U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Renate Dorrestein - Buitenstaanders.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=33 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2234 woorden.

Bibliografie
Druk: het boek komt uit de Grote Lijsters verzameling van 1997
Uitgever: Wolters-Noordhoff
Plaats: Groningen
Jaar: 1997
Aantal pagina's: 169


Samenvatting
Laurie, haar man Max en hun twee kinderen gaan op vakantie naar Elba, maar onderweg krijgen ze een ongeluk omdat Laurie en Max ruzie hadden. Hun auto vliegt uit de bocht en komt hierdoor in een sloot terecht, zodat ze hulp moeten zoeken.Laurie ziet een mongools meisje en volgt haar, omdat ze misschien ergens in de buurt woont. Nadat het meisje een tijdje rondwandelt, komen ze uiteindelijk aan bij een oud, verwaarloosd huis. Er blijken zeer vreemde mensen te wonen, maar ze moeten toch hulp zoeken. Terwijl ze Max in bed leggen, omdat hij een shock heeft, gaat Laurie met Lupo mee. Hij is het enige echte kind van Agrippina tussen alle andere zorgenkindjes.

Lupo schrijft liefdesgedichten voor zijn beroep, maar niet voor zichzelf, maar voor andere ongelukkigen die dat zelf niet kunnen.

Laurie' s zoontjes gaan in het botenhuis spelen met het mongoolse meisje, dat ze overigens helemaal niet leuk vinden. Agrippina was ondertussen voorbereidingen aan het maken voor Sterre' s feest. Ook Ebbe en Biba, de drielingzusjes van Sterre waren ook voorbereidingen aan het treffen. Als ze later naar hun kamer gaan, zien ze daar een wildvreemde man in hun bed liggen. Dat maakt Ebbe helemaal niets uit en ze begint zich om te kleden. Als ze al haar kleren uit heeft wordt Max wakker. Hij begrijpt niet waar hij is, maar als hij Ebbe ziet, maakt hem dat niets meer uit. Op dat moment komt Laurie net binnen en ze raakt overstuur, omdat Max al vaker is vreemd gegaan. Ze besluit op dat moment om ook eens een keer vreemd te gaan om Max terug te pakken. Ze besluit om Lupo als slachtoffer te nemen. Lupo weet niet wat hij met Laurie aan moet, want hij is niet zo goed in liefde, hij voelt meer medelijde voor Laurie. Dus als Laurie hem kust, kust hij terug, niet uit liefde, maar uit medelijde.

Ondertussen was Wibbe met Max naar het dorp geweest. Wibbe was een gek die uit het gesticht was ontsnapt en bij Agrippina en haar familie was gaan wonen.Onderweg vertelt Wibbe tegen Max dat hij normaal is en de rest van de bewoners gek.Laurie geloofd dat Wibbe de enige is die gek is. Omdat de auto pas de volgende dag gemaakt kan worden, moeten ze bij de feestdag van Sterre blijven en waarschijnlijk ook daar de nacht doorbrengen. Max ziet dit niet zo zitten, zijn "gezonde" kinderen tussen die gekken, maar wat hij niet weet is dat zijn "gezonde" kinderen Marrie, het mongoolse meisje al de hele tijd zowel geestelijk als lichamelijk mishandelen.Wat Laurie betreft zouden ze daar blijven wonen, zij voelde zich daar helemaal thuis.De ceremonie voor Sterre houdt nog heel veel in, want Sterre is namelijk dood. Ze had een of andere fobie dat het kwaad in haar zat( hiermee bedoelde ze haar menstruatie, want ze dacht dat als iemand te dicht in haar buurt kwam, het kwade in haar de ander overnam en om het kwaad te vernietigen moest ze zichzelf vernietigen.).

Terwijl ze bezig zijn met Sterre's feest, zijn Laurie's kinderen en Marrie ineens spoorloos en Agrippina krijgt weer het rare idee dat ze bloed nodig heeft om jong te blijven en had het op Laurie' s kinderen gemunt en ook zij is plots verdwenen. De rest van het huis heeft het door en daarom sluiten ze Max met een smoesje op in de kelder. Terwijl Laurie door dit alles de slappe lach krijgt en in de keuken op een stoel ploft er een lange tijd niet afkomt. Ondertussen gaan Ebbe, Biba en Lupo naar het bos om Agrippina te zoeken. Die is ondertussen alweer terug en ligt in bed, omdat ze alles wazig ziet en in de verkeerde kleuren. Als Laurie weer wat bijgekomen is gaat ze ook naar buiten, ze gaat Lupo en haar kinderen zoeken, maar ze loopt verkeerd en verdwaald.

Ondertussen zit Wibbe opgesloten op zolder, wanneer hij een radioberichtje krijgt dat iemand bij de dichtsbijzijnde inrichting een melding had gedaan dat er een hele aparte vrouw rondliep. Dus Wibbe beukt zich door de deur heen en kijkt op Agrippina's kamer. Die ligt daar met hevige koorts te ijlen.

Ondertussen is Laurie bij een groot hek aangekomen. het blijkt de poort van een psychiatrische inrichting te zijn. Omdat Laurie zo in de war is, denken de doktoren daar dat ze hulp nodig heeft en ze willen haar al bijna platspuiten, als Wibbe op zijn motor komt aansjezen met Agrippina in de zijspan. Hij legt haar uit hoe alles werkelijk zit, dat het een soort projekt is en dat hij de opzichter is en de rest zijn patienten zijn. Hierdoor raakt Laurie zo overstuur dat ze haar nu wel moeten platspuiten. Als ze bij komt, zit ze in een dorpje bij een zaakje aan een tafeltje met Max en haar kinderen. Als ze de auto gaan halen vraagt Laurie zich af of alles nu wel echt gebeurt is of dat ze het gedroomt heeft. Koos ze voor het vasthouden aan de echtheid van haar bestaan, dan had ook haar nachtmerrie werkelijk plaatsgevonden. Koos ze voor het fictief verklaren van haar herinnering aan de nacht, dan verklaarde ze haar hele leven tot een loze illussie. Het was de vraag met welke leugen ze liever wilde leven.


Tijd & Ruimte
TIJD

De tijd waarin het verhaal speelt is niet echt duidelijk, het kan nu, twee jaar geleden of zelfs dertig jaar geleden zich afspelen. De tijdverloop van het werkelijke verhaal is ongeveer een dag, maar door de flash-backs duurt het verhaal een heel mensenleven, dat van Agrippina wel te verstaan. Op de flash-backs na is het verhaal chronologisch. De verteltijd komt ongeveer wel overeen met de vertelde tijd zonder flash-backs.


RUIMTE

De ruimte waar het verhaal zich afspeelt is voornamelijk een groot huis met wat bijgebouwtjes gelegen aan een bos, wat je pas aan het eind van het boek leest is dat het huis eigenlijk een soort uitprobeersel is voor een alternative inrichtingsmethode.


Vertel situatie
Het vertelperspectief is het perspectief van de alwetende verteller, alleen je komt de gedachten en gevoelens van een personage tegelijk te weten, er zijn dus als het ware meerdere vertellers.


Personages
Laurie, ze heeft een leeg bestaan, leeft alleen maar om haar man te plezieren, haar kinderen op te voeden en het huishouden te doen. Ze is heel onzeker over zichzelf en over haar relatie met Max. Zo voelde ze zich ook altijd als hij bij zijn thuiskomst alleen de hond aanhaalde. Hij vindt me waardeloos en dom en lelijk en hij maakt me zo zenuwachtig met zijn eeuwige kritiek.

Max, hij is een soort egotripper, hij heeft Laurie voor de kinderen, het huishouden en het goede fatsoen en voor liefde of sex pikt hij wel iemand anders op, wat hij daarna dan aan Laurie verteld om haar te kleineren. Hij vindt zichzelf groots en bijna perfect en Laurie irriteert hem met haar onderdanige houding, maar wanneer ze dan een beetje zelfverzekerd gaat doen, bluft hij eroverheen. dacht Max: nu krijg je eindelijk me waar je me hebben wilt- in een rolstoel. Ooit was ze natuurlijk mooi geweest, anders was hij nooit met haar getrouwd.

Agrippina, ze is een opmerkelijke vrouw met de gedachte dat ze bloed nodig heeft om jong te blijven, dit waanidee heeft ze uit schoonheidsboekjes in de bibliotheek. Ze heeft een ongelovelijke drang om het middelpunt van belangstelling te zijn en iedereen die haar niet die belangstelling kan geven is in haar ogen nutteloos en vervelend. In haar wijde middaggewaad leek ze wel een reusachtige vleermuis, slepend met de ingewanden van een prooi die bij nader inzien rafelige guirlandes waren. Met al haar roesjes en kantjes stapte ze haar bed in, trok de dekens tot over haar oren en vertelde zichzelf een kalmerend verhaal.

Lupo, hij heeft nooit geleerd om lief te hebben en is ook uit medelijde met het lelijkste meisje uit hun buurt getrouwd, maar ze kreeg een ongeluk en hun pasgeboren baby ook, waardoor hij zich dwangmatig een schuldcomplex oplegt. Zijn leven krijgt weer een beetje zin als hij de drieling Ebbe, Biba en Sterre ontmoet, maar van hen kan hij ook niet onvoorwaardelijk houden. Ook weet hij niet precies wat hij met vrouwen aanmoet of hoe hij ermee om moet gaan. Iedere morgen geloofde Lupo pas dat zijn wereld echt bestond als hij hem gezien, gehoord en geroken had. Mooi of lelijk, dat was hem om het even en bovendien maakte hij een medemens graag gelukkig: als hij zich niet over haar ontfermd had , zou ze zeker zijn overgeschoten.

Ebbe, Biba en Sterre, ze zijn een drieling, maar alledrie zijn ze gespecialiseerd in iets anders, Sterre kan voelen, Ebbe kan heel goed praten en Biba kan heel goed dingen doen. Dit heeft als gevolg dat Ebbe Biba altijd ompraat, zodat zij altijd alles moet doen. Omdat Sterre zo goed kon voelen en daar niet mee overweg kon is ze van het dak van het huis gesprongen. Wat zit je hier toch in dat donkere krocht te vegeteren als een pissebed. Ben je bang dat je kanker aan je oogballen krijgt van de zon? Dat kwam, verklaarden Biba en Ebbe in koor, doordat er verwarring ontstond ten gevolge van het feit dat zij zo identiek waren als eeneiige zusters maar konden zijn.

Wibbe, lijkt een simpele gozer in het begin, doordat hij een beetje zwijgzaam is, vaak over zich heen laat lopen door de anderen en er volgens de andere personages niet echt slim uitziet, maar schijn bedriegt, want hij blijkt een psychiater te zijn die de andere in de gaten moet houden, i.p.v. de gek van het stel te zijn. Wibbe raasde en tierde. Hij ging tekeer alsof hij door een half dozijn duivels bezeten was. Hij stampte met zijn voeten, hij maaide met zijn armen en hij brak zowat zijn nek, zo zwiepte hij met zijn hoofd. Noodweer noch lijfsgevaar kon dokter Wibbe van zijn plicht afhouden.

Alle personages zijn round characters

Belangrijke bijfiguren zijn: Marrie, het naieve, vrolijke mongooltje. De kinderen van Laurie, vervelende, misselijke ettertjes.


Thematiek
Het eigenlijke thema van het boek is identiteit. Het grote wie-is-wie-spelletje. In het begin wordt je namelijk op het verkeerde been gezet doordat enkele personages iets over andere personages zeggen. Dat is in hun ogen een feit, maar dat hoeft nog helemaal niet waar te zijn. Misschien laten we hem te veel merken dat we hem niet voor vol aanzien, dacht Lupo, hurkend bij de verongelukte auto. Een ander thema is krankzinnigheid, want wie is er nu krankzinnigin dit boek? Agrippina, die denkt dat ze bloed nodig heeft om jong te blijven, terwijl ze eigenlijk een gigantische tumor in haar hoofd heeft, Lupo, die nog nooit geleerd heeft om iemand echt lief te hebben, maar een dwangmatige drang heeft om iedereen lief te hebben en ook iedereen evenveel liefde te geven, Sterre, die dacht dat haar menstruatie een slechte macht was en dat zij zichzelf moest vernietigen om het kwaad te kunnen vernietigen. Het schrijnde tussen haar benen, het brandde in haar buik. Daar, dacht Sterre, daar zat het stankcentrum, midden in die weerzinwekkende machinerie van onreinheid. Of was Max gek, terwijl hij maar beweerde dat hij het perfecte gezin had, werd zijn vrouw platgespoten in een psychiatrische inrichting en mishandelden zijn twee zoontjes een onschuldig naief mongooltje.

Of is Laurie gek, ze zit in een huis vol geestelijk gestoorden, die ze normaal vindt en de enige die ze gek vindt, is hun opzichter, een psychiater. Ook zit er een vleugje wanhopigheid , want Laurie is zo wanhopig dat haar man haar niet meer wil, dat ze zichzelf letterlijk opdringt aan een praktisch wildvreemde man.


Boekbeschrijving & Titel
De titel buitenstaanders slaat denk ik op de bewoners van het huis vlak bij de inrichting. Omdat ze anders zijn dan de rest staan ze buiten de maatschappij. Je kunt het ook anders zien, de maatschappij staat buiten hun leven, dus iedereen die deelneemt aan die maatschappij is een buitenstaander in hun bestaan. Ook kan de titel betekenen dat Laurie en haar gezin de buitenstaanders zijn, omdat zij elkaar niet begrijpen, of omdat zij Agrippina en haar meute niet begrijpen.


Literatuur geschiedenis
Renate Dorrestein werd op 25 januari 1954 geboren in Amsterdam. Ze had nog twee zussen en een broer. Al op de basisschool en middelbare school schrijft zij al 'boeken'. Na de middelbare school volgt ze een cursus tijdschriftjournalistiek en gaat ze bij de Panorama werken. Daarna werkt ze freelance voor een aantal bladen en ondertussen blijft ze boeken schrijven. Maar die boeken worden allemaal afgekeurd. Tot in 1983 haar eerste boek "Buitenstaanders" wordt uitgeven. Binnen een half jaar moet het boek al twee maal herdrukt worden.

In 1984 verschijnt haar volgende Roman "Vreemde streken". In 1988 pleegt haar zusje zelfmoord. Om de pijn en de schuldgevoelens van zich af te schrijven, schrijft ze de roman "Het perpetuum mobile van de liefde", hierin legt ze een rechtstreeks verband tussen de lijdensweg van haar zusje(die aan boulimia en anorexia leed) en het knellende door mannen bedachte rolmodel voor vrouwen.

Het boek is door iedereen goed ontvangen, zelfs door antifeministen en
goed verkocht. Het boek was dus een knallend debuut voor Dorrestein.


Eigen mening
Ik vind het een mooi boek, want het taalgebruik was niet te makkelijk en ook niet te moeilijk. Het verhaal zelf vond ik erg meeslepend, boeiend en er zat een verassende ontknoping aan die ik helemaal niet had verwacht. De stijl is erg gewaagd door het aparte, gewaagde taalgebruik, zoals u wel heeft kunnen zien in de citaten.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen