bij Joosje en twee oudere dames te vervelen. Als Jaap thuiskomt, begint Frits te zeuren over de haaruitval van Jaap. Daana maken ze lol over invalide mensen en over een halfdronken man, die om elf uur binnenkomt. Als Frits thuiskomt, heeft zijn moeder een zenuwaanval.

IV. Het is Eerste Kerstdag. Frits' ouders gaan weg. Eerst komt Lande op bezoek; hij verdenkt Maurits Duivenis ervan 200 gulden van hem te hebben gestolen. Als het bezoek vertrokken is plast Frits uit verveling in de kachel. Louis Spanjaard komt op bezoek; ze gaan samen naar Walter Graafse. Ze maken muziek, terwijl een verdieping hoger iemand stervende is. 's nachts heeft Frits angstdromen.

V. Het is Tweede Kerstdag. Frits' ouders gaan weg. Frits luistert naar muziek en is gelukkig. In de stad ontmoet hij Maurits Duivenis die bekent de 200 gulden te hebben gestolen. Hij heeft ook een jas gepikt. 's Avonds gaat Frits naar Viktor, student klassieke talen. Hij voert met Viktor een nutteloos gesprek over mensen met geestelijke afwijkingen.

VI. Frits gaat met Jaap, Joosje en Viktor naar een dancing. Frits zeurt de hele avond over allerlei zaken en komt dronken thuis.

VII. Frits wordt met een kater wakker en gaat 's middags naar Adelaar, de vader van Ina. 's Avonds gaat hij naar Bep Spanjaard, aan wie hij gruwel verhalen vertelt. Hij krijgt van haar een speelgoedkonijn, dat zijn troeteldier wordt.

IX. Frits gaat met Jaap, Joosje, Bep en Eduard Hoogkamp naar de religieuze negerfilm "De Groene Weiden". Voordat ze naar de nachtvoorstelling gaan, praten ze eerst nog een poos over ziekten en begrafenissen. De film maakt veel indruk op Frits en na afloop gaat hij alleen naar huis. Hij wil aan het effect van de film geen afbreuk doen door zinloos gepraat erover met zijn vrienden. Thuis zoekt hij weer troost bij zijn speelgoed konijn en een wit marmeren konijntje.

X. Oudejaarsdag. Frits krijgt om twee uur vrij. Op weg naar huis ontmoet hij Maurits, die uitvoerig vertelt welke diefstallen hij nu weer gepleegd heeft. Frits viert thuis oudejaarsavond met zijn vader en moeder. Zijn moeder heeft zich in plaats van wijn, vruchtensap in de handen laten stoppen. Dit veroorzaakt bij Frits een gevoel van ontreddering. Als het twaalf uur geweest is, gaat hij naar z'n vrienden. Nergens wordt opengedaan. Wanhopig bidt hij tot God:" Vestig uw blik op mijn ouders. Zie hen in hun nood". Als hij in bed stapt, is hij blij dat hij leeft.



2.b. Analyse en Interpretatie



Genre: Het boek is een roman.



Thema en motief

Thema: ergernis, verveling, dood, leed, dromen en het weer



Motieven:



1. Het pulken met zijn rechter pink in zijn navel.

2. Het niet gebruiken van het suikerlepeltje.

3. Doorgaan over haaruitval totdat het vervelend word.



Personages



De hoofdpersoon is de 23-jarige Frits van Egters, die bij zijn ouders woont. Hij is op het gymnasium geweest, maar heeft zijn studie niet voltooid; hij heeft nu een kantoorbaantje. Zijn broer Joop is getrouwd met Ina. De vader van Frits is een nogal zwijgzaam figuur, die ook enigszins doof is, overigens is hij overgevoelig voor elk geluid dat uit de radio komt. De moeder van Frits is spraakzamer, maar echt contact heeft hij met haar ook niet. Frits heeft een bijna neurotische belangstelling voor het lichamelijk merkwaardigheden -speciaal voor haaruitval- en laat dit vaak ook totdat het vervelend word in gesprekken merken. Graag vertelt hij sadistische verhalen.



3. Achtergrond informatie:



Gerard Reve (geb. 1923) debuteerde in 1947 met zijn inmiddels klassiek geworden boek De avonden. In deze roman heeft Reve het levensgevoel van veel jongeren uit die tijd buitengewoon goed getroffen. Je zou het boek de roman van de verveling kunnen noemen, of de roman van de ontluistering. De thematiek die Reve naar voren bracht, was in Nederland volstrekt nieuw. Vandaar dar de roman in het begin sterk tegengestelde reacties uitlokte. Sommige critici stond de naargeestige sfeer die het verhaal uitstraalt, tegen. Anderen onderkenden er onmiddellijk de harde realiteit in.



(uit Op Niveau Literair, bladzijde 21)
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen