U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Thea Beckman - De Gouden Dolk.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/851 en is laatst upgedate op 28/07/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1847 woorden.

Genre

(Kasteel)Roman



Hoofdpersonen

De hoofdpersoon is Jiri een smidsknecht een jongen van een jaar of vijftien, opgegroeid in een gezin waarvan de vader smid is. Hij houdt van avontuur en dat komt in het boek ook zeker naar voren. Andere hoofdpersonen zijn: Jiri's neef Arnold, Jiri's vriendin Oda, zijn broer Aycan, zijn Ridder Sieur Robert, waarzegster vrouw Cantal en Tomas een zwerver.



Grote veranderingen vinden plaats in het leven van Jiri, de zoon van een Bourgondische smid. Eens zal hij een gouden dolk bezitten; daarvoor zal hij een lange, gevaarlijke tocht moeten ondernemen naar het heilige land



Samenvatting

Toen Jiri een jaar of twaalf was hoorde hij zijn grootvader vaak vertellen over de kruistocht het moest iets fantastisch zijn geweest; de saracenen uitmoorden en triomfantelijk poseren bij de lijken en bij de grote schat die de overwinning had opgebracht. Ook hoorde hij zijn grootvader vertellen over een gouden dolk het moest een fantastisch wapen zijn geweest zijn grootvader had nog nooit zoiets moois gezien. Op een dag moet Jiri geneeskruiden gaan halen voor de inmiddels zwaar zieke grootvader. Hij moet die kruiden bij vrouw Cantal gaan halen een waarzegster een dorp verderop. Als hij daar aankomt zegt zij: tegen oudheid kan ik geen medicijn geven. Jiri hevig teleurgesteld vroeg of hij dan helemaal voor niks was gekomen. Waarop zij antwoordde: ik kan je toekomst voorspellen, en ik zie jou daar staan met een gouden dolk in je hand en ik hoor steeds een naam; Nou-red-din , je zult een rijke toekomst krijgen. Een tijd later als hij aan het werk is in de smidse komt er een boodschapper in het dorp hij verteld dat er een tweede kruistocht komt en roept iedereen op naar Vezelay te komen om de legendarische Bernard abt van Clairvaux, in naam van paus Eugenius III de kruistocht zal prediken! Snel loopt hij naar zijn vader en zegt: daar gaan we heen ik wil die machtige man wel eens horen spreken. De volgende dag in alle vroegte vertrekken ze. Het is een fantastisch gezicht Bernard te zien preken hij roept iedereen op om mee te gaan met de tweede kruistocht. De priesters beginnen rode kruizen uit te delen er zijn er veel te weinig daarom scheuren de priesters hun cape's kapot en maken er kruizen van, zelfs de koningin gaat mee. Opeens ligt er een kruis voor Jiri's voeten, een moment twijfelt hij dan raapt hij het op en doet het in zijn zak. Op de terugweg haalt Jiri het kruis uit zijn zak. Arnold zijn neef is stomverbaasd daarna haalt ook zijn broer Aycan een kruis uit zijn zak. Jiri mompelt; het is een teken van god ik ga! Aycan houdt zijn kruis omhoog en zegt: dit is een stuk van de mantel van de priester hij heeft me zelf gezegend, reken maar dat ik ga. Nee ik ga schreeuwt Jiri, hij gaat zijn broer te lijf. Ze moeten zich volgende week melden bij de burcht dan zullen de ridders hun knechten uitzoeken. De volgende week gaan ze beiden met het kruis opgespeld naar de burcht. Sieur Robert; een edele ridder loopt langs de rijen en kiest Jiri uit, en Aycan moet zijn kruis afdragen aan Arnold. Omdat de smid niet beide zijn zoons kan missen. De dag van vertrek komt steeds dichterbij. Eindelijk is het zover, Jiri gaat samen met Arnold en nog een paar andere jongens uit het dorp naar de vertrekplaats. Sieur Robert verdeelt de taken en iedereen wordt gewaarschuwd voor de rovers en onvertrouwelijk volk onderweg, zij gaan allemaal met goede moed weg om die Saracenen eens een keer een lesje te leren en Jeruzalem te veroveren. De Duitsers zijn al vooruit gegaan om de fransen eigenwijs een stap voor te zijn, maar dat was een niet zo slimme stap want een paar weken later komen helemaal afgepeigerde Duitsers terug ze waren in de pan gehakt door het leger van Nou-red-din. De 100.000 man waarmee de Duitse Koning vertrok waren er nog 20.000 over. Op een dag loopt Jiri naar een riviertje om water te halen, dan opeens ziet hij een bekent gezicht; Aycan! Schreeuwt Jiri. Ha broertje zegt Aycan. Jiri zegt: wat doe jij hier je mocht hier helemaal niet zijn, ben je weggelopen? Ja antwoord Aycan koeltjes. Vuile bedrieger je moet Vader helpen in de smidse. Haha broertje ik ga nu mijn eigen weg niemand houdt mij nog tegen, ik ga geld verdienen veel geld meer geld dan jij ooit met je smidse zult verdienen, Daarna loopt hij weg. Een dag later is Jiri Nog steeds ondersteboven van de belevenissen de vorige dag. Er gaan dagen weken maanden voorbij en dan zien ze de heilige stad; Jeruzalem. Maar deze stad was zeker niet wat Jiri er van verwacht had het was net zo een stad als alle andere steden, met gewone torens, huizen en kerken. Op een dag loopt hij rond het kamp van de koningin en ziet hij een meisje hij vraagt haar wat ze hier doet. Zij verteld hem dat ze in de hofhouding werkt. Jiri had nog nooit zo'n schitterend meisje gezien als zij. Die avond komt er een dienaar van de koning met een brief en vraagt Jiri: Ben jij Jiri Rambor. Geschrokken zei hij ja dat ben ik. Ik heb een brief voor je. Hij kon niet lezen dus ging hij snel naar Sieur Robert en vroeg hem de brief voor hem te lezen. Sieur Robert pakte de brief en rolde hem open; hij las en barste in lachen uit ha Jiri heb je een vriendinnetje. Wat staat erop vroeg Jiri. Hij antwoordde: Oda ,Onder de olijfboom. Snel liep hij naar de olijfboom hij wist maar al te goed welke dat was dat was de olijfboom waar de kuiperij bijstaat. Hij liep erheen en Zag haar. Ze praatten de hele avond door. Steeds vaker maakte Jiri afspraakjes met Oda. Meestal 's avonds, Vaak zag hij haar weer een paar weken niet omdat zij met de koninklijke hofhouding vaak in de voorhoede van de kruistocht reed. Toen kwam de dag dat ze een stad belegerden en dat Jiri samen met Arnold naar een boomgaard ging om hout te hakken. Maar zij zagen daar ook nog wat anders heerlijke sappige pruimen zij stopten hun kleren vol en ondertussen droop het vocht over hun kin. Dan opeens voelt hij twee mannen op zijn rug springen Jiri is sterk maar twee man, nee. Hij hoort Arnold schreeuwen. Dan opeens pakt een van zijn belagers een stuk hout en slaat hem bewusteloos, een hevige pijn heeft Jiri een moment en dan word alles zwart om hem heen. Hij wordt wakker vastgeketend aan een boom en ziet naast zich ook zijn Arnold. Hij kijkt verdwaasd om zich heen dan ziet hij een man. Hij knippert met zijn ogen hij kan het haast niet geloven wat hij daar ziet; een man met een gouden dolk. Hij weet direct wie het is, Nour-Red-Din. Als Nour-Red-Din een knip met z'n vingers geeft komt er een bediende aanlopen. Arnold en Jiri kijken elkaar even aan. Ze denken allebei hetzelfde: die bediende is Aycan! Als Aycan zijn broer en neef ziet wil hij iets tegen Nour-Red-Din zo lijkt het maar, hij bedenkt zich nog net op het allerlaatste moment. Hij loopt weer rustig naar binnen. Die nacht komt Aycan bij de boom waar Jiri en Arnold zijn vastgeketend. Hij heeft water bij zich hij geeft beiden een flinke slok water uit de kroes. Hij zegt: Ik zal proberen jullie vrij te kopen, mijn dienaar is een mens geen beest het zal lukken. Ik wens jullie het allerbeste zegt hij als besluit en loopt weg. De volgende dag worden ze vrij gelaten door Nour-Red-Din zelf beiden gaan ze door de knieen voor hem, en even later lopen ze de vrijheid tegemoet op naar de stad waar de koninklijke hofhouding is. Dagen lopen ze door de bergen eenzaam en hongerig tot ze op een dag een kudde geiten zien. Ze denken waar een kudde is zijn mensen snel dalen ze van de berg af en komen aan bij de hut. Ze krijgen te eten en drinken en de juiste weg word besproken met de aardige bewoners. Als ze twee dagen later weer verder gaan ontwijken ze steden en dorpen en lopen zo naar de stad waar zij heen willen. Ze krijgen op een moment de stad in zicht en rennen de laatste kilometers. Ja we zijn er schreeuwt Jiri ze zoeken een herberg en gaan op zoek naar de Koninklijke hofhouding die ze naar enig zoeken vinden. Als Jiri een van de wachters vraagt of Oda er ook is, sturen die hem onverbiddelijk weg hoe erg hij ook smeekt. Elke dag loopt hij rond het gebouw van de hofhouding. Hij zoekt werk en vindt dat in een smidse als knecht, zijn loon is niet alles maar genoeg om elke dag van te eten en slapen. Tot hij op een zondag weer bij de hofhouding rondslenterd en daar een bekende soldaat ziet en hem snel aanspreekt. De soldaat belooft een boodschap door te geven en zegt dat ze overmorgen weer weg gaan naar Parijs. Hij heeft de mogelijkheid om mee te reizen en doet dat op voorwaarde dat hij moet roeien zes uur per dag. Hij praat met de mede-roeiers en leert zo wat Grieks en Siciliaans. Op een dag komen er twee snelle schepen tevoorschijn schieten. Ze worden gekaapt, en hij moet nu de hele dag roeien het kan hem niets schelen en al gauw wordt het schip overgenomen door Sicilianen en kunnen ze door reizen. Zo komt hij in de haven aan. Hij praat met Oda en zij gaat naar Parijs hij naar huis. Jiri zegt tegen Oda: ik kom je opzoeken in Parijs. Als hij terugkomt in zijn eigen dorp lijkt alles kleiner en armoediger hij heeft voor de hele familie iets meegenomen. Op een dag gaat hij met Arnold naar het bos en klimmen ze tegen een wand op Jiri glijdt uit en ze zien nu een steen met een datum erop een grafsteen snel gaan ze naar huis en halen pikhouwelen schoppen en beitels en maken het graf los wat ze daar zien was fantastisch edelstenen goud en… een gouden dolk. Ze juichen en schreeuwen: we gaan naar Parijs.



Mijn mening

Ik vond dit een leuk boek Het is makkelijk te lezen. Met een open einde, want opeens stopt het boek. Het verhaal is vaak behoorlijk realistisch. Er gebeuren veel onverwachte dingen, het is niet te uitgebreid, een interessant verhaal en leuk voor iedereen.



Over de schijfster

Thea Beckman schrijft vooral boeken voor lezers vanaf 11 jaar. Veel van haar boeken spelen in het verleden. Toch heeft ze ook verhalen geschreven die in onze tijd spelen en zelfs in de toekomst. In haar boeken gebeurt altijd heel veel en ze zijn spannend verteld. Vanaf de eerste bladzijde kom je in een avontuurlijke wereld terecht en beleef je mee wat mensen in andere tijden en andere omstandigheden meemaken. Andere boeken van Thea Beckman zijn: Kruistocht in spijkerbroek, Saartje Tadema, Hasse Simonsdochter, Kinderen van moeder aarde, Wonderkinderen en De verloren schat.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen