U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag :  - Hersenschimmen.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/20098/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 3792 woorden.

I. Persoonlijke reactie en beoordeling



Ik vond het een erg vreemd boek, wat op zich niet zo vreemd is, omdat het gaat over iemand die dement wordt. Maar toch, je blijft toch stiekem hopen op een soort ontknoping, die er uiteraard niet komt. Dit neemt echter niet weg dat ik het een goed boek vond. Het lijkt wel of je tegelijk met Maarten dingen vergeet; ik vind het erg knap hoe de schrijver dat voor elkaar heeft gekregen! Neem bijvoorbeeld de passage waarin Maarten gaat wandelen met zijn hond, die hij op een gegeven moment gewoon vergeet mee te nemen. Pas op het moment dat Vera hem met de auto komt zoeken en zegt dat Robert alleen thuis kwam, ontdekte ik zelf ook pas dat hij zijn hond gewoon vergeten was! Heel raar vond ik dat.

Steeds verder naar het einde toe wordt het als maar vager en vager, tot de laatste tien bladzijden, waar ik helemaal niks van begreep. Dat vind ik jammer. Want ik had bijvoorbeeld graag willen weten waarom Karl Simic zelfmoord heeft gepleegd (wat Maarten schijnt te weten). Ook vind ik het jammer dat je betrekkelijk weinig over Maartens ouders en kinderen te weten komt. Zo blijft Maarten een alleenstaand karakter in een steeds onbegrijpelijker wordende wereld.

Maar afgezien hiervan is de stijl waarin het boek is geschreven natuurlijk verschrikkelijk goed gekozen. Hoe kun je de lezer nou beter duidelijk maken hoe het is om dement te worden, dan door hem als het ware ìn het hoofd van de dementerende hoofdpersoon te plaatsen?

Ik vond het wel een leuk boek, omdat het zo anders is als andere boeken die ik gelezen heb (vooral qua thema en stijl).



Als ik het boek zou moeten beoordelen met een cijfer, zou ik een 7 geven.



II. Samenvatting, analyse en interpretatie



A. Voorwerk



A.1. Titel/ ondertitelbeschrijving

De titel van het boek is ‘Hersenschimmen’. Het boek heeft geen ondertitel.



A.2. Uiterlijke beschrijving

Het boek heeft 143 bladzijden en bestaat uit negen hoofdstukken die geen titel of nummer hebben. Elk stuk begint met een cursieve zin, waarmee het begin van de nieuwe dag aangegeven wordt.



A.3. Motto

A touching dream to which we all are lulled

But wake from separately

Philip Larkin



A.4. Opdracht

Het boek heeft geen opdracht.



B. Samenvatting

(ZONDAG) Hoofdpersoon en verteller in deze roman is de Nederlander Maarten Klein, 72 jaar oud. Hij woont met zijn vrouw Vera al zo'n vijftien jaar in de Verenigde Staten, in het plaatsje Gloucester, aan de kust boven Boston (Massachusetts). Hun twee kinderen, Fred en Kitty, wonen niet meer bij hen. Klein is sinds enkele jaren gepensioneerd. Hij is in zijn dienstwoning, die uitkijkt op de in zee uitstekende rots Eastern Point, blijven hangen. Voor zijn pensionering werkte Klein bij de IMCO (Intergovernmental Maritime Consultative Organisation), een internationale visserijorganisatie. Eerst notuleerde hij de vergaderingen, later hield hij zich bezig met het vaststellen van de vangstquantums. Het verhaal begint op een winterse zondag; buiten ligt sneeuw. Maarten Klein staat voor het raam en ziet uit naar de schoolbus die de kinderen uit de buurt thuisbrengt. Op zondag rijdt de bus echter niet. Een blik op de buitenthermometer, die aar Kleins vader heeft toebehoord, stuurt zijn gedachten naar het verleden: Domburg, zijn ouders, school, opa en oma. Maarten Kleins herinneringen aan de bewaarschool leiden ertoe dat hij op een stoel klimt om een potlodendoos te zoeken, in de veronderstelling verkerend dat hij zich in het materiaalhok van de bewaarschool bevindt. Achteraf dringt het besef dat hij iets vreemds deed, wel tot hem door. Op tafel ligt The Heart of the Matter van Graham Greene met een buskaartje erin. Nu eens meent Maarten het boek voor het eerst te zien en weet hij van het buskaartje niets af, dan weer herinnert hij zich het boek zelf gekocht te hebben en de busreis zelf gemaakt te hebben. 0p zondag eet het echtpaar traditioneel pizza. De pizza is aanleiding tot het ophalen van gezamenlijke herinneringen van Maarten en Vera aan Rome. Maarten blijkt zich van die vakantie niets te herinneren, maar weet dit feit, dat hem verontrust, voor Vera verborgen te houden. Na een partij schaak begeeft het echtpaar zich in bed.

(MAANDAG) Na een nacht die Maarten voor een groot gedeelte (vergeefs) puzzelend aan de keukentafel heeft doorgebracht brengt hij Vera ontbijt op bed. Vera blijkt al tien jaar geen suiker meer in haar koffie te gebruiken. 'Verstrooidheid,' zegt Maarten. Tijdens zijn dagelijkse wandeling met zijn hond Robert doet Maarten een café aan. Hij vindt dat het barmeisje sprekend lijkt op zijn eerste liefde, Karen. Met haar had hij voor het eerst van zijn leven gevreën, in een vakantiehuisje in Noord Holland. Bij Maarten dringt eehter het besef door dat dit meisje Karen niet kan zijn. Hij vervolgt zijn wandeling en doet een antiquariaat aan. Tot zijn verrassing blijkt dat hij daar al eerder The Heart of the Matter van Graham Greene gekocht had. Maarten koopt nu van dezelfde schrijver Our Man in Havana. Inmiddels is hij zijn hond al lang uit het oog verloren. De dodelijk ongeruste Vera spoort Maarten op. Robert was alleen naar huis gelopen. Maarten vraagt Vera af zij zich nog herinnert hoe zij in Holland samen hand in hand liepen op de oude Slaperdijk. Vera weet niet waar hij het over heeft. De lezer weet dat dit herinneringen aan Karen zijn. Als Maarten zich moet gaan scheren, blijkt hij onderweg al vergeten te zijn wat hij van plan was te doen en meent dan dat hij houtblokken voor de open haard moet gaan halen. Later komt Ellen Robbins, die in de buurt woont, op bezoek. Maarten informeert naar haar man Jack. Die blijkt al jaren dood te zijn. Vera vertelt Ellen dat ze zich zorgen maakt over Maartens toestand. Maarten gaat piano spelen en denkt aan zijn vroegere pianolerares, op wie hij als jongetje verliefd was. Hij gaat vroeg (zeven uur) naar bed.

(DINSDAG) Nadat Maarten is opgestaan, blijkt Vera niet thuis te zijn. Hij denkt dat ze naar de bibliotheek is waar ze vrijwilligerswerk doet. Na een geweldige schranspartij wil Maarten naar zijn werk (IMCO). Alle deuren naar buiten blijken echter op slot te zijn. Maarten forceert de deur van het washok. Hij moet immers naar de IMCO-vergadering, die in een zomerhuisje dichtbij is belegd. Het zomerhuisje is afgesloten en ook hier forceert Maarten de deur. Hij weet opeens niet meer wat hij in het zomerhuisje te zoeken heeft en keert terug naar huis. Daar vertelt de geschrokken Vera hem dat de laatste IMCO-vergadering vier jaar geleden heeft plaatsgevonden en dat zij zelf al lange tijd niet meer bij de bibliotheek werkt. Vera vertelt dat ze aan dokter Eardly heeft gevraagd om binnenkort langs te komen, omdat ze vindt dat Maarten de laatste tijd zo vreemd doet. Maarten denkt terug aan zijn vroegere collega Karl Simic. Kort na een bezoek van Maarten had Simic in bad zijn polsen doorgesneden en was daarna verdronken. Vera tracht met behulp van een foto-album Maartens herinneringen weer op orde te brengen. Hoe dichter echter de foto's het heden naderen, des te ondoordringbaarder en raadselachtiger lijken ze te worden. Na de fotosessie gaat Maarten even rusten. Als hij wakker wordt, meent hij dat hij als kind bij opa logeert. Vera knipt het licht aan en Maarten is weer terug in het heden. Dokter Eardly komt op bezoek. Hij adviseert Vera om Maarten binnen te houden, hem veel te laten rusten en pillen te laten slikken. De buurjongen, William Cheever, brengt boodschappen langs. Maarten informeert naar zijn witte keeshondje Kiss. Een pijnlijke vraag, omdat het beestje al lang dood is. Een televisieprogramma over de opkomst van Hitler brengt Maartens gedachten terug naar die tijd. Hij was toen verloofd met Karen. Plotseling wil Maarten voor Vera knielen, maar dat is wat hij vijftig jaar geleden voor Karen had willen doen.

(WOENSDAG) Na zijn late ontbijt wil Maarten de hond gaan uitlaten. Vera houdt hem tegen. Nu ziet Maarten in haar zijn moeder die hem iets verbiedt. 'Ik ben het, Vera,' snikt ze. Terwijl Vera even langswipt bij Ellen Robbins slaat Maarten een ruit stuk om de hond Robert, die buiten rondscharrelt binnen te laten. Dan meent Maarten weer dat hii als kind bij opa en oma logeert. Als Vera door de voordeur binnenkomt, roept hij: 'Ik ben hier oma.' De buurjongen William Cheever repareert de kapotte ruit provisorisch. Maarten informeert weer naar zijn hondje Kiss. De verwarring in Maarten wordt steeds groter en de momenten waarop hij dan weer kind, dan weer volwassene is, volgen elkaar steeds sneller op. Nu eens meent hij als kind bij zijn grootouders te logeren, dan is hij het kind dat nog bij papa en mama woont en dan weer is hij de vader die wacht op zijn twee kinderen. Ook zijn er ogenblikken van totale vervreemding, zoals wanneer hij in zijn eigen huis meent op een hotelkamer te vertoeven. Maar er zijn ook korte momenten van besef. Dokter Eardly komt weer langs. Hij wil Maarten een spuit geven, maar Maarten slaat hem de spuit uit zijn handen. Hij is bang dat de spuit een waarheidsserum bevat, waarmee de nazi's hem iemand willen laten verraden. Even later denkt hij dat er vloeibaar voedsel in zit en dat Eardly een van de Amerikaanse bevrijders is. Hij laat zich gewillig inspuiten.

(DONDERDAG) 'Een vrouw' (Vera) helpt Maarten met wassen en aankleden. Eerst denkt Maarten dat zij zijn moeder is, dan dat hij met Vera naar papa's verjaardag gaat en even later dat hij naar zijn werk moet. Weer even later is hij het jongetje dat zijn pianoles wil instuderen voor Greet Laarmans, de pianolerares op wie hij verliefd is. Er komt een meisje in huis als gezinshulp, de blonde Phil Taylor. Maarten verwart haar met zijn jeugdliefde Karen en met zijn dochter Kitty. Als Phil piano speelt, weet hij zeker dat ze Greet Laarmans is en durft hij eindelijk zijn hoofd in haar schoot te leggen. Tot Maartens verbazing zegt 'Creet' in het Engels tegen hem: 'Dat moet u niet meer doen. Anders zal ik moeten gaan.' De hele dag door vraagt Maarten zich af wie toch dat blonde meisje is. 's Nachts zwerft hij in huis rond en loopt hij zomaar Phils kamer binnen. Even later aan de piano slaagt hij er niet in zich te herinneren hoe het adagio uit Mozarts veertiende pianosonate klinkt. Hij kan het begin niet vinden en wordt door Vera en Phil huilend aan de piano aangetroffen.

(VRIJDAG) Als Maarten wakker wordt, blijkt dat hij met riemen aan de spijlen van het bed is vastgebonden en dat hij 'het echtelijk bed heeft volgescheten'. Twee vrouwen, een oude (Vera) en een jonge (Phil) tillen hem in bad. Zijn stijve geslachtsdeel veroorzaakt schaamte en verwarring. Met Phil werkt Maarten weer een foto-album door. Maarten herkent Vera en zichzelf niet meer. Vera komt thuis en overtuigt Maarten ervan dat hij even moet rusten. Maarten wordt wakker en ontsnapt ongezien naar buiten, zonder jas, op zoek naar dc IMCO. Als hij over het schelpenpad langs het strand loopt, is hij weer de kleine Maarten die in Holland op weg is naar zijn ongeruste vader en moeder. Tom, de vuurtorenwachter van Eastern Point, pikt Maarten op. Hij brengt Maarten in zijn jeep naar huis, naar Vera. Maarten denkt dat het 1945 is, de bevrijding. Ook dokter Eardly, die weer eens langskomt wordt door Maarten gezien als een van de Amerikaanse bevrijders. Maarten krijgt een injectie en valt in slaap.

(ZATERDAG) Maarten wordt 's nachts wakker met zware hoofdpijn en een hevige dorst. Hij staat op. Zijn in het donkere raam weerspiegelde gestalte herkent hij niet. Beneden peutert hij de foto's uit het album los en verbrandt ze in de open haard. Een vrouw (Vera) leest Maarten voor uit een boek met op het omslag een man met een hoed (Our Man in Havana). Dan staat er een lange witte auto voor de veranda; Maarten wordt afgevoerd naar een inrichting.

(ZONDAG) In de inrichting. 'Mensen zitten in lange rijen op banken en houten schragen... vrouwen en mannen... verdoofd lijkt wel zoals ze daar voor zich uit zitten te staren naar de witgesausde muur.' Een dag gevuld met zitten, bezigheidstherapie, koffie, thee en pillen. Dan brengen zij 'het' naar een ruimte met bedden... 'zij zetten het op de rand van zo'n bed . . . zij kleden het uit . . . zij doen het een pyjama aan ..... zij duwen een pil in zijn keel ... zij leggen hem in bed.' In de nacht vindt Maarten 'haar' hand (van zijn moeder of van Vera) die hem troost en rust geeft. ' . . . zij draagt je. . . ik draag je. . . kleine jongen van me. . . de hele lange bange nacht door zal ik je dragen tot het weer licht wordt.'

(MAANDAG) Maartens waarneming van deze dag beslaat acht regels. Met zijn ogen gesloten hoort Maarten de stem van een vrouw (Vera) die fluistert dat het raam gemaakt is en dat de lente op het punt staat te beginnen.



C. Analyse en interpretatie

Bij het analyseren en interpreteren van ‘Hersenschimmen’ heb ik ook gebruik gemaakt van de uittreksel-cd en van internet; een groot gedeelte is echter ook eigen werk.



C.1. Titelverklaring

De herinneringen van de hoofdpersoon aan zijn verleden zijn, als gevolg van het dementieproces, erg vaag. Hierdoor zijn zijn herinneringen niet meer dan hersenschimmen.



C.2. Mottoverklaring

‘A touching dream to which we are all lulled.

But wake from separately.’

(The building - Philip Larkin)



De letterlijke vertaling van dit motto is: ‘Een mooie droom waar iedereen wordt ingewiegd, maar waar iedereen afzonderlijk uit wakker wordt.’ Het betekent dat het leven in het teken van de dood staat.



C.3. Genre

‘Hersenschimmen’ is een psychologische roman; de lezer kijkt mee door de ogen van de dementerende Maarten.



C.4. Idee, thema en motieven



C.4.1. Idee

De mens kan alleen feiten kan registreren, maar niet in staat is de werkelijkheid achter de feiten te bepalen; de mens is niet in staat het systeem, de zin van het leven, zo die er al is, te achterhalen.



C.4.2. Thema

Het hoofdthema van ‘Hersenschimmen’ is dementie. In het boek wordt het proces van dementie beschreven. Maarten voelt zich verward en onzeker. Hij verliest de greep op de werkelijkheid achter de feiten en lijdt aan geheugenverlies. Ook vervreemdt hij meer en meer van zijn vrouw, met wie hij al jaren getrouwd is. Het winterse landschap maakt dat er geen onderscheid gemaakt kan worden tussen dingen. Alles lijkt op elkaar en vervaagt. Maarten heeft dan ook een hekel aan de winter.





C.4.3 Motieven

- Jaargetijden zijn een belangrijk aspect in dit boek; vooral de winter. Het winterse landschap maakt dat er geen onderscheid gemaakt kan worden tussen dingen. Alles lijkt op elkaar en vervaagt; net als in Maartens hoofd. Maarten heeft dan ook een hekel aan de winter. Ook is de lente belangrijk. De laatste zin van het boek luidt bijvoorbeeld als volgt: ‘…de lente die op het punt staat te beginnen…’. Hier wordt denk ik mee bedoelt dat in de natuur weer duidelijkheid zal ontstaan (na alle verwarring van de winter), maar dat in Maartens hoofd de verwarring voor goed zijn intrede heeft gedaan.

- De oorlog is ook een motief. Dit is een van de dingen uit Maartens verleden, waar hij zich nog veel van kan herinneren. Hij denkt hier vaak aan en vertelt er ook vaak over. Maar op een gegeven moment kan hij heden en verleden niet meer uit elkaar houden en beeldt hij zich soms in dat hij in de oorlog zit.

- Een ander, heel belangrijk motief is systematiek. Maarten is geboeid door zijn vader die door louter feiten op te schrijven en in grafieken te verwerken, probeerde een systeem in die feiten te ontdekken. Ook Maartens werk bij de IMCO bestond ook uit het vastleggen van feiten (notulequantums). Een ander voorbeeld uit het boek hierbij is het moment waarop hij erover nadenkt om zijn liefde voor Vera in een grafiek te verwerken.

- Taal; Een hulpmiddel bij het registreren van de werkelijkheid is de taal. Taal is hét middel tot communicatie, hét middel om de werkelijkheid te benoemen. De dementerende Maarten verliest steeds meer de greep op de taal. Hij kan de goede woorden niet meer vinden of hij kan met woorden niet uitdrukken wat hij voelt. Naarmate Maartens realiteitsbesef verder afneemt, probeert hij krampachtiger zich vast te klampen aan de taal. Op blz. 145 denkt hij: 'Woorden, dat is wat energie geeft, is energie zelf. Een mens hoort van woorden te zijn. Totaal. Zo voor de hand ligt dat. (Eindelijk weer eens iets van waarde, toevoer van woorden moet er komen, dat is wat de situatie redden kan, verhalen, aanvoer, import van verhalen.)' Maar de situatie kan niet meer gered worden. Vlak daarvoor, op blz. 144, denkt Maarten in een helder moment: 'Er zit verdomme nergens verhaal meer in hier.' De afnemende beheersing van de taal, die gepaard gaat met de afbrokkeling van de werkelijkheid, komt tot uiting in de vele korte fragmenten op de laatste bladzijden van de roman, die net als Maarten eindigt in 'gestamel zonder veel verhaal.'

- Het scherpe besef van vergankelijkheid (zie bijv. Maartens opmerking op blz. 15 dat veel voorwerpen uit zijn ditecte omgeving hem zullen overleven) is ook een motief. De titel staat in verband met het thema van de vergankelijkheid. Aan het eind van de roman, als Maarten nauwelijks meer besef heeft van het hier en nu, denkt hij in een van zijn spaarzame heldere momenten: 'In het leven terug?. . . maar waar is zo iets gebleven?. . . is er wel zo iets?. . . of was gewoon alles inbeelding van het hoofd?... hersenschimmen?' (blz. 153).



C.5. Opbouw, structuur en spanning

‘Hersenschimmen’ is opgebouwd uit negen ongenummerde hoofdstukken. Elk stuk begint met een cursieve zin, waarmee het begin van de nieuwe dag aangegeven wordt.



Het verhaal wordt volstrekt chronologisch verteld. We kijken gewoon een bepaalde tijd in iemands gedachten. We maken alles mee wat Maarten denkt, ook een aantal flash-backs. Daarin komen we dingen te weten over zijn vader, die greep op het leven probeerde te krijgen door iedere dag de temperatuur te registreren, zijn jeugd, over een meisje waar hij eens verloofd mee was, en over een vroegere collega die zelfmoord heeft gepleegd, waaraan hij zich een beetje schuldig voelt. "En niemand wist waarom, behalve ik". Deze onderwerpen komen veel terug als hij zover is dat hij heden en verleden nauwelijks meer onderscheiden kan.



De spanning wordt niet echt veroorzaakt door de vraag of Maarten nog zal genezen; het staat al min of meer vast dat hij dement zal worden. De vraag is echter: hoe erg en vooral hoe snel? Het climaxmoment is dan ook het moment waarop Maarten is opgenomen in een verpleegtehuis, waar hij volledig is afgetakeld. Bepaalde gebeurtenissen in het boek zorgen ook voor spanning. Voorbeelden zijn de momenten waarop hij verdwaald of het moment waarop hij van huis wegloopt. De lezer vraagt zich dan af of hij wel weer thuis zal komen.



Het verhaal begint ab ovo; aan het begin van Maartens dementieproces.



C.6. Personages

- Maarten Klein. We leren Maarten pas echt kennen door de gesprekken van zijn vrouw met anderen. Hierdoor ontwikkelt Maarten zich tot een rond karakter. Maarten Klein is de hoofdpersoon. Hij is een man van 71 jaar, die sinds vijftien jaar met zijn vrouw Vera in de Verenigde Staten woont. Samen hebben zij twee kinderen, Kitty en Fred, en een hond, Robert. Maarten heeft rechten gestudeerd. Vóór zijn pensionering werkte hij als secretaris bij de Intergovernmental Maritime Consultative Organisation in Boston. Maarten is een gesloten en verlegen persoonlijkheid. In Hersenschimmen dementeert Maarten snel, waardoor hij aan het einde van het verhaal alleen nog flarden van herinneringen heeft. Maarten heeft zich ontwikkeld van een hardwerkende man tot een ‘hoopje mens’, volledig afhankelijk van andere mensen. Hij is een rond karakter.



- Vera Klein is de vrouw van Maarten. Vera deed vroeger veel vrijwilligerswerk in de bibliotheek. Door de dementie van Maarten heeft ze zich ontwikkeld tot een sympathieke en zorgzame vrouw. Ze doet er alles aan om Maarten te helpen en neemt uiteindelijk de zware beslissing om haar man te laten opnemen in een inrichting. Zij is een rond karakter.



- Kitty en Fred Klein zijn de kinderen van Maarten en Vera Klein. Zij zijn vlakke karakters. Zij leiden hun eigen leven en hebben vrijwel geen contact meer met hun ouders. Er wordt niet gezegd wat ze doen of waar ze wonen, alleen dat ze 'overkwamen' toen Maarten en Vera veertig jaar getrouwd waren; ze zouden dus in Nederland kunnen wonen.



- Karl Simic is een oud collega van Maarten. Nog altijd voelt Maarten zich schuldig vanwege het feit dat Simic kort na een bezoek van Maarten zelfmoord pleegde. Chauvas, Bähr en Johnson waren zijn andere collega’s.



- Dokter Nick Eardly is het type van de wat naïeve plattelands-dokter. Hij meent Maartens bewustzijn weer te doen opflakkeren door hem rust en medicijnen voor te schrijven. Vera heeft wel vertrouwen in hem, maar Maarten lapt zijn adviezen aan zijn laars.



- De gezinshulp Phil Toylor, met haar oergezonde fysiek en motoriek en haar oernuchtere boerenverstand, treedt te laat Maartens leven binnen om voor hem nog een rol van belang te kunnen spelen. Voor haar is Maartens bewustzijn inmiddels gesloten: hij kan haar naam niet onthouden, vraagt zich voortdurend af wie zij is en verwart haar met Karen, zijn dochter Kitty en met Greet Laarmans. Als Phil niet een van deze drie is, is ze voor Maarten 'dat blonde meisje' of 'die jonge vrouw' van wie hij de naam niet weet.



- Robert is de hond van Maarten en Vera Klein.



- Ellen Robbins is een goede kennis van Maarten en Vera. Weduwe van Jack Robbins. Zij is een vlak karakter.



C.7. Tijd

Het chronologische verhaal begint op een winterse zondagmorgen. Een week later eindigt het verhaal op de zaterdag. De vertelde tijd is enkele dagen, maar beslaat door allerlei flash-backs ongeveer 65 jaar.



C.8. Perspectief

In het boek is sprake van het ik-perspectief; we beleven alles vanuit Maartens gezichtspunt. De lezer zit als het ware in Maartens gedachten.



C.9. Ruimte

‘Hersenschimmen’ speelt zich hoofdzakelijk af in de Amerikaanse stad Gloucester. Daarnaast keert Maarten in gedachten terug naar Nederland (o.a. Alkmaar). De ruimte is in overeenstemming met de aftakeling van Maarten (zie motieven).



C.10. Taalgebruik en stijl

Hersenschimmen bevat geen moeilijk taalgebruik. Er is afwisselend gebruik gemaakt van de tegenwoordige en verleden tijd, waardoor heden en verleden door elkaar lopen. Je ‘beleeft’ het verhaal vanuit Maarten’s standpunt door de, af en toe, brokkelige tekstfragmenten. Met name aan het einde van het verhaal gebruikt Maarten korte, onsamenhangende zinnen en woorden. Het is daarbij dan nog maar de vraag, of Maarten de gebeurtenissen naar waarheid vertelt.



Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen