U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : J.r.r. Tolkien - The Hobbit / De Hobbit.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/617 en is laatst upgedate op 14/02/2000.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2026 woorden.

Het boek “de Hobbit” is geschreven door Tolkien, het gaat over Bilbo Balings, een Hobbit uit de Gouw in de Midden-Aarde. Hobbits lijken op Dwergen, alleen zijn ze kleiner (een dwerg is twee keer zo klein als een volwassen mens.), en hebben haar op hun voeten. De Hobbits komen nooit buiten de Gouw en kunnen heel gauw en zacht wegrennen als er iets niet pluis is.



Samenvatting:



O

p een dag ontmoet Bilbo zijn oude vriend, de tovenaar Gandalf, Bilbo vraagt hem voor de volgende dag op de thee. Bilbo is heel verbaasd als de volgende dag een heleboel Dwergen binnenkomen (er waren de laatste 20 jaar geen Dwergen meer in de Gouw gezien), en pas veel later Gandalf. Later blijkt dat ze allemaal onderdanen van Thorin Eikeschild zijn. Thorin is de koning van een Dwergen stam. Lang geleden woonden de Dwergen in een berg, daar regeerde Thrór, de grootvader van Thorin. Op een dag kwam de draak, Smaug, hij nam de berg, samen met het goud in, alle Dwergen die binnen waren sneuvelden. De Dwergen die buiten waren (waaronder Thorin) zagen dit allemaal met pijn in het hart gebeuren, maar werden niet door de draak gedood. Thrór en zijn zoon (Dus Thorins vader) Thráin overleefden het gevecht (Want er werd gevochten, maar eigenlijk hadden de Dwergen geen schijn van kans) door een geheime gang. De Dwergen vonden dat de draak nu wel lang genoeg hun schatten bezoedeld had en wilden nu hun schatten, hun berg, en hun trots terugkrijgen. Dwergen zijn erg bijgelovig en er waren nog maar dertien Dwergen van hun stam over, dat kon natuurlijk niet, want dertien is een ongeluksgetal. Ze vroegen de tovenaar Gandalf om een veertiende reisgenoot erbij te krijgen. Gandalf kende Bilbo nog uit de tijd dat hij nog vaak in de Gouw kwam. Bilbo werd door de vraag of hij mee wou zo overdonderd dat hij niets meer dan een beetje gemurmel uit kon brengen. De Dwergen dachten dan ook dat hij mee wou. De volgende dag vertrokken ze op pony’s, dertien Dwergen, een Hobbit en een tovenaar. Onderweg begon het te onweren, waardoor een van de pony’s op hol sloeg, helaas had hij al het eten op zijn rug. Dwergen kunnen wel een dag of twee, drie zonder eten, maar Hobbits zijn gewend om alleen voor lunch al zoveel te eten waar een mens wel drie dagen over doet. Dus na twee dagen kon Bilbo bijna niet meer en de Dwergen hadden ook verschrikkelijke honger. Onderweg waren ze ongemerkt ook Gandalf nog kwijtgeraakt. Ze probeerde onder het rijden te bedenken hoe ze aan eten konden komen. Na een tijdje zagen ze een vuur in de verte, Bilbo moest gaan kijken, maar er waren trollen die iedereen gevangen namen, gelukkig was Gandalf vooruit gereden om te kijken of er gevaren waren, toen hij terugkwam had hij vlug de trollen versteend. De groep trok verder, zo kwamen ze bij Rivendel, het laatste (en het eerste) huiselijke huis. Ze bleven daar even en toen trokken ze weer verder, naar de mijnen van Moria, Moria was vroeger het mooiste Dwergen-rijk van de Midden-aarde , maar het is veroverd door Orks (= aardmannen ) en het is nu een van de meest smerigste en stinkende plaatsen van de wereld. De Dwergen moesten over de berg, want door de berg was te gevaarlijk. Het sneeuwde op de berg zo hard dat ze moesten schuilen in een grot.

helaas was de grot de nieuwe in/uitgang van de Orks. De groep werd meegesleurd door Orks, gelukkig kon Gandalf nog net op tijd een formule uitspreken waardoor er een paar Orks dood neervielen, Thorin begon gelijk met zijn zwaard te vechten. Doordat dat zwaard door elfen in de oorlog tegen de Orks gemaakt was, gloeide het als er Orks in de buurt waren, Orks kunnen niet tegen licht, dus begonnen ze allemaal te gillen, helaas werden ze toch nog gevangen genomen. Om dat ze elfen zwaarden bij zich hadden moesten ze bij de hoofdman komen. Thorin was dapper en stak de hoofdman neer. Door de verwarring konden ze ontsnappen, maar omdat Bilbo niet zo hard kon lopen als de Dwergen moest hij gedragen worden. Toen Bilbo zijn hoofd stootte merkte Kili (de dwerg die Bilbo moest dragen) dat niet eens. Bilbo was bewusteloos in een zijgang gerold. Toen hij bijkwam kon hij eerst niet zien doordat het zo donker was. Dus

kroop hij maar verder, opeens voelde hij wat liggen, hij pakte het op en stak het in zijn zak. Toen hij weer wat kon zien ging hij weer lopen. Opeens stond hij met zijn voeten in het water. Hij hoorde wat naar hem toe komen. Het was een soort hele lelijke Hobbit, Bilbo noemde hem later Gollem. Gollem wou Bilbo eerst opeten, maar hij was altijd alleen, dus hij zou Bilbo laten gaan en de weg naar buiten wijzen als hij beter was in een raadselwedstrijd. Bilbo en Gollem waren heel lang bezig, maar iedere keer werden de raadsels opgelost, tot op een keer Bilbo in zijn zak voelde en hij zei tegen zichzelf “wat heb ik in mijn zak?” Gollem dacht dat het een raadsel was en kon het niet oplossen, toen Bilbo keek wat het ding in zijn zak was, bleek het een ring te zijn, hij deed hem om zijn vinger. Opeens merkte Bilbo dat Gollem hem niet meer kon zien. Met een hoop problemen kwam hij toch nog buiten, waar hij zijn vrienden zag zitten.

De Dwergen zaten op een paar stenen uit te rusten en na te denken wat er met Bilbo was gebeurd. Toen ze Bilbo zagen gingen ze weer verder, want ze hadden de Grote Ork gedood en Orks staan erom bekend dat ze altijd wraak nemen, dus als het donker was zouden ze hun zeker achtervolgen. Maar ze kregen toen het bijna donker was last van wolven, Wargs genaamd. Wargs zijn erg sluw en gemeen, ze zijn goede vrienden van de Orks in de mijnen van Moria. Natuurlijk hadden ze al lang gehoord dat een paar Dwergen, een tovenaar en een gek mannetje de Grote Ork gedood hadden. De wargs joegen de groep de bomen in, even later kwamen er Orks die op Wargs reden aan. De grote adelaars hebben een bloedhekel aan Wargs en Orks, dus toen ze zagen dat Wargs èn Orks zo druk in de weer waren, vertrouwden ze het niet. Toen ze Gandalf zagen begonnen ze gelijk de Dwergen (Bilbo zagen ze niet) uit de bomen te halen (Gandalf had hun lang geleden met iets geholpen). De Dwergen werden een stuk verder weer neergezet. Gandalf besloot om bij Beorn te overnachten. Beorn is een huidverwisselaar, iemand die van gedaante kan veranderen. Beorn heeft veel verschillende krachten, maar niemand weet precies welke. Beorn gaf hen onderdak en gaf ze pony’s om bij het Demsterwold te komen. Het Demsterwold is een eng, gevaarlijk woud, met rivieren die slaap en vergeetachtigheid veroorzaken, als je van het pad af ging verdwaalde je meteen. Bij de rand van het woud ging Gandalf weg, de Dwergen vonden dat heel erg, want Gandalf had ze al vaak geholpen en nu begonnen ze aan het gevaarlijkste deel van hun weg. Toen ze een paar dagen door het Demsterwold liepen was hun water en hun eten op. In het woud zagen ze lichtjes dus ze dachten dat daar ook eten en drinken was.

Op zoek naar eten raakten ze van het pad af, ze verdwaalden gelijk. De Dwergen werden gevangen genomen door reuzespinnen die heel al heel lang geen normaal eten meer hadden gehad. Bilbo redde de Dwergen met behulp van zijn ring. Toen de Dwergen de lichtjes zagen, gingen ze er achteraan. De lichtjes waren van feestbanketten van de boselfen. Helaas dachten de Elfen dat de Dwergen wilden vechten (er is al eeuwenlang ruzie tussen Dwergen en Elfen). De Elfen namen de Dwergen gevangen en sloten hun op. Bilbo kon door zijn ring aan de sleutel komen en in wijnvaten voeren ze de rivier af naar meerstad, de stad bij De Eenzame Berg. De Meer-mensen ontvingen Thorin graag, want de draak stak ook wel eens huizen in brand. De mensen gaven de Dwergen pony’s om de vlakte naar de berg over te steken. Toen ze bij de berg stonden, konden ze de geheime gang niet vinden. Er stond ineens een raadsel op de kaart, wat er eerst niet stond, maar toen ze het raadsel opgelost hadden, konden ze de deur openen. In de berg lag de draak op een bed van goud en zilver te slapen. Nu waren ze wel binnen, maar eigenlijk had niemand eraan gedacht wat er zou gebeuren als ze binnen waren. Omdat Bilbo een ring had, moest hij de gang doorlopen, naar het binnenste van de berg.

Alles ging goed en Bilbo nam een gouden beker mee. Helaas kennen alle draken hun bezittingen op hun duimpje, ze merken het direct als er ook maar èèn gouden munt weg was. Smaug merkte natuurlijk gelijk dat er een beker weg was, bovendien hing er een gekke lucht, niet van een mens,dwerg of elf, want die had hij vaak genoeg geroken en gegeten. Bilbo ging met hem praten, de draak begon te raden wie en wat Bilbo was. Bilbo vond het wel leuk en begon raadsel taal te spreken: “Ik ben Dwergen helper en ringdrager, ik ben tonneruiter en meerstad-vriend.” Na het woord meerstad-vriend werd Smaug woedend, hij vloog de berg uit, naar meerstad, woedender dan ooit. Bij meerstad was iedereen gealarmeerd. De draak stak huizen in brand en doodde mensen. Er vlogen duizenden pijlen door de lucht, maar die konden de draak niet deren, want draken zijn overal gepantserd, behalve op hun buik en daar had Smaug een harnas van goud en zilver, wat aan zijn buik was blijven zitten nadat hij er jaren op had liggen slapen. Iedereen was gevlucht behalve Brard, een dappere jonge man, hij was de enige die gezien had dat er een gat in Smaugs harnas zat, hij pakte zijn laatste pijl, richte voorzichtig en schoot, de draak was dood. Inmiddels hadden de Dwergen de berg ingenomen, maar de meermensen wilden schadevergoeding. Ondertussen zocht Thorin naar een bepaalde schat, de Arkensteen. Niemand had gezien dat Bilbo die onder zijn jas had gestopt. Buiten gingen de meermensen in aanval. ’s Avonds moest Bilbo de wacht houden, maar hij deed de ring aan en ging naar Brard en gaf hem de Arkensteen om de oorlog mee te beëindigen. Thorin beloofde de volgende morgen twaalf procent van de schatten in ruil voor de Arkensteen. Toen er vrede was gesloten kwamen er ineens tienduizenden Orks aan het werd de grootste oorlog van de laatste twee eeuwen. Mensen en Boselfen vochten samen tegen de Orks, even later kwam er ook nog een stam Dwergen, samen met Gandalf. Bilbo was doodsbang en ging met de ring aan zijn vinger op het topje van de Berg zitten. Het laatste wat hij hoorde was “De adelaars komen !” en toen kreeg hij een steen op zijn hoofd. Toen hij weer bijkwam keek hij rond, er lagen duizenden doden op de grond, en dat waren niet alleen Orks. Bilbo ging gauw de berg in, daar stonden Brard, Gandalf en de Dwergen, Thorin ging dood. Thorin werd begraven met de Arkensteen en Bilbo ging met Gandalf naar huis.







Dit was het verhaal van Bilbo, maar er kwam nog een vervolg over de ring, IN DE BAN VAN DE RING, dat vond ik een beetje veel om er nog bij te zetten.



De hoofdpersonen:



Bilbo: De Hobbit waar het verhaal over gaat, je kan wel uit de samenvattig halen wat

voor figuur hij is.



Gandalf: Een grote tovenaar, in de Gouw vooral bekend om zijn prachtige vuurwerk, maar dat is maar een klein beetje van zijn toverkunst, van zijn avonturen kun je wel vijftig boeken schrijven



De Dwergen: De dertien Dwergen waar Bilbo mee meereisde, Thorin is hun leider.



Brard: Een dappere man uit meerstad, hij heeft Smaug verslagen.



Beorn: Een geheimzinnige tovenaar met vele krachten.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen