U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Jeroen Brouwers - Bezonken Rood.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=14 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2019 woorden.

Samenvatting
(2) De hoofdpersoon in het verhaal is Jeroen Brouwers.
Zijn moeder is in februari 1981 gestorven. Hij heeft haar nooit in het bejaardentehuis opgezocht. 's Ochtends wordt hij telefonisch op de hoogte gesteld van het overlijden van zijn moeder. Hij is niet bij de crematie aanwezig. Toen hij hoorde van de dood van zijn moeder begon hij te beven en kreeg hij het niet koud van ontroering, maar van angst. Hij neemt hiertegen een pil.

(3) Zes à zeven jaar geleden, toen hij een tamelijk onevenwichtig leven leidde, heeft hij Liza ontmoet. Met haar is hij slechts drie dagen omgegaan. Nu heeft hij een vrouw en kinderen gevonden. Voor de dood van zijn moeder heeft hij Liza nog een keer ontmoet. Na de dood van zijn moeder moet hij zowel aan Liza als aan zijn moeder denken, in dezelfde mate van hartstochtelijkheid als onhartstochtelijkheid.

(4) De ik-figuur heeft zijn ouders nooit gekend. Samen met zijn moeder, grootmoeder en zusje heft hij in het Jappenkamp Tjideng gezeten. Dit was een kamp voor vrouwen en jongetjes tot tien jaar.

(15) De commandant van het kamp, Kenitji Son, heeft zijn moeder een keer afgeranseld. Op dat moment is de ik-figuur gestopt met van haar te houden.

(6) Na de Tweede Wereldoorlog wordt Jeroen door zijn moeder naar een kostschool gestuurd, omdat hij door de oorlog zo verwilderd was. Hij beschouwd dit als verraad van zijn moeder.

In het kamp:
(12) De grootmoeder van de ik-figuur overlijdt. Vele kampbewoners overlijden. Maar hij voelt niets, ook niet bij het overlijden van zijn kampvriendinnetje.

(13) De hoofdpersoon stelt zich voor wat zijn moeder allemaal op de avond van haar dood heeft gedaan.

Vanuit het behaardentehuis wordt opgebeld of hij interesse heeft in de spullen van zijn moeder. Dat heeft hij niet, want hij wil niets 'tjoepen'. (term gebruikt in Jappenkampen: het overnemen van spullen van overleden mensen.) Weken later krijgt hij een fotoalbum van zijn moeder. Hij vindt zichzelf hierin nauwelijks terug.

(15) Op vrijdag 30 juni wordt zijn moeder om drie uur gecremeerd. De begrafenis wordt hem uitgebreid beschreven.

(17) Die middag rijdt hij rond in zijn auto, zonder dat hij zijn pillen heeft ingenomen. Hij verlangt naar Liza. Hij verdwaalt in de mist. Dan stapt hij uit en begint te lopen door het bos. Hij komt aan bij een zwart meer. Hier denkt hij aan zijn moeder. Ook denkt hij terug aan het kamp. Hij wilde zijn moeder wel verzorgen, maar hij kon niet meer voor haar doen, dan haar voorlezen uit het boek Daantje. Nu zijn moeder dood is, hoopt hij dat Liza verschijnt. Maar ook zij is dood.

Thuisgekomen gaat hij verder met zijn studie over zelfmoord, maar dit wil niet vlotten. Hij begint te drinken. Hoe meer hij drinkt, hoe minder hij trilt.


Motto
Er aber, in seiner gewöhnlichen Art, hüllte sich in Geheimnisse, indem er mich mit grossen Augen anblickte und mir die Worte wiederholte:
Die Mütter! Mütter! 's klingt so wunderlich! -
(Johann Peter Eckermann, Gespräche mit Goethe.)

Vertaling:
Hij echter, op zijn gewone manier, hulde zich in geheimzinnigheid, doordat hij mij met groten ogen aankeek en mij de woorden herhaalde: Moeder! Moeder! Het klinkt zo wonderlijk!


Tijd & Ruimte
Historische tijd

1. Het Tjideng-kamp.
Dit speelt zich af tijdens de oorlog. Dus tussen 1940 en 1946.

2. Het stadje van Liza.
Dit is zes à zeven jaar voor de tijd in het huis van de ik-figuur. Dus is dit ongeveer 1974.

3. Het huis van de ik-figuur.
De tijd is ongeveer 40 jaar na de oorlog en nog voor de uitgave van het boek. Dus de tijd is ± 1980.

Verteltijd

De verteltijd is 129 bladzijden.

Vertelde tijd

Het verhaal is chronologisch verteld. Het speelt zich af in drie tijden.
1. Het kamp. Dit zijn duidelijk herinneringen.
Hoofdstuk 5, 6, 8, 9, 12, 14 en 16
2. De relatie met Liza. Dit zijn waarschijnlijk herinneringen, maar kunnen ook flash-backs zijn. Als het flash-backs zijn, is het verhaal niet chronologisch.
Hoofdstuk 4, 7, 10, 11 en 13
3. Thuis.
Hoofdstuk 2, 3, 5, 7, 10, 13, 15 en 17



Fysische ruimte
Het verhaal speelt zich voornamelijk in drie ruimtes af:
1. Het Tjideng-kamp.
2. Het stadje van Liza.
3. Het huis van de ik-figuur.

Het Tjideng-kamp.
Het kamp was een vrouwenkamp, waar ook jongetjes tot tien jaar zaten. Het kamp was een wijk. Er zaten duizenden gevangenen in een wijk. Er was veel te weinig ruimte voor de mensen. Men leefde met tientallen mensen in een huis. De familie van de ik-figuur bewoonde een aanrecht.

Het stadje van Liza.
Het stadje *** is de plaats, waar de ik-figuur Liza heeft ontmoet. Liza woont in een appartement boven een klokkenwinkel.

Het huis van de ik-figuur.
Het huis is omgeven door mist. Verder is er weinig bekend over het huis.


Psychische ruimte
Als de ik-figuur en Liza aan het vrijen zijn, horen ze vaak de klokken slaan. Dit herinnert Jeroen aan zijn moeder. De mist om het huis, komt ook terug in zijn gedachten. Het staat voor de troebelheid van zijn gedachten, mede veroorzaakt door de pillen en angst.


Vertel situatie
Het verhaal is in een overwegende achteraf vertellende ik-verteller geschreven. De lezer is er de hele tijd van op de hoogte dat het boek geschreven wordt. Hier volgen een aantal citaten:

Citaat 1.
Ik vernam het bericht van haar dood telefonisch, om plusminus half negen in de ochtend: het telefoongerinkel scheurde mij weg uit een mistig of schemerig stadje waar ik liep, zes à zeven jaar jonger dan ik nu ben, er was een geliefde bij mij die zei: Het stalletje van Bethlehem, Het huisje va Nazareth ... - er rinkelde een belletje, dat was de telefoon. (Blz. 10 r. 12-18)

Citaat 2.
Verder dacht ik niets, -wat niet hetzelfde is als: verder dacht ik er niet aan. Beter is, te schrijven: ik voelde niets. (Blz. 11 r. 4-5)


Personages
De hoofdpersoon is Jeroen Brouwers. Hij heeft als klein kind met zijn moeder, grootmoeder en zusje in het Jappenkamp Tjideng. Hij heeft toen zijn gevoel verloren. Hij had namelijk geen gevoel als iemand overleed.

Als hij het verhaal schrijft is hij ± 47 jaar. Hij heeft last van een midlifecrisis. Hij vindt zichzelf niet optimistisch, vrolijk, asociaal of bang. Hij heeft veel last van angstaanvallen. Deze zijn te verklaren met het feit dat hij in het Jappenkamp heeft gezeten. Hiervoor slikt hij pillen.
Na de oorlog heeft hij in een kostschool gezeten. Dit beschouwt hij als verraad. Hij heeft Liza ontmoet. Hij trekt een aantal dagen met haar om, en vertrekt dan.

Jeroen is een round-character, omdat je alles van hem weet. Je weet zijn gedachten en alles wat hij beleefd heeft.

Bijpersonen:

De moeder van Jeroen
De moeder van Jeroen heet Henriette Maria Elisabeth van Maaren.
Ze is getrouwd geweest, maar haar man is zeventien jaar eerder overleden. Toen ze klein was leefde ze in een welgestelde omgeving. Met de oorlog is dit verdwenen. In het Jappenkamp verliest ze haar dochter en moeder. Ook wordt ze zelf afgeranseld. De laatste jaren van haar leven slijt ze in een verpleegtehuis, daar ze aan de ziekte van Parkinson leed.

In Jeroens herinnering is ze moedig, optimistich en vrolijk. Als hij aan haar denkt, ziet hij haar met platte borsten. Ze is een flat-charater, omdat van haar veel bekend is, behalve haar gedachten.

Liza
De hoofdpersoon heeft haar 6 à 7 jaar geleden ontmoet in een café in de stad waar Liza woont. Ze zien elkaar drie dagen. Ze hebben een zeer heftige verhouding, met vele vleselijke uitspattingen (eufemisme). Dan verlaat de ik-figuur haar weer. Een paar dagen na de dood van zijn moeder duikt ze weer op. Ze is lerares op een basisschool. Ze heeft altijd blauwe, doorzichtige kleding aan.
Men kan haar met Maria vergelijken op de volgende punten:
1. Ze draagt blauwe kleren.
2. Ze loopt mee in de Maria-processie.
3. Ze heeft bijnamen als Troosteres der bedroefden en Eerwaardige maagd.
4. Als ze met de ik-figuur vrijt, spreken ze over 'Toren van David' en 'Ivoren toren'
5. Ze was voor de ontmoeting met Jeroen nog maagd.
Als Jeroen aan haar denkt, denkt hij aan haar volle borsten.

Samenhang personages
De samenhang van de personages ligt vooral in het teken van moederschap. Jeroen verliest zijn moeder door niet meer van haar te houden. Hij zoekt dan zijn toevlucht tot zijn Liza. Zijn moeder is ook geen vrouw volgens hem, omdat ze geen borsten heeft. Liza daarentegen heeft volle borsten.


Thematiek
Het thema heeft vooral te maken met de relatie's tussen de ik-figuur en zijn moeder en met Liza. De ik-figuur verliest zijn moeder. Dan wordt hij erg bang. Hij gaat dan op zoek naar een vervangend moederfiguur. Dit is Liza. (= Maria)
Als men zijn moeder verliest, verliest men de bescherming, die men dan bij een ander gaat zoeken, maar daar niet vindt.

Motieven:

Angst
Angst speelt een duidelijke rol in het leven van de ik-figuur. In de kamptijd had hij geen angst, maar op hogere leeftijd krijgt hij deze toch. Zo erg, dat hij er zelf pillen voor inneemt. Citaten:

Citaat 3.
Ik voel niets en ik wil niets voelen.
(Blz. 19 r. 1 van onder)

Citaat 4.
Verder dacht ik niets. Beter is, te schrijven: ik voelde niets.
(Blz. 44 r. 1 van onder.)

Citaat 5.
Soms is mijn angst zo erg dat het mij voorkomt dat mijn gezicht op een papperige manier vloeibaar is geworden en bezig is in klodders van mij af te druipen, - na de angstaanval is het of ik een ander gezicht heb gekregen en ik mijn eigen vertrouwde spiegelbeeld niet zal herkennen.
(Blz. 13 r. 11-16)

Angst is een verhaalmotief, omdat het buiten het verhaal ook zeer betekenisvol is. Verder is het een abstract iets.

Eelt
Als klein kind kreeg de ik-figuur eelt onder zijn voeten, omdat hij op blote voeten rondliep.

Citaat 6.
Terwijl de film zich ontrolde, en ik er nu eens naar keek en dan weer niet, wachtend tot ik slaap zou krijgen, hield ik mij bezig met het verwijderen van het eelt aan mijn voetzolen: eerst met een rasp, toen met een grove vijl, toen met een fijne vijl.
(Blz. 37 r. 1-5)

Citaat 7.
Om wakker te blijven krabde ik met een scherp steentje het door de regen zacht geworden eelt van mijn voeten.
(Blz. 55 r.15-17)
Dit onderwijl zijn moeder op een plein in de regen in de nacht beschenen door schijnwerpers moet staan.
Het eelt symboliseert zijn ongevoeligheid.
Eelt is een leidmotief, omdat het een concreet iets is, dat buiten het verhaal geen verdere betekenis heeft.

Dood
Iedereen in de familie van de ik-figuur overlijdt. Hij overleeft iedereen.
Zijn vader overlijdt zeventien jaar voor zijn moeder. Zij overlijdt in 1980. Zijn grootmoeder overlijdt in het kamp.

Citaat 9.
Mijn moeder heeft haar man zeventien jaar overleefd. ... Ze heeft ook haar oudste zoon overleefd, die enige winters geleden ergens in de Verenigde Staten met een vliegtuig is neergestort. Alles wat nog bij het Brouwersdom plaatsvindt, is, dat er gestorven wordt.
(Blz. 9 r. 9-2 van onder)
Vele mensen sterven in het kamp.

Citaat 10.
Ik zag iedere dag dode mevrouwen: ze stuikten door hun benen tijdens de langdurige appèls in de hamerende hitte op het koempoelanplein, ze vielen voorover of achterover of opzij tijden de corveedienst, ze stonden niet meer op als het 's morgens licht werd, of midden op de dag gingen ze zitten of liggen, deden hun ogen dicht en bleken dood te zijn. ... De letterlijkheid van de betekenis van het woord 'doodgewoon'.
(Blz. 44 r. 1-11)
De dood wordt gesymboliseerd door de vliegen. Dit kan als een apart motief worden behandeld, maar ook bij het motief 'dood'.

Citaat 11.
Op wie de vliegen neerstreken zonder door haar op wie ze neerstreken te worden verjaagd, was op weg naar de dood, - dit was een van de onmiskenbare tekenen.
(Blz. 45 r. 3-1 van onder.)

Dood is een verhaalmotief, omdat het buiten het verhaal ook een grote betekenis heeft.

Andere motieven zijn:
1. Synchronisatie.
2. Liefde
3. Trauma
4. Kinderwoordjes.
5. Wind.


Boekbeschrijving & Titel
De titel 'Bezonken rood' slaat op het bloed dat veel vloeide in het Jappenkamp. Ook de angst zakt als een waas van bezonken rood voor de ogen. (Blz. 57 r. 8-9)

Ook de rode vlek op de Japanse vlag wordt vergeleken met bezonken rood. Ook in de betekenis van bloed.


Eigen mening
Ik vond het een zeer moeilijk boek, met vele lange zinnen. Weer had ik het idee de betekenis van het boek te begrijpen.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen