U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Thomas Rosenboom - Publieke Werken.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=12718 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2064 woorden.

1. Primaire gegevens van het boek:

Auteur: Thomas Rosenboom

Titel: Publieke werken

Verschenen in: 1999

Aantal blz: 488

Leestijd: +/- 8 uur



2. Verantwoording van de keuze

Toen mijn moeder “Publieke werken” uit had gelezen zei ze: “Karlien, dit boek moet je gewoon gelezen hebben!” Ze was echt heel erg enthousiast over het boek en daarom was ik er wel erg benieuwd naar. Ook wist ik dat het boek de Libris Literatuurprijs 2000 had gewonnen. Ik wou wel eens weten of het boek echt zo speciaal was als iedereen beweerde en de enige manier om daar achter te komen was het zelf te lezen. Aangezien het ook op de boekenlijst stond was mijn keuze voor “Publieke Werken” tamelijk snel gemaakt; alleen het feit dat het zo’n dikke pil was, deed me even twijfelen, maar door al die positieve commentaren op het boek nam ik de grote hoeveelheid aan bladzijden maar voor lief.



3. Verwachtingen vooraf

Mijn verwachtingen van het boek waren hoog; na al die positieve reacties en zelfs de bekroning met een belangrijke literatuurprijs moest het toch wel een goed boek zijn? Ik verwachtte dus een literair hoogstandje, zoals ik nog nooit eerder gelezen had.



4. Eerste reactie achteraf

Ik ben het echt helemaal eens met mijn moeder en de juryleden voor de Libris literatuurprijs; dit boek is echt heel speciaal, mooi, ontroerend, origineel, kortom een echt literatuurjuweel. Al mijn hoge verwachtingen zijn in veelvoud uitgekomen.

Allereerst vond ik de opbouw van het boek erg speciaal en mooi bedacht. Thomas Rosenboom hanteert twee verhaallijnen, de ene over de Apotheker Anijs uit Hogeveen, de andere over zijn neef, de vioolbouwer Vedder uit Amsterdam. Deze verhaallijnen lijken in het begin los van elkaar te staan, maar al gauw komen ze op ingenieuze wijze samen. Vanaf dat moment zijn de twee hoofdpersonen onlosmakelijk met elkaar verbonden en uiteindelijk komt het erop neer dat ze elkaar onbedoeld vasthouden in een wederzijdse wurggreep. Over deze versmelting van verhaallijnen moet van tevoren echt heel goed nagedacht zijn; alles moet kloppen en uiteindelijk moeten de puzzelstukjes in elkaar vallen. Ik vind dat Thomas Rosenboom hier perfect in geslaagd is. “Publieke Werken” is een strak gecomponeerde roman waarin de verhaallijnen meesterlijk in elkaar geschoven zijn zodat de puzzel uiteindelijk compleet is.

Ook de schrijfstijl van Thomas Rosenboom vond ik erg speciaal. Hij gebruikt veel “beeldende” bijvoeglijke naamwoorden, moeilijke termen en metaforen om de situaties en gevoelens van de hoofdpersonen in het boek zo goed mogelijk weer te geven. Ik stoorde mij in het geheel niet aan deze schrijfstijl. Juist door deze soms wat moeilijke beeldende omschrijvingen had ik het idee dat ik echte literatuur aan het lezen was. Een heel mooi voorbeeld van zo’n beeldende, metaforische beschrijving is te vinden op bladzijde 101 van het boek. Hier heeft Anijs net neef Vedder opgehaald van het station en terwijl ze naar Anijs’ apotheek lopen, voelt Anijs zich steeds vertrouwder worden met Vedder. Rosenboom schetst een prachtig beeld van deze situatie: “Oude mannen waren zij, pas bevriend, maar deze werkelijkheid draaide zich onder de omstandigheden spoedig om: steeds jonger voelde Anijs zich, alsof zijn jaren geabsorbeerd werden door de vriendschap, die daardoor evenredig ouder werd en waarin al het vreemde al heel gewoon leek, ofschoon juist dat gewone nog wel het vreemdst van alles was!” Deze metafoor, de vriendschap die de jaren absorbeert en daardoor zelf ouder wordt, vind ik echt heel mooi bedacht. Het is geen zin waar je zo overheen leest, ik heb hem zelf een paar keer gelezen, eerst om hem te begrijpen en daarna nog een keer omdat ik het geschetste beeld zo mooi vind. Zo zijn er in de rest van het boek nog veel van deze mooie beeldende beschrijvingen te vinden, die de lezer in staat stellen om zich goed in de gevoelens van de hoofdpersonen in te leven.

Nog een aspect van het boek dat ik heel leuk vond, is dat het de aanwezigheid van twee oude huisjes in de gevel van het nog steeds bestaande Victoria Hotel in Amsterdam verklaart. Als ik nog een keer in Amsterdam ben zal ik zeker naar “de vader en zijn zoon”, zoals Vedder zijn huis en dat van buurman Carstens altijd noemde, gaan kijken.

Ook al was het zo’n dikke pil, toch heeft het boek me op geen enkel moment verveeld. Wel was het in het begin soms iets langdradig, maar zodra Anijs en Vedder samenkomen en de handen ineen slaan om de turfstekers naar Amerika te brengen, loopt het verhaal als een trein. Ik kon op een gegeven moment echt niet meer stoppen met lezen, ik moest gewoon weten hoe het afliep met de verkoop van Vedders huis en de daarmee samenhangende “uitleiding” van de turfstekers. Pas aan het einde vallen voor de lezer echt alle stukjes in elkaar door de brief van de turfsteker Bennemin uit Amerika.

Na 488 pagina’s heb ik het boek voldaan, maar met pijn in mijn hart dat het uit was, dichtgeslagen. Het is echt een van de mooiste boeken die ik ooit heb gelezen. Om de jury van de Libris literatuurprijs te citeren: “ ‘Publieke werken’ is een roman die staat als een huis, of misschien moeten we zeggen als een imposant gebouw…”



5. Korte samenvatting van de inhoud

Het is 1888, een tijd van veel veranderingen in Nederland. Apotheker Anijs uit Hoogeveen krijgt concurrentie van een nieuwe apotheker die een universitair diploma heeft. De burgemeester, de dokter en de nieuwe apotheker, alledrie in het bezit van een universitaire graad, trekken steeds meer met elkaar op en Anijs beseft dat hij niet meer tot de notabelen van de gemeente behoort. Hij besluit zich dan maar bezig te gaan houden met de arme turfstekers uit het gehucht Elim; deze mensen kijken tenminste nog wel tegen hem op.

In dezelfde tijd leest Anijs’ neef, de Amsterdamse vioolbouwer Vedder, in de krant dat zijn huis onteigend gaat worden in verband met de bouw van een nieuw “grand hôtel”. Omdat Vedder stukken in de krant schrijft over publieke werken onder het pseudoniem ‘Veritas’, weet hij alles af van de wetten voor wat betreft onteigening. Hij beseft maar al te goed dat de onteigening van zijn huis niets bijdraagt aan het publieke belang, zodat de hotelmaatschappij hem zal moeten uitkopen. Door zijn sterke onderhandelingspositie weet Vedder dus dat hij niet de eerste de beste verkoopprijs van de hotelmaatschappij moet aannemen.

Ondertussen ontfermt Anijs zich in Hoogeveen over de turfstekers door ze gratis medicijnen aan te bieden en een beetje voor dokter te spelen. Hij is vooral erg begaan met de joodse familie Bennemin, die bestaat uit vader Bennemin, zijn vrouw en hun kinderen Kleine Pet en Johanna. Op een dag komt vader Bennemin helemaal overstuur aan in de apotheek van Anijs. Hij vertelt over zijn dochter Johanna die na het venstervrijen niet zwanger is geraakt. Omdat dit als teken van onvruchtbaarheid gezien wordt, is ze door haar vrijer Sieger in het openbaar vernederd; ze moest voor de schijn trouwen met een ‘kolden vrijer’, een pop van hout. Vader Bennemin kon niets anders doen dan maar op zijn viool spelen en wil nu van deze viool af. Anijs belooft hem een brief te schrijven naar zijn neef Vedder, de vioolbouwer uit Amsterdam. Op dit moment komen de twee verhaallijnen van het boek voor het eerst bij elkaar. Vedder komt op bezoek in Hoogeveen om de viool te taxeren en vertelt ook over zijn “onderhandelingen” met de hotelmaatschappij. Na dit korte verblijf in Hoogeveen vertrekt Vedder met de viool weer naar Amsterdam, om pas weer naar Hoogeveen terug te keren als hij de viool verkocht heeft.

In de tussentijd gaat Anijs zijn bevoegdheden als apotheker te buiten. Op een avond wordt hij door Kleine Pet geroepen omdat er een spoedgeval is met zijn zus Johanna, die ondanks alles toch zwanger is geraakt. Anijs gaat direct te paard naar Elim en raakt in paniek als hij daar Johanna ziet, die in helse pijn van de weeën is. Zonder eigenlijk goed na te denken verricht Anijs een “punctie” op Johanna’s gezwollen buik, waardoor het kind dood geboren wordt. Het wordt daarop zonder verder onderzoek begraven en Anijs verzoekt de mensen niet over het voorval te praten met de burgemeester en de dokter. Zelf durft hij er ook niets van te zeggen tegen zijn vrouw Martha, maar deze merkt wel dat er iets aan de hand is. Als Anijs uiteindelijk opbiecht wat hij heeft gedaan, is Martha razend omdat Anijs zijn bevoegdheid als apotheker op het spel heeft gezet en keert ze zich haast volledig van hem af. Maar dan krijgt Anijs een brief van Vedder: hij heeft de Benneminviool verkocht voor wel honderd dollar! Anijs kan niet anders dan Vedder, ondanks zijn huwelijksproblemen, in zijn huis ontvangen. Martha doet alsof er niets aan de hand is, maar Anijs heeft de grootste moeite om met Vedder te blijven communiceren. Maar dan vertelt Vedder dat hij verwacht om vijftigduizend gulden voor zijn huis te kunnen krijgen van de hotelmaatschappij. Als hij aan het uitleggen is hoe hij dat geld allemaal wil beleggen in oliemaatschappijen, schiet Anijs iets te binnen: wat als Vedder nou zijn geld belegde in het verplaatsen van de turfstekers naar Amerika? Dan heeft hij, Anijs, èn de turfstekers een toekomst geboden èn is hij zelf van de problemen af als ‘bewijsstuk’ Johanna en alle getuigen voor altijd uit de buurt zijn! Anijs deelt zijn idee mee aan Vedder, die al snel is overgehaald. Vedder vindt het prachtig de mensen te kunnen helpen en daarbij toch goede zaken te doen. De contracten worden opgesteld, bijna alle turfstekers tekenen en dan is het wachten tot Pasen voor de “uitleiding” naar Amerika.

Maar Vedder heeft, zoals het spreekwoord ons zegt, het vel verkocht voordat de beer geschoten is. De datum van de uitleiding nadert, maar de onderhandelingen schieten niet op. De Hotelmaatschappij wil hoogstens vijfentwintig duizend gulden betalen, hoewel Vedder er zesenveertig nodig heeft. Uiteindelijk kom de onderhandelaar van de hotelmaatschappij zeggen dat er om Vedders huis heen gebouwd zal worden, zodat Vedder er kan blijven wonen. Vedders wereld stort nu ineen: wat moet hij doen met de honderden turfstekers die over een paar dagen moeten vertrekken? Hij is te laf om zijn neef Anijs in Hoogeveen op de hoogte te stellen en gaat op de dag van vertrek in vermomming kijken naar het inschepen van de turfstekers op hun schip naar Amerika. Tot zijn verbazing worden de turfstekers toch doorgelaten! Zou er uiteindelijk toch betaald zijn?

Ondertussen heeft Anijs in Hoogeveen ook al afscheid genomen van zijn beschermelingen. Hij keert dan terug naar het verlaten Elim om het grafje van Johanna’s doodgeboren kind te bezoeken. Als in een roes probeert hij daarna zichzelf te besnijden met het mesje dat hij van Bennemin gekregen heeft. Maar dan hoort hij een koets naderen: het zijn de dokter en de burgemeester die hem bij het grafje zien staan. Ze willen Anijs pakken voor zijn illegale praktijken, maar Anijs rent weg en botst in zijn vlucht tegen een bijenkorf. De bijen vallen hem aan en zwaargewond wordt hij afgevoerd naar het ziekenhuis. Daar krijgt hij een brief dat de aanklachten tegen hem ingetrokken worden, als hij zijn bevoegdheden als apotheker opgeeft.

Ondertussen is ook Vedder in Amsterdam in zware psychische problemen geraakt. In de krant staat een artikel van zijn idool, pseudonimist E.Nigma, waarin deze Vedders koppigheid hekelt en tevens onthult dat Vedder Veritas is. Op de dag van de feestelijke opening van het hotel is heel Amsterdam aanwezig, ook neef Anijs komt kijken en verbaast zich erover dat Vedders huis er nog steeds staat. Vedder ziet van bovenaf in zijn huis toe op de menigte en wordt van alle kanten bestookt met scheldwoorden. Hij klimt uit het raam en de grote baas van het hotel zelf probeert hem nog tegen te houden, maar het is te laat: hij valt achterover en sterft.

Anijs krijgt daarna een brief van Bennemin uit Amerika waarin eindelijk verklaard wordt hoe de turfstekers toch zijn overgekomen. De factor in Amerika die voor het geld moest zorgen, was failliet gegaan en had zijn biezen gepakt. Toch werden de turfstekers overgezet en na lang wachten in Amerika kregen ze uiteindelijk ook een verblijfsdocument. Ze waren eindelijk vrij! Voor Anijs en voor de lezer vallen nu alle puzzelstukje op hun plaats en met een gerust hart kan het boek dichtgeslagen worden: de turfstekers hebben ondanks alles een nieuw bestaan in Amerika gevonden!
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen