U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Hella S Haasse - Transit.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=7846 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1606 woorden.

Hella S. Haasse - Transit

Beoordeling Ornée & Vermeer Tekstbureau



Samenvatting

Na een jaar door Europa te hebben gezworven, komt de hoofdpersoon Iks (ook wel Xenia

genoemd) terug in Amsterdam. Ze had haar gymnasium nog niet afgemaakt en was meteen gaan werken om de wereld in te trekken. Toen ze terug in Nederland kwam, kwam ze meteen op het Centraal Station haar vriend Daan tegen. Zij waren eerst met z'n drietjes de wereld in

getrokken, maar Iks wilde verder en Daan en Alma niet. Daan was een zwerver geworden en

toen Iks Daan wilde helpen, sloeg die op de vlucht. Dan is Iks bezig de verblijfplaats

van Alma te vinden. Als zij weer eens uitgeput is, gaat ze op een bankje in het park zitten

en ze vindt daar een sleutelbos. Ze gaat op het adres af dat op de sleutelbos staat en ze

komt uit bij een huis achter het Vondelpark. Als ze daar aankomt, beseft ze, dat ze nog geen

slaapplaats heeft en ze wil naar binnen gaan om te kijken of er iemand is. Er is eerst

niemand maar dan komt er van boven een oude man om het hoekje kijken. De oude

man heet Cluysman en het blijkt een echte kluizenaar te zijn. Hij woont daar

met z'n verzorger Fennechien maar die heeft hem in de steek gelaten en niet bij toeval de

sleutelbos in het park laten liggen. Cluysman vindt Iks wel een goed meisje voor de

huishouding en Iks zegt, dat ze wel zo lang wil helpen totdat ze ander werk heeft.



Steeds komen er een paar pagina's van Cluysmans dagboek. Daarin staat hoe hij over Iks

denkt. Cluysman is een vreemde ex-hoogleraar die zich van de buitenwereld heeft

afgesloten.



Iks is ondertussen nog steeds op zoek naar Alma, ze wil weten hoe het allemaal gelopen is

toen zij wegging. Maar dat blijkt een onmogelijke opgave. Iks is steeds langs het ouderlijk

huis van Alma gegaan, maar daar kon zij ook niets aan de weet komen. Toen ging ze naar de

ouders van Daan en die namen het Iks allemaal schuldig wat er met Daan was gebeurd. Thuis

op de Vondellaan werd het al wat vertrouwder en Cluysman wou dat Iks terug naar school

ging. Iks werd boos en vond dat hij zich niet met haar moest bemoeien. Toen ze weer buiten was werd ze vastgegrepen door een semi-crimineel, die het huis in wilde. Ze wist hem even weg te werken.



Toen ze nog meer navraag had gedaan over Alma, kwam ze erachter dat ze in de prostitutie zat, waarschijnlijk in Antwerpen. Ze wou heel graag naar haar toe.



Toen ze weer richting huis liep, kwam ze Daan tegen. Bijna doodgevroren nam ze hem mee naar huis, maar toen ze thuiskwam, zat daar Cluysman boven aan de trap en die wou hem er niet in hebben. Daan rende weer naar buiten en de volgende dag werd hij doodgevroren gevonden op een bankje in het park.



Thuisgekomen ging ze Cluysman helpen met het samenstellen van zijn dagboek en

aantekeningen van boeken. Toen er een nieuwe dag was aangebroken wou Iks dat Cluysman, voor het eerst in twintig jaar, naar buiten zou gaan. Toen hij na wat moeite buiten was zei Iks dat hij het vanaf hier zelf verder wel kon regelen en ze liep de weide wereld in. Toen ze nog niet zover van het huis was, kwam ze die man weer tegen en hij eiste de sleutels op. Ze deed net of ze ze gaf, maar gooide ze de gracht in en zelf sprong ze in de tram.



Ze ging langs Daan z’n huis, maar kwam er niet in. Ze zei tegen een mevrouw dat ze tegen

Daans ouders moest zeggen, dat hij geen junk was en dat ook nooit was geweest. Ze ging in de berm zitten en toen stopte er een auto,die haar een lift gaf naar België. Ze was weer

in Transit.



Titel

De naam Transit betekent in dit boek ‘doorreis’. De hoofdpersoon, Iks, heeft haar vaste leven

opgegeven en is gaan zwerven door de wereld. Ze is in Transit.



Personen

Het boek gaat voornamelijk over Iks, het is een flat-character. Ze begint in het boek met

reizen en ze wil duidelijkheid over deze wereld maar aan het einde is er voor haar nog

steeds niks duidelijk, ze is niet veranderd. De man bij wie ze even woont, Cluysman, is een

soort kluizenaar. In het begin is hij erg vreemd, maar als je zijn dagboeken leest is het

allemaal wel te begrijpen en hij wordt ook steeds minder een kluizenaar. Het idee dat hij

afhankelijk is, verandert als hij samen met Iks gaat lopen. Daan is een ook een

flat-character hij is een junk en blijft een junk. Xenia heeft een kort koppie haar en is

niet lelijk maar ook niet knap. Cluysman is een man van 75 en ziet er ook zo uit. Daan wordt

niet uitvoerig beschreven maar is wel een zwerver.



Opbouw

Het verhaal is opgebouwd uit zeven dagen, elk hoofdstuk is een dag met ertussendoor

stukjes uit het dagboek van Cluysman. Het verhaal bevat een paar terugblikken in de tijd waarin Iks, Daan en Alma nog samen waren. Toen Cluysman weer buitenkwam was dit een mooi moment. Iemand die twintig jaar aan zijn idee heeft vastgehouden dat de wereld zo slecht is en dan weer buitenkomt, en beseft dat de wereld eigenlijk heel mooi is, dat is de kern.

De climax is dat misschien de sleutels zouden worden afgepakt. dat is de climax omdat ik toen bijna niet kon wachten om de bladzij om te slaan. Toen ik verder las, dat Iks weer de

wereld introk en Cluysman achterliet, vond ik het een erg open einde.



Het verhaal speelt zich af in het heden, het taalgebruik is uit deze tijd de junks komen

ook alleen maar vanaf de jaren 1960 voor. Het hele verhaal speelt zich op veel plaatsen af. Het huis van Cluysman is erg belangrijk, omdat ze vanaf hier alles regelt en kennis met

Cluysman maakt.



Het probleem van Iks is, dat zij vindt dat de maatschappij van tegenwoordig niet deugt en

daarom gaat ze de wereld intrekken en kijken of het overal zo is en waarom. De

schrijfster laat duidelijk merken, dat zij vindt dat de wereld is verpest door de commercie

en de hebberigheid van mensen.



Het is een novelle, Iks komt meteen in het verhaal in een moeilijke situatie. Ze moet elke dag zien te overleven en dat lukt haar maar net. De personen worden kort beschreven

en de tijd die verloopt is maar een week.



Hella S. Haasse biografie en werk

Op 2 februari 1918 wordt Hella (Hélène) S. (Serafia) Haasse in Batavia geboren. Zij is

dochter van de concertpianiste Katharina Diehm Winzenhöhler en Willem Hendrik Haasse, die in Nederlandsch-Indië de belastingontduiking bestreed. In 1920 vertrekt het gezin Haasse

voor een twee jaar durend verlof naar Nederland. Op 4 oktober 1921 wordt Willem Hendrik

Johannes geboren.



In 1922 keert de familie terug naar Indië, naar Soerabaja. Hier gaat Hella S. Haasse naar

de kleuterschool en als zij zes jaar is naar een katholieke lagere school waar zij les

krijgt van de nonnen. In 1924 wordt haar moeder ziek en moet opgenomen worden in een

sanatorium in Davos. Zij neemt de kinderen mee naar Europa. Hella woont bij haar moeders

moeder in Heemstede en vervolgens in een kinderpension in Baarn. In 1928 is de moeder

hersteld van haar ziekte en zij steken weer over naar Nederlandsch-Indië. Na een jaar

Bandoeng en een kort verblijf in Buitenzorg, verhuist het gezin naar Batavia, waar Hella

naar het lyceum gaat. Daar wordt haar liefde voor de Nederlandse literatuur nog groter.



Na het eindexamen in 1938 vertrekt ze naar Nederland om aan de Gemeentelijke Universiteit

van Amsterdam Scandinavische Talen en Letteren te gaan studeren. De bedoeling is dat het

gezin in 1940 in Nederland herenigd zal worden, maar door het uitbreken van de oorlog

verloopt alles anders. De ouders worden tijdens de Japanse bezetting van

Nederlandsch-Indië geïnterneerd en pas in 1946 zien zij in Nederland hun dochter,

inmiddels getrouwd, terug.



In 1941 beëindigt zij haar studie Scandinavische Talen en Letteren en doet

toelatingsexamen voor de Toneelschool in Amsterdam. In 1943 doet ze eindexamen aan de

Toneelschool en speelt in een aantal voorstellingen. Na haar huwelijk met mr. Jan van

Lelyveld in 1944 beëindigt Hella S. Haasse haar professionele toneelactiviteiten. Wel

blijft ze teksten schrijven voor het zomercabaret van het Centraal Toneelgezelschap. Ze

schrijft ook voor Wim Sonnevelds cabaret en na de oorlog voor dat van Cor Ruys. Op 11

november 1944 wordt het eerste kind van Jan van Lelyveld en Hella Haasse geboren. Het

meisje, Chrisje, zal in april 1947 overlijden.



‘Oeroeg’ verschijnt anoniem ter gelegenheid van de Boekenweek van 1948. Lezers mogen raden wie de auteur is. In het najaar van 1993 wordt de verfilming van Oeroeg uitgebracht, onder regie van Hans Hylkema. Na de verschijning van Oeroeg volgt een lange lijst literaire

produkties.



Op 15 december 1947 wordt Ellen Justine geboren, op 8 maart 1951 wordt dochter Marina

geboren. In augustus 1981 verhuist Haasse met haar man naar het Franse plaatsje

Saint-Witz, vlak bij Parijs. In december ontvangt ze de Constantijn Huygens-prijs voor

haar gehele oeuvre. Op 26 juni wordt op het Muiderslot aan Hella Haasse de P.C. Hooftprijs

(proza) 1983 uitgereikt, toegekend voor haar gehele oeuvre. Op 25 maart 1988 wordt ze aan

de Rijksuniversiteit Utrecht gehuldigd met een Eredoctoraat in de Letteren. Ze werkt mee

aan ‘Beatrix, Koningin’, een groot televisieportret voor de NOS, dat op 29 april wordt

uitgezonden. In augustus 1990 keren Haasse en haar echtgenoot terug naar Nederland. In mei

1991 wordt haar het erelidmaatschap van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde

toegekend. In april 1992 ontvangt zij uit handen van koningin Beatrix de Eremedaille in

Goud voor Kunst en Wetenschap in de Huisorde van Oranje. In maart 1994 verschijnt het

Boekenweekgeschenk ‘Transit’.



Wat Hella haar thema's zijn is niet zo duidelijk, ze heeft niet één speciaal onderwerp

waar ze veel over schrijft. Meestal gaat het over de innerlijke zoektocht. Maar ik vond

het heel moeilijk om dit op te zoeken, het was niet duidelijk.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen