U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Joseph Joffo - Un Sac De Billes.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/711 en is laatst upgedate op 23/02/2000.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2313 woorden.

Joseph Joffo, de schrijver, is geboren in 1931. Na de oorlog wordt hij kapper als zijn vader. In 1971, na een ski-ongeluk, is hij begonnen met schrijven van zijn herinneringen van zijn

kinderjaren. Dat is <>.In dit boek beschrijft hij het leven van de Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog in Frankrijk. De held van het verhaal, Joseph Joffo, is een jongen van 10 jaar op het moment waar hij Parijs moet verlaten met zijn oudere broer Maurice om niet in de handen van de Gestapo te vallen. Hij heeft nog een zus, Rosa, die in Montluçon en 2 broers, Albert en Henri, die hetzelfde beroep doen als hun

vader: kapper.



Titel: Het boek heet zo, omdat Joseph zijn gele ster ruilt voor een zak knikkers







1) l'Enfance



Joseph herinnert zich zijn kinderjaren nog. Hij was gelukkig in Parijs. Er was van alles: auto's, bloemisten, geur van de bakkerij, cafées met terassen in de zomer enz. 's Avonds controleert moeder hun tanden,oren en handen. Vaak vechten ze in hun kamer (Joseph begint vaak) en nu weer. Dan komt hun vader de kamer binnen en laat ze gewoon doorvechten. Sommige avonden komt hun vader de kamer in, gaat zitten op een bed en verteld verhalen over de familie. Die verhalen hebben Joseph's kinderjaren beïnvloed. De held is zijn opa. Een rijke man die gekend en gehouden werd door de inwoners. Hij zag soldaten van de Tsaar,vlammen, tranen, doden. Hij moest dus vertrekken. De Joffo's hebben Europa doorkruist: Roemenië, Oostenrijk, Duitsland en op een dag bevonden ze zich voor de laatste grens. Aan de andere kant was er gezang van vogels. Op de huizen stonden de woorden: VRIJHEID-GELIJKHEID-BROEDERSCHAP. Op een avond aan tafel, toen de Duitsers waren gekomen, stelde mama een vraag. Ze vroeg:"denk je dat men problemen zal hebben, nu ze hier zijn?"Papa zei:"nee,niet hier in Frankrijk, nooit."



2) l'étoile jaune



Het is 8 uur 's ochtends en het is nog donker buiten. Mama is gaan zitten en reikte Joseph's jasje aan. Ze naait snel aan de revers links een gele ster: JOODS. Hij dacht dat als men dat heeft, dat men niet veel dingen meer kan doen zoals in bioscopen

gaan of naar school gaan. Op weg naar school komen ze Zerati tegen. Hij is Joseph's vriend sinds hij 3 jaar was. Hij keek strak naar de ster en zei dat hij veel geluk had. Op de speelplaats waren er groepen leerlingen. Een kring leerlingen hadden zich gevormd en Joseph in het midden. Één van de leerlingen vroeg of hij een jood was.Hij kon moeilijk nee zeggen als het op zijn jas staat geschreven. Een jongen zei dat het de schuld van de joden is dat er oorlog is en dat we ze weg moeten jagen. Diezelfde jongen zei:"heb je zijn grote neus gezien?" Dat zei hij, omdat er op <> een aanplakbiljet was. Er was een spin op afgebeeld die op een globe kroop, een dik beest met kleine ogen, bloemkooloren, een enorme mond en een neus van een twintigtal centimeter lang. Eronder stond geschreven:<>. Joseph vond dat hij (en de andere joden) er helemaal niet op leken.



3) A l'ecole



Het eerste uur was aardrijkskunde. Joseph had een plaats bereikt naast Zerati. De pater had zijn blik laten dwalen op ons zoals elke ochtend, maar hij is niet gestopt bij mij.

Toen hij Raffard een vraag stelde, gaf dat Joseph een slechte indruk. Hij dacht dat hij niet meer meetelde. Toen de bel ging, is hij naar buiten gegaan. De andere kinderen dandsen rondom hem en zeiden: "jood, jood, jood.!" Eentje duwde hem tegen zijn rug, maar hij viel niet. Hij heeft ook een harde klap tegen zijn oor gehad. Toen hij Maurice zocht, bloedde hij(Maurice) bij zijn knie. De volgende dag om half 12 wacht Maurice op Joseph. Toen ze een straat in liepen kwam Zetari, met een zak knikkers. Die wilde hij ruilen voor de gele ster. Dat vond Joseph goed.

Aan tafel keek papa ze aan. Hij zei dat ze niet naar school moesten, want hij moest ze iets belangrijks vertellen.



4) le départ



Hun vader heeft hun geroepen. Hij begon met een monoloog. Hij vertelt ze verhalen over hoe hij Rusland verliet en kapper werd en hun moeder heeft leren kennen. Hij vertelt ze dit, omdat

zij ook moeten vertrekken(net als hun 2 broers zijn vertrokken begin 1941). Ze vertrekken vanavond. Ze zullen de metro nemen totaan het station, dan kaartjes kopen voor Dax.

Daar zullen ze de demarcatielijn oversteken. Dichtbij Dax zullen ze in een dorp gaan dat Hagetmau heet. Daar zijn mensen die ze zullen helpen. Hun vader geeft ze 5000 f.f. Een ding moeten ze goed weten: ze zijn joden, maar mogen het nooit zeggen. Ontken altijd. Papa riep Joseph en vroeg of hij joods was. Toen hij ontkende, sloeg hij hem op zijn wang en zei dat hij loog.Joseph ontkende weer. Toen vertrokken ze en dat was het einde van

de kinderjaren. Na een lange reis komen ze aan in Dax en nemen de bus naar Hagetmau.



5) la ligne de démarcation



Maurice en Joseph zijn in het dorp aangekomen. Ze moesten iemand vinden die ze (en andere mensen) over de grens brengt. 50 meter verder zien ze een jongen(hij heet Raymond) op een grote, zwarte fiets rijden met een mand op zijn bagagedrager. Hij brengt vlees naar een vrouw en gaat verder. Hij praat even met ze en vertelt ze daarna waar ze een "passeur" kunnen vinden.

Alleen kost het 5000 f.f per persoon. Maar hij kan het ook doen voor 500 f.f. Hij geeft ze zijn mand en moeten de ronde afmaken. Die avond om 10 uur komt er een fietser aan. Het is Raymond. Ze geven hem hun geld en lopen door.Ze moeten nu 200 meter lopen zodat ze een sloot tegenkomen. Langs de sloot naar een boerderij. Daar kunnen ze slapen. De boer is op de hoogte. Maurice vroeg of de vrije zone daar is. Maar Raymond zei dat ze er al waren. Dat was een teleurstelling voor Joseph. Na een lange reis van 2 weken komen ze in Menton aan



6) A Menton



Menton was nog een kleine stad. Grote hotels, het sanatorium was bezet door de italiaanse soldaten die een aangenaam leven hadden. Maurice zag in een groot type die bezig was de

haren van een klant te knippen. Het was Henri. Ze gaan naar binnen. Henri draait zich om en ziet ze. Hij omhelst ze en zegt dat hij nog 2 minuten moet werken. Ze gaan naar zijn huis

en organiseren een feest, omdat Joseph en Maurice geredt zijn.



7) nouveau départ



Echter op een dag ontvangen ze een brief van hun ouders die in een kamp in Pau zijn. Ze zijn daar opgesloten. Henri besluit er naar toe te gaan om ze te helpen. Hij bluft en zegt dat zijn moeder katholiek is en zijn vader frans. Dan worden ze vrijgelaten. Vier dagen na Henri's terugkomst ontvangen ze de eerste brief uit Nice. De ouders vertrekken over een maand of twee. Die avond klopt er iemand aan de deur. Het waren

2 gendarmes. De kleine haalde een papier ui zijn aktetas. Ze kwamen om hun persoonsbewijzen te vragen en dat ze zich moeten melden bij de prefectuur(voor de S.T.O, Service

de Travail Obligatoire). Ze moeten dan vertrekken naar Duitsland. Ze konden niet in Menton blijven dus gingen ze naar Nice. Daar was de familie weer herenigd.



8) les Allemands à Nice



In Nice heeft Joseph kennis gemaakt met een jonge italiaanse soldaat die hem steeds weer vragen stelt over franse grammatica. Op een dag vroeg hij de regels van het voltooid deelwoord, maar dan doet hij zijn boek dicht en zegt dat ze stoppen. Hij zei dat ze gauw weggaan. Joseph begreep niet wat hij wilde zeggen, dus legde hij het uit. Mussolini is niet meer de aanvoerder, maar Badoglio. Iedereen gelooft dat hij vrede met de Amerikanen wil. Als zij vertrekken , komen de duitsers. Op 8 september tekent Badoglio een wapenstilstand met de Amerikanen en italiaanse soldaten passeerden de grens om door te gaan met de oorlog,

dit keer tegen de duitsers. Op 10 september is er een trein gestopt en een duizendtal duitse

soldaten. De S.S was er, burgers onder hun, mensen van de Gestapo. Er waren talrijke arrestaties van Joden. Papa is gaan zitten en vertelt ze dat ze opnieuw van elkaar moeten scheiden.

Albert en Henri vertrekken naar de Savoie. Maurice en Joseph gaan naar een metgezellenkamp. De ouders van Joseph blijven in Nice.



9) Le camp des jeunes Compagnons de France



In het kamp maken Maurice en Joseph kennis met een franse jongere die geboren is in Algerije.

Als hij verhalen aan ze verteld, denkt Maurice een oplossing voor hun probleem te hebben gevonden. Op een ochtend toen Joseph in de keuken werkte is Maurice naar hem toegekomen.

Hij heeft aan iets nagedacht. Ze moeten iets anders verzinnen, voor het geval dat de duitsers een huiszoeking doen. Ze denken eraan om naar Algerije te gaan(nu de Amerikanen daar zijn).

Ze zijn voor alles voorbereid(denken ze). Op een dag verlaten ze het kamp en halen hun vriend Ferdinand in Nice(ze weten niet dat hij ook joods is en valse papieren wil kopen om de grens

te passeren). De duitse politie komt aan en arresteert ze alledrie en neemt ze mee naar een hotel



10) l'interogatiore



Er waren veel mensen, kinderen en koffers in een grote hal. Ze kijken naar een klein meisje van 3 of 4 dat op de schoot van haar moeder sliep. Bovenaan de trap komen 2 S.S met een burger

die een lijst in zijn hand heeft. De oproep is lang. De mensen worden naar het station gevoerd. Ze wachten voor een deur en dan gaan ze naar binnen. Ferdinand werd als eerste verhoord.

Eerst ontkende hij dat hij joods was, maar later bekende hij dat hij joods was. Toen kon hij weggaan. Daarna werden Maurice en Joseph ondervraagd. Ze ontkenden dat ze joods waren en dat ze Algerijers zijn. En ook dat ze katholieken zijn, zijn gedoopt en dat ze hun communie hebben gedaan, maar ze hebben niet aan de naam van de kerk gedacht. Toen zei Maurice dat het de Buffa in Nice is. De volgende dag was er een nieuwe ondervraging, maar dit keer werden ze alleen verhoord.



11) le curé de la Buffa



Joseph wordt verhoord. Hij moet zijn kamer beschrijven(en hij moest hetzelfde zeggen als Maurice). Hij beschreef dus zijn kamer. Soms zei de tolk iets dat hem nerveus maakte en

hij stelde ook strikvragen. Daarna werden ze een tijdje niet meer verhoord en op een dag werden ze samen verhoord. De S.S wijst Maurice aan om bewijzen dat ze geen joden zijn,

binnen 48 uur, anders snijden ze Joseph in stukken. Geen tijd te verliezen. Na 2dagen komt hij terug met de papieren. Daarna verlaten ze het hotel en gaan ze naar huis. De voldende ochtend gaan ze naar het kantoor van de Gestapo. Maurice gaf hem de bewijzen, maar de man zei(in het duits) dat ze vals waren(en hij had gelijk). Hij neemt ze in beslag. De volgende dag is de pastoor gekomen om ze te zien. Hij is gegaan naar het kantoor van de Gestapo. Hij zei niks. Na 2 dagen is hij teruggekomen. Hij heeft van 7 uur 's avonds tot 6 uur 's avonds gewacht. De derde dag heeft men hem ontvangen. Hij is voor 7 uur terugkomen. Hij nam enkele papieren mee en vroeg onmiddelijk om hun bevrijding. Om geen problemen te hebben met de franse kerk, besluit de Gestapo ze dus weer in vrijheid te stellen.



12) le retour



Na hun bevrijding gaan Maurice en Joseph terug naar het metgezellenkamp. Dan horen ze dat hun vader gearresteerd is door de Gestapo vanwege een razzia. Hun moeder is verstopt bij vrienden in Nice. De situatie is gevaarlijker en dus moeten ze weer vertrekken. Ze gaan naar hun zus Rosette(Rosa). Na een vermoeiende reis(geen eten, geen geld, sterke controle van de politie) komen ze bij hun zus aan. Zij is blij ze weer te zien. Maar dezelfde dag van hun aankomst zijn er verschillende arrestaties in het dorp. Onmogelijk om daar nog langer te blijven. Ze komen in contact met Albert die hun het adres geeft van een vriend die de eigenaar van een hotel is in R(een klein dorp tussen Nice en Aix-les-Bains). Daar werkt Maurice. Het onzekere lot van hun ouders maakte de jongens ongerust. Op 8 juli 1944 trekken de duitsers zich terug uit de franse- en amerikaanse legers. Het Verzet neemt de macht over. Tijd om af te rekenen. De pater Mancelier neemt het risico om veroordeeld te worden wegens medewerking met de duitsers. Joseph besluit om ze een poets te bakken, maar een goeie. Eind augustus 1944. De nieuwe bevrijding van Frankrijk komt aan. Kinderen kunnen teruggaan naar hun familie. Vrienden nemen Maurice mee met de auto, maar als er geen plaats meer is, is

Joseph verplicht de trein naar Parijs te nemen.



Drie jaar later heeft hij de metro genomen en is hij teruggekomen. Veel dingen waren nog hetzelfde(de straten, de lucht, de geur). Hij heeft nog altijd zijn rugzak. Hij is gegroeid. <>. Dezelfde letters goed geschreven.achter het raam ziet hij

Albert, hij knipt. Henri hanteert de bezem. Joseph heeft mama en Maurice al gezien. Papa was er niet(meer). Joseph is nu 42 jaar en heeft kinderen(3). Als hij zijn zonen ziet

slapen kan hij slechts één ding wensen: Dat de tijd van het lijden en de angst, zoals hij die gekend heeft die jaren, nooit meer terugkomt. Maar wat heeft hij te verliezen? Die dingen

doen zich niet meer voor, nooit meer. De rugzakken zijn onder het dak. Ze blijven er altijd. MISSCHIEN.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen