U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Tonke Dragt - 3 Middeleeuwen.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/20685/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1219 woorden.

Boekverslag 3 middeleeuwen

auteur: Tonke Dragt

titel: Verhalen van de tweelingbroers.



Opdracht 2 auteur en titel

a. Het boek heet zo omdat het gaat over twee broers die allerlei dingen meemaken, die per hoofdstuk omgezet zijn in verhalen.



b. Tonke Dragt is een niet zo bekende schrijfster, die allerlei kinderboeken heeft gechreven. Het was ook erg moeilijk om informatie over haar te vinden, want er waren geen schrijversmappen over haar in onze bibliotheek, maar ik weet wel dat haar boeken goed zijn, ze heeft namelijk al veel prijzen ermee gewonnen. De brief voor de koning heeft de prijs voor het beste kinderboek in 1963 gekregen, Torenhoog en mijlenbreed de Nienke van Hichtum prijs, Water is gevaarlijk verkreeg een eervolle vermelding van de Europese prijs voor Jeugdliteratuur 1978 door de universiteit van Padua en in 1976 werd de staatsprijs voor jeugdliteratuur aan Tonke Dragt toegekend.



c. 1. De brief voor de koning

2. Geheimen van het wilde woud

3. Water is gevaarlijk

Opdracht 3 is het boek vertaald

Nee, de schrijfster is Nederlandse.



Opdracht 4 hoofdpersonen en bijpersonen

a. Jiacomo broer van Laurenzo, Laurenzo broer van Jiacomo.

b. Jiacomo Laurenzo

avonturier rustig

vriendelijk aardig tegen anderen

vergevingsgezind houdt niet van “verkeerde” dingen



c. Jannos(de man die Jiacomo leert stelen), de vrouw en heer van Talamoera, Ricardo(de rijke neef van de heer van Talamoera), de vader en moeder van de broers, hun dieren, een vriendje Antonio en meester Philippo (de man die Laurenzo leert hoe je edelsmid moet worden).



5. Inhoud

Het verhaal speelt zich af in Bainoe de mooie hoofdstad van Babina en in Talamoera. Het speelt zich af in de middeleeuwen in het kasteel van Talamoera en in het huis van de beroepsrover Jannos, maar ook in het huis van meester Phillipo de man die Laurenzo leert hoe je edelsmid moet worden. De hoofdpersoon is in dit verhaal de broer Jiacomo omdat hij de meest spannende en rare dingen moet meemaken. Het belangrijkste probleem is hoe Jiacomo aan de zilveren bekers van Talamoera kan komen en hoe hij dit kan doen zonder ze te stelen want ook al heeft Jannos aan Jiacomo geleerd hoe hij moet stelen, dief wil hij niet worden. En hij moet ervoor zorgen op tijd bij het hek te zijn waar de broers het jaar ervoor afscheid hebben genomen en afgesproken hebben een jaar later weer te zijn.



Jiacomo gaat naar het kasteel van Talamoera en komt onderweg de neef van de slotheer en vrouw tegen en besluit als hem “Ricardo van Pava” naar binnen te gaan door Ricardo naar binnen te dringen. Het lukt hem om bij de heer en vrouw aan tafel te komen en vertelt wie hij werkelijk is en wat hij daar komt doen. Eerst schrikken ze maar dan mag hij een beker lenen op voorwaarde dat hij hem de volgende dag terug brengt. Net op dat moment komt Ricardo binnen stormen en maakt hem uit voor bedrieger en meer vuile taal. Maar na een tijdje komt iedereen tot rust en gaan ze slapen. Maar s’nachts worden alle bekers gestolen en iedereen denkt dan dat Jiacomo het heeft gedaan omdat de echte dieven er een paar in zijn kamer hebben gelegd. Jiacomo komt dan in de kerkers van Talamoera terwijl twee mensen zich erge zorgen om hem maken. Die mensen zijn Jannos en Laurenzo. Jannos weet niet waar hij blijft en Laurenzo ook niet (die bij de afgesproken plek staat te wachten). Laurenzo gaat hem zoeken en onderweg komt hij Jannos tegen die hem voor Jiacomo aanziet. Daardoor weet Laurenzo dat hij in gevaar is en samen met Jannos gaat hij hem zoeken en komen met de echte dieven naar de heer. En dan mag Jiacomo een beker hebben en Laurenzo ook en de echte dieven gaan achter slot en grendel.



6.Belangrijkste

Het onderwerp is misdaad loont niet en er word door Jiacomo over verteld dat hij geen dief wil worden omdat het slecht is.



7.Eigen mening

a. grappig, als hij in gaat breken en wat hij dan aan die mensen verteld

aangrijpend, ik voelde erg met Jiacomo toen hij niet naar zijn broer kon

b. Ja ik kon mij erg goed inleven, maar dat komt ook omdat ik zelf Jiacomo speel in een toneelstuk en dan moeten wij deze belangrijkste gebeurtenis spelen. En omdat ik het allemaal zo zielig voor hem vind.

c. -Ja want er zijn geen dingen in het boek gebeurd die in het echt niet kunnen.

-Ik denk dat als ik in de middeleeuwen had geleefd ik ze zo tegen zou kunnen komen, maar nu zijn de mensen veranderd en gedragen ze zich ook anders.

d. -Ze worden verteld in de goede volgorde want je leest helemaal mee van hun geboorte tot hun trouwdag. –Het verhaal wordt op sommige ogenblikken verteld door een verteller een de andere ogenblikken speelt het verhaal zich af. – Het is een verhalenbundel, in elk hoofdstuk maken de broers iets anders mee. – Er zijn sprongen in tijd, je gaat van baby naar schoolleeftijd. – nee er zijn geen vooruitwijzingen.

e. Ik had nog nooit een boek van haar gelezen en ook niet zulke boeken. En ik wist ook niet wat mij overkwam.

f. Ik zou mijn teelingbroer/zus ook een hand uitsteken als hij in de problemen zat en altijd voor hem/haar klaar staan. Het was een keurig boek.

g. De bedoeling van de schrijver was denk ik dat de mensen zoals de broers moeten zijn: in plaats van iemand in de nesten te helpen, juist een hand toe te steken! Ik heb geleerd dat ik aardig moet wezen tegen anderen.

h. Lange zinnen- het waren lange begrijpelijke zinnen.

Makkelijke woorden- ze gebruikte geen moeilijke woorden.

Veel directe rede- overal bedoeling mee.

Veel bijv.naamwoorden- bijna alles was ongeveer zo: de mooie roos

Begrijpelijke beeldspraak- alles was te begrijpen.

Humoristisch beschreven- ik vond dat ze “het leuke van een tweeling zijn goed vertelde.



Middeleeuwenvragen

1. Nee, maar er gebeuren wel dingen die ook in de middeleeuwen gebeurden.

2. Nee ook niet.

3. In de hoofdstad van Babina: Bainoe, hij wordt beschreven als een heerlijke stad om te wonen.

4. Ze woonden met hun ouders in een schoenenwinkel en later bij meester Phillipo in een edelsmederij.

5. Te paard of te voet.

6. Edelsmid en meesterdief.

7. Er wordt niks over de kleding verteld, maar in het boek staan wel plaatjes van Jiacomo en Laurenzo met hun kleren aan en deze vraag zit dan ook bij de gewone tekening opgenomen.

8. Er staat allen dat ze lekker eten en dat het ze heeft gesmaakt. Verder niets.

9. Dat staat er niet in.

10. Arm, ze trouwen beiden met een rijke dame dus gaan arm en rijk goed met elkaar om.

11. Nee, alleen vertelt Jiacomo een keer een verhaal waar een pelgrim in voorkomt die een houten dame tot leven bid.

12. Er wordt allen een keer verteld dat de ouders van de broers aan de pest overlijden, verder niets.

13. Goed, ze mogen naar school en de rest van de tijd zichzelf vermaken. Er wordt niks over zwerfkinderen, of bedelkinderen verteld.

14. Nee, wat dat betreft vond ik ook juist dat het zo in onze tijd had kunnen plaatsvinden.

15. Er komen ridders voor en er wordt gezegd dat ze een rijke vader hebben, meer niet.

16. Nee zie vraag 14 .







Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen