U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Tom Lanoye - Zwarte Tranen.
Deze versie komt van http://www.verslagen.com/index.php?page=boek_toon&boek_id=148 en is laatst upgedate op 01/01/2004.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1146 woorden.

Uitgeverij Prometheus, 1999 513 pagina’s



1) algemene structuur



Het werk is opgedeeld in 2 afzonderlijke boeken. Het eerste boek loopt tot pagina 315, het tweede tot het einde. Elk boek werd onderverdeeld in 3 hoofdstukken, die soms nog onderverdeeld worden.



2) verhaallijn



Het boek is het vervolg op “ Het goddelijke monster” ( 1997, zelfde uitgeverij, 336 pagina’s) en vertelt dus verder het verhaal van de Familie Deschryver, zoals het op het einde van “ het goddelijke monster achtergelaten werd.



Er worden verschillende verhalen naast elkaar uitgewerkt ( het proces van Katrien, de problemen van Leo, het leven van steven), maar toch blijft het boek immer transparant en overzichtelijk. Vaak worden de karakters en / of nevenplots met elkaar verweven, de familieleden komen immers regelmatig in contact met elkaar.



3) Tijd en ruimte



Het boek begint bij de ontsnapping van Katrien, en nadien volgt een lange flash – back ( van 2 weken voor de ontsnapping tot men terug bij het uitgangspunt uitkomt. Nadien loopt het verhaal gewoon chronologisch verder. Tussendoor zijn er enkele flash – back’s die verder teruglopen, naar bv de jeugd van Katrien of Gudrun.



Het gehele verhaal speelt zich af in Vlaanderen, van de Westhoek tot Brussel.



4) algemene inhoud



4.1) Katrien



Katrien Deschryver is de jongste dochter van Herman Deschryver, de pater familias. In “Het goddelijke monster” schiet ze haar man, Dirk Verveecken dood, omdat ze dacht dat hij een everzwijn was. Niemand gelooft dit echter, en ze heeft bovendien al in het openbaar verklaard dat ze het opzettelijk gedaan heeft.



Katrien zit opgesloten op verdenking van de moord. In het begin van het boek ontsnapt ze uit het paleis der gerechtigheid. Er is geen opzet in het spel, de twee rijkswachters die haar bewaken letten gewoon niet goed op, ze stapt in de lift en verdwijnt. Beneden aan de liftdeur staat Hannah Gramadil haar echter op te wachten. Hannah is een manwijf en doorwintert mannenhaatster, lesbisch en vooral bewonderaarster van Katrien, omdat Katrien volgens haar het lef heeft gehad haar man omver te knallen. Samen vluchten ze en duiken ze onder in een kraakpand. Hannah richt een steunfonds op voor Katrien, en gebruikt de nieuw ontstane volkswoede (na een groot pedofilieschandaal) om te proberen Katrien in ere te herstellen. Op het einde van het boek spreekt Hannah met de betrokken onderzoekrechter (Willy Dedecker) af dat Katrien zich ‘vrijwillig’ zal aangeven, in ruil trekt Dedecker zich terug uit het onderzoek.





4.2) Leo en Herman





Leo is de baas van een tapis – plein fabriek, die aan de top staat in Europa. Door de dood van Dirk Verveecken (die zijn boekhouder was) komt hij in problemen met het gerecht, dat reuk krijgt van zijn jarenlange gesjoemel. Herman ( de broer van Leo en vader van Katrien) is ex – minister en huidig baas van een grote bankzit met hetzelfde probleem als zijn broer, al was Verveecken niet in de bank tewerkgesteld. Om het ( zwarte ) familiekapitaal veilig te stellen, vertrekt hij in “ het goddelijke monster “ naar Zwitserland om daar de kluizen leeg te halen. Hoewel hij altijd een sober en streng man is geweest, besluit hij in het vooruitzicht van zijn nakende dood (binnen de twee maanden, ten gevolge van maagkanker) een ander leven te gaan lijden. Hij verbrandt zijn driedelig maatpak, draagt enkel nog schreeuwend gekleurde wegwerpkledij en vult zijn dagen met het bespieden van zijn broer, die zich woedend maakt op Herman, omdat die zijn verantwoordelijkheid ontvlucht. Herman besluit om de gehele familie te laten stikken, hij luistert naar reggae – muziek en rijdt met het familiefortuin in zijn koffer het hele Vlaamse land rond. Maar als hij op het oorlogskerkhof een zich prostituerend, 15 – jarig, Oost – Europees meisje tegenkomt, besluit hij toch nog terug te komen om de boel te proberen redden.





4.3) Steven en Alessandra





Steven is de oudste zoon van Herman en woont in een dakappartement in Brussel. Hij is homo en getrouwd met de lesbische ‘Sandra’. Zij is Amerikaanse en hun relatie is strikt zakelijk, bedoeld om Herman tevreden te stellen. Steven werkt overdag in de bank van zijn vader, en ‘s nachts gaat hij uit naar de ‘Sixtie Sax’, een grote discotheek. Hij zit volop aan de drugs en ‘crasht’ naar het einde van het boek. Sandra neemt de hoede over Jonas, het zoontje van Katrien. Ze groeien steeds verder naar elkaar toe, maar bij een bezoek aan warenhuis ‘ De Panter’ wordt Jonas vermoord tijdens een overval van ‘ De bende’.





4.4) Gudrun en Elvire





Elvire is de vrouw van Herman, en manisch depressief, Gudrun is de jongste dochter van Herman. Elvire zit in een instelling, Gudrun heeft de zorg voor Jonas op zich genomen. Wanneer ze beseft de ze geen erg goede moeder is, draagt ze de Jonas echter over aan Alessandra, haalt Elvire uit de instelling en samen leven ze in de ouderlijke villa.





4.5) Milou en Madeleine





De twee tantes en oude vrijsters zijn na de dood van hun jongste zus Marja op cruise vetrokken naar de Caraïben, maar zijn op de verkeerde boot gestapt en varen richting IJsland. Op het einde van het boek komen ze net op tijd terug om mee te stappen in de witte mars.





4.6) Dirk en Marja



Zijn beiden dood en lopen als geesten alles te bekijken en vinden alles even grappig. Onderweg krijgen ze nog het gezelschap van kolonel in ruste Yves Chevalier – De Vilder, en op het einde van Jonas.



5) Vergelijking met de realiteit



Hoewel volgens de auteur elke gelijkenis met bestaande personen en gebeurtenissen geheel op toeval berust, kan men bepaalde zaken toch herkennen.



Zo kan men in onderzoeksrechter Dedecker bijvoorbeeld onderzoeksrechter Conerotte herkennen, heeft de ontsnapping van Katrien uit het paleis der rechtvaardigheid veel weg van die van Marc Dutroux, heeft ‘de bende’ veel weg van De Bende van Nijvel en vertoont de warenhuisketen ‘De Panter’ dan weer sterke gelijkenissen met onze Delhaize – De Leeuw.





7) Taalgebruik en stijl



Het boek is geschreven in een moderne, losse stijl en van uit de eerste persoon. Het verhaal gaat dus steeds verder vanuit het perspectief van een persoon. De persoon aan het woord verspringt tussen de hoofdperonages.



Het taalgebruik van het boek is afhankelijk van de persoon die op dat moment aan het spreken is. Als bijvoorbeeld de boertige Leo aan het woord is, zal er in de tekst veel schuttingtaal en dialect voorkomen, terwijl bij Herman het taalgebruik netjes en complexer zal zijn.



Het boek is, net als zijn voorganger nog niet af. Het einde is open, en er zal hoogstwaarschijnlijk een vervolg op komen.



8) Kritieken en eigen mening



De voorganger van Zwarte tranen, namelijk “Het goddelijke monster” werd veel geprezen. Het weekblad Humo vond dat “het boek van het jaar”, terwijl andere tijdschriften dan weer spraken van een eigentijds “Het verdriet van België” (Hugo Claus) en nog anderen het boek vergeleken met de televisieserie “Twin Peaks”.



Ik vond ‘Zwarte tranen’ een erg goed boek, vanwege de goede schrijfstijl en de verholen kritiek op de maatschappij. Het is een interessant boek dat erg vlot leest.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen