U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : J. Bernlef - Onder Ijsbergen.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=8 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2787 woorden.

Bibliografie
Druk: Dit boek komt uit de Grote Lijsters serie van 1997/1998

Jaar: 1997/1998

Jaar van eerste druk: 1981

Aantal pagina's: Het boek telt 144 bladzijden, waarvan er 138 tot het verhaal behoren, de overige 6 bladzijden bevatten informatie over de schrijver.

Indeling: Het boek is verdeeld in 5 dagen en een soort epiloog. Deze delen zijn weer onderverdeeld in genummerde hoofdstukken.


Samenvatting
Woensdag 2 juli 1975

De bijna 63-jarige Jakob Olsen uit Denemarken wordt als waarnemer naar Groenland gestuurd om een mogelijk gerechtelijke dwaling te onderzoeken.
Enkele jaren eerder heeft Jón Eira, behorend tot de oorspronkelijke Eskimo-bevolking, zijn krankzinnig geworden grootmoeder vermoord. Tijdens de behandeling van zijn zaak, in 1973, komt het tot een conflict in de rechtzaal. De leden van de dorpsgemeente Eqe, waartoe Jón Eira behoort, bepleiten een collectieve straf omdat zij ook samen besloten hebben de vrouw te doden. Volgens de inwoners van het dorp huisde er in de vrouw een boze geest. Deze kon alleen verdreven worden door haar te doden. De Deense rechtspraak kent echter geen begrip als 'collectieve schuld', daarom wordt alleen Jón Eira veroordeeld tot zeven jaar gevangenis. Twee jaar later, in 1975, pleegt hij zelfmoord in zijn cel. de zaak komt opnieuw in opspraak, en de Denen besluiten Jakob Olsen naar Groenland te sturen om de zaak nogmaals te onderzoeken. Het boek begint op woensdag 2 juli 1975. Jakob Olsen zit in het vliegtuig op weg naar Groenland. Hij ontmoet Nick Morello, een aan lager wal geraakt jazzpianist die toevalligerwijs naar hetzelfde hotel als Olsen gaat om daar in de bar te gaan spelen. Als ze in het hotel aangekomen zijn, belt Olsen zijn vrouw op, maar de verbinding is slecht en hij neemt zich voor haar gauw te schrijven.

Donderdag 3 juli 1975

Olsen kijkt het dossier over de moord op Karin Esbjerg nog eens door, en herinnerd zich gesprekken met een ambtenaar in Kopenhagen en de gevangenisdirecteur van Kolding over deze zaak. Olsen gaat praten met de burgemeester en de commisaris, maar wordt daar niet veel wijzer van. 'Ik vroeg me af,' zei hij. 'Nu ik hier ben. Hoe staat u eigenlijk tegenover dit onderzoek?' 'Het lijkt ons wel nuttig,' zei de burgemeester. Olsen keek hem aan. De bleekblauwe ogen van de burgemeester staarden langs hem heen. De commisaris tuurde naar de punten van zijn zwarte laarzen. De commisaris brengt hem bij Lina Krog, een tolk, die veel van Groenlanders af weet. Van haar hort hij dat Jón Eira een dichter was, en dat hij bij zijn dorpsgenoten in hoog aanzien stond. Lina laat Olsen de ijsfjord van Jakobshavn zien. Als hij terug komt in het hotel, ligt er een brief van zijn vrouw waarin zij schrijft dat zijn vader ernstig ziek is. Als hij even later zijn vrouw opbelt, blijkt dat zijn vader gestorven is.

Lina was vroeger schooljuffrouw, maar ze is met dat werk opgehouden omdat ze erachter kwam dat het Deense onderwijs aan de Groenlandse kinderen voorbijging. Het Deense onderwijs gleed langs hen heen. Daarom was ze ermee opgehouden. Het had geen zin te proberen een cirkel in een vierkant te veranderen. Lina gaat naar het hotel om Olsen op te halen. Daar komt ze Nick Morello tegen, de man met wie ze een jaar geleden een verhouding had. Olsen gaat met Lina mee en spreekt met haar over de zaak. Als Olsen weg is, denkt Lina aan haar vriend Jim, die nooit is teruggekomen uit Vietnam. Later heeft Nick haar getroost.

Olsen drinkt een borrel bij de koster van Jakobshavn en later nog een samen met Nick Morello. Als Olsen naar bed gaat, denkt de dronken Morello aan de krukkenmuziek die hij hier moet spelen.

Vrijdag 4 juli 1975

Jakob Olsen koopt een zonnebril en gaat kijken naar de repetitie van het toneelstuk dat door Lina Krog geregiseerd wordt. Samen brengen ze een bezoek aan Nystrup, de grote garnalenfabriek van Jakobshavn, waar tegenwoordig veel Inuit werken. Nick komt bij Lina op bezoek en blijft bij haar slapen. Olsen heeft een gesprek met Sivertsen, de onderzoeksrechter uit Godthab. Sivertsen heeft destijds grote moeilijkheden gehad met de ondervraging. De bewoners van Eqe waren exact over temperatuur, windkracht en weersgesteldheid, maar erg vaag als het over de beraadslagingen ging die tot de beslissing hadden geleid. Woorden als 'misschien' en 'ik weet het niet' komen vaak in het rapport voor. Olsen gaat samen met Sivertsen bij de burgemeester en zijn vrouw eten.

Zaterdag 5 juli 1975

Olsen dwaalt rond in de mist als hij enveloppen gaat kopen. Verdwaald. Dat was hem in jaren niet meer overkomen. Voorzichtig liep hij verder, zijn handen met de palmen naar voren, zijn blik op de grond gericht, alsof hij op ijs liep en bang was in een wak te belanden. Lina komt Nick Morello tegen in het hotel. Morello vertelt haar dat hij haar in een seksclub in New York heeft gezien. Als Lina weer teruggaat, denkt ze aan de tijd die ze in New York heeft doorgebracht. Olsen komt in de supermarkt aan, en bedenkt dat het onmogelijk is een rapport te schrijven dat aan alle details recht doet. Hij wordt uitgenodigd door een Eskimo-vrouw, en koopt een tupilákbeeldje. Hij gaat terug naar het hotel en vindt een brief van zijn vrouw. Ze schrijft onder andere over de crematie van Olsens vader. Olsen schrijft nog even iets terug en ondertekent onder andere met 'je weifelmoedige waarnemer'. 's Avonds praat Olsen met de vroegere dorpsgenoten van Jón Eira. Hij hoort dat Jón eira Karin Esbjerg gedood heeft omdat hij de beste jager was. Ook nu zijn de Inuit weer erg vaag. Olsen krijgt het gevoel dat het belangrijkste in deze zaak niet onder woorden kan worden gebracht.

Zondag 6 juli 1975

Olsen gaat met Umanatsiaq en zijn vader in een boot naar het voormalige dorp van Jón Eira, Eqe. Alle bewoners zijn vertrokken en werken nu in de stad. Als ze het uitgestorven dorp bezichtigd hebben, wil Umanatsiaq hem ook nog het eiland laten zien waar de vrouw vermoord is. Daar doodt Umanatsiaq jakob Olsen met een groot mes. Tussen zijn geheven handen zag Jakob Olsen het blikkerende lemmet door de lucht schieten. In een alles verblindende flits van pijn bleef hij nog een ogenblik in zijn trainingspak verstard overeind staan. Toen was er de geur van gras en aarde en toen niets meer. Lina Krog heeft de band met de gesprekken met de groenlanders uitgetypt en wil deze naar Jakob Olsen brengen. Olsen is vanzelfsprekend niet thuis. Lina gaat naar zijn hotelkamer en vindt daar de brief die Olsen nog aan zijn vrouw wilde sturen. Ze leest dat Olsen zich wel tot haar aangetrokken voelde. De burgemeester, de commisaris en de hoteleigenaar storen haar stiekeme gelees, maar ze weet nog gauw de brief weg te frommelen voordat ze verdwijnt. De drie mannen nemen de spullen van Olsen mee en sluiten de gordijnen. Lina komt Nick Morello tegen. Ze laat hem de brief van Olsen lezen. Daarna verbranden ze de brief en gaan met elkaar naar bed. Ze weten nu zeker dat ze uit Groenland weg willen.

(soort epiloog)

In deze kleine 'uitweiding' vertelt de schrijver hoe het met de overige personages afliep. De première van het toneelstuk van Lina Krog werd een groot succes. De moordenaar van Jakob Olsen werd tot zeven jaar veroordeeld. Deze keer waren er geen oud-bewoners van Eqe in de rechtzaal aanwezig. De aantekeningen van Olsen werden opgeborgen, men beschouwde de zaak als afgedaan. Nick Morello ging terug naar New York, Lina Krog naar Kopenhagen. Inge Olsen woont drie straten van haar vandaan.

Nick Morello bevond zich ergens in New York. Lina Krog gaf les op een lagere school in Kopenhagen. Tot haar opluchting bleek ze niet zwanger. Inge Olsen woont drie straten van haar vandaan in een buurt met ouderwetse huizen en statig ruisende lindebomen.


Motto
Klein zijn de stranden van de kleine meren. Klein is der mensen geest; niet alle mensen zijn even verstandig: heel de mensheid is half.


Tijd & Ruimte
Het verhaal speelt zich af op Groenland. Dat is een onherbergzaam eiland met grote sneeuw- en ijsvlakten. Een stoet witglinsterende ijsbergen, ieder met een franje van nog witter ijs (of was het schuim) om zich heen, bedaard aankoersend op een lichtoranje verte. Dit illustreert de eenzaamheid en de ontheemding van de drie belangrijkste personages. Als Jakob Olsen aankomt is het nog helder weer. Olsen is dan nog de koele, zelfverzekerde waarnemer. Uiteindelijk komt hij in de mist terecht, wat gepaard gaat met zijn wiefelmoedigheid en desoriëntatie. Het dorp Jakobshavn is kil en onpersoonlijk, een indruk die nog versterkt wordt door het vele ijs. Ook de personages zijn koel en afstandelijk, evenals de stijl waarin het boek geschreven is.


Personages
Personages: De hoofdpersoon van dit boek is Jakob Olsen. Hij is een tamelijk oude rechter uit Denemarken. Hij komt naar Groenland als waarnemer, niet om te oordelen. Hij is formeel en afstandelijk. In het begin van het boek is hij nog zelfverzekerd en energiek, later, vooral nadat hij gehoord heeft dat zijn 93 jaar oude vader overleden is, wordt hij onzeker en weifelmoedig. Dan gaat hij over zijn eigen leven nadenken en komt hij er achter dat hij zijn hele leven bang is geweest voor zijn vader. Jakob wilde eigenlijk liever economie studeren, maar zijn vader (die zelf ook rechter was) had hem gedwongen rechten te studeren. Jakob heeft nooit een liefdevolle relatie met zijn vader gehad, ook tussen hen was er een grote formele afstand. Toch moet hij tot de conclussie komen, dat hij in veel opzichten erg veel op zijn vader lijkt, meer dan hij eigenlijk wil. Ook Jakobs leven verloopt koel en zakelijk met een tik op het eind. Olsen raakt verstrikt in de zaak Jón Eira en daarmee ook in zijn eigen levensvragen. Zijn zekerheden wankelen, hij vraagt zich af wie hij nu eigenlijk is en wat er van hem overblijft zonder zijn macht en gezag. Ook hij is dan alleen nog maar eenzaam. Hij is niet in staat om door te dringen in de wereld van de Inuit met zijn mythen en tradities, maar zijn eigen wereld kent hij ook niet. Hijzelf, de mensen uit zijn omgeving, de wereld zelf, het zijn allemaal ijsbergen: het grootste stuk kun je niet zien en daardoor ook niet kennen. Lina Krog is een vrouw van een jaar of veertig. Zij kwam uit Denemarken en heeft een tijdje in New York gewoond samen met haar vriend Jim. Het werk in de seksclub leek haar eerst minderwaardig, totdat ze begreep dat je in deze stad alles kon doen omdat iedereen elkaar allang alleen had gelaten. Eerst dacht ze dat het volkomen schaamteloos was, het opgeven van iedere trots om zoiets intiems in het openbaar met een wildvreemde te doen. Tot ze begreep dat je in deze stad alles onder ieders ogen kon doen omdat iedereen elkaar al lang gelaten had en de stad niets anders was dan een kleurrijk en chaotisch decor voor ieders tocht naar de rand of de bodem van het vuilnisvat. Als Jim haar verlaat, gaat ze terug naar haar oom in Kopenhagen. Ze vindt een baan als onderwijzeres in Jakobshavn en haar ideaal wordt de Inuit-cultuur en de westerse techniek te verenigen. Maar ze neemt ontslag omdat het onmogelijk is om een cirkel in een vierkant te veranderen: het Deense onderwijs gaat aan de Eskimo-kinderen voorbij. Ze wordt tolk en leidt een eenzaam leven. Ze neigt er steeds meer toe om de Groenlandse cultuur te aanvaarden en de westerse matschappij te verwerpen (zie bijv. het toneelstuk). Als Olsen vermoord is, zegt ze tegen Morello dat ze zeker weet dat ze hier weg wil. Nick morello is voor haar eigenlijk een surrogaat voor Jim. Aan het eind van het boek lezen we dat ze zonder Nick naar Denemarken is teruggegaan om weer les te geven.

Nick Morello is een min of meer mislukte jazzpianist, die alleen nog maar platgespeelde nummers speelt. Hij is op zoek naar 'de echte melodie', maar vindt deze niet. Daarom zoekt hij troost in de drank.


Thematiek
In dit boek wordt de botsing tussen twee culturen beschreven. De cultuur van de Eskimo's is collectief, de westerse cultuur is individueel. Zowel Jakob Olsen als de Inuit ondervinden dat de synthese tussen deze twee culturen niet mogelijk is. Jón Eira wordt uit de collectief weggehaald en alleen in een cel gezet. Hij wordt individu en pleegt zelfmoord. Ook in het toneelstuk van Lina wordt getoond dat de vermening van culturen desastreuze gevolgen kan hebben. De oude Inuitcultuur gaat langzaam ten onder aan het cultuurimperialisme van Denemarken. De Inuit die in Jakobshavn werken, raken aan de drank en sparen allemaal voor een koelkast of een televisie. Ze voelen zich nog wel met elkaar verbonden. Er zijn verschillende plaatsen in het boek waar de nadruk wordt gelegd op het collectief zijn van de Inuit. Eén daarvan is de manier van uitdrukken: ze hebben het nooit over Jón Eira , maar over 'de mensen die Jón Eira zijn'.

Jakob Olsen, de rechter, vertegenwoordigt het individualsme en de rechtvaardigheid. Maar nu hij in aanraking komt met de andere cultuur beseft hij de schijnwaarden van zijn systeem. Ook het individu gaat ten onder, of verliest zich in anonimiteit en eenzaamheid. De mensen vervreemden van elkaar, ze vereenzamen en voelen zich nergens thuis. Ze kunnen elkaar niet vertellen wat er werkelijk omgaat, en daardoor kennen ze elkaar en de wereld ook niet.

Er zijn verschillende elementen in het verhaal die herhaald worden, waardoor het boek een structurele eenheid wordt. Voorbeelden hiervan: 'groen', 'ijsbergen', 'de onmogelijkheid om van een cirkel een vierkant te maken' en 'Ayayay'.


Boekbeschrijving & Titel
Van ijsbergen is maar 1/5 à 1/7 deel zichtbaar. De rest ligt onder de oppervlakte verborgen. De mensen proberen achter deze verborgen werkelijkheid te komen, maar slagen niet in hun poging. Totale vereenzaming is het gevolg: men kent zichzelf, elkaar en de omringende wereld niet. Dit motief wordt in verschillende lagen van de roman uitgewerkt.

-Jakob Olsen kent zichzelf en zijn verleden niet.

-Lina begint pas iets van Jakob te begrijpen als ze de brief leest.

-Jakob Olsen moet achter de motieven van de Inuit zien te komen. Maar dat is een onmogelijke opdracht. Soms komt er iets boven water. Als ze dronken zijn. Maar de rest is toch een gesloten boek voor ons.

-toch voelt Olsen iets van de werkelijkheid van de Groenlanders aan. Misschien wordt hij daarom ook wel vermoord. Maar hij heeft het gevoel dat het belangrijkste in deze zaak niet onder woorden gebracht kan worden, en zo verzwegen wordt.

-Ook de literatuur kan de waarheid niet aan het licht brengen. Olsen suggereert dat in een roman misschien wel alle details tot hun recht zouden komen. Dat dit niet lukt zien we vooral aan het eind van het boek, als de lezer met de vraag blijft zitten waarom Olsen nu eigenlijk vermoord is. Net zo min als Olsen kan de lezer doordringen tot de werkelijkheid. Alleen de gebeurtenissen zelf, de oppervlakte, het topje van de ijsberg, is duidelijk, maar wat daaronder zit is onduidelijk.


Perspectief
het verhaal wordt vertelt in de stijl van alwetende verteller, want je komt gevoelens en gedachten van Jakob Olsen te weten, maar ook van Lina Krog en Nick Morello. Maar net zo als jakob Olsen niet alle fieten kan ontdekken van de zaak Jón Eira, kan de lezer niet alle gevoelens en gedachten van de personages ontdekken, de verteller houdt de personages voor als ijsbergen.

Het verhaal is bijna chronologisch verteld. De gebeurtenissen vinden in chronologische volgorde plaats in vijf achtereenvolgende dagen. Er zijn echter wel sprongen in de tijd, bijvoorbeeld als Olsen zich de gesprekken herinnert met de ambtenaar en de gevangenisdirecteur.

De verteltijd is 138 bladzijden lang en de vertelde tijd is zonder epiloog vijf dagen. De epiloog zelf bestrijkt een langere tijdsperiode, ongeveer een paar maanden na de dood van Jakob Olsen.

Het hele verhaal speelt in 1975 en staat in de verleden tijd geschreven, behalve de laatste zin, die staat in de tegenwoordige tijd. Hierdoor krijg je het gevoel dat Inge Olsen daar nog steeds woont.


Literatuur geschiedenis
J bernlef is het pseudoniem van Hendrik Jan Marsman. Hij werd geboren op 14 januari te Sint Pancras. Hij wijdt zich sinds 1964 geheel aan het schrijven. Hij zat van 1958 tot 1971 in de redactie van het tijdschrift Barbarber. Daarna werd hij redacteur van het tijdschrift Raster. Hij schreef veel poëzie en proza, dat zich kenmerkt door de koele toon en door eenvoudigheid. Enkele romans en verhalen van hem zijn: Stene spoelen (1960), De maker (1972), Sneeuw (1973) en Meeuwen (1975).


Eigen mening
Ik vond het geen leuk boek om te lezen, waarom weet ik niet precies. Maar het stond me niet aan en zeker Jakob Olsen stond me niet aan, hem vond ik wel zo irritant. Hij was zo zakelijk dat ik me er aan dood ergerde. Ook was het boek heel zakelijk geschreven, dit stond me ook niet zo aan, ik heb liever een boek dat gaat over gevoelens dan over feiten en uiterlijkheden.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen