U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Chr. Van Abkoude - Kruimeltje.
Deze versie komt van http://scholieren.samenvattingen.com/documenten/show/3230442/ en is laatst upgedate op 08/12/2000.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 630 woorden.


Kruimeltje is een klein jongentje van ongeveer 10 jaar oud. Zijn naam dankt hij aan het feit dat hij zo klein is. En iedereen noemt hem dan ook zo. Kruimeltje is bijna altijd op straat, maar als hij niet op straat is zit hij bij mevrouw Koster.


Op een dag is Kruimeltje weer het huis uit getrapt door mevrouw Koster. Die nacht slaapt hij dan ook op straat, na lang zoeken vindt hij eindelijk een plaats om de nacht door te brengen. Er staat een kist naast een klein winkeltje, als Kruimeltje erin wil stappen hoort hij iets héél zacht janken, het is een hond. Kruimeltje zegt tegen de hond: "schuif eens op als je wilt er is best plaats voor ons beiden, zo groot ben ik niet. En zo vallen ze allebei in een diepe slaap.


De volgende morgen worden Kruimeltje en de hond gewekt door de baas van het winkeltje, hij heet Wilkes. Wilkes nodigt Kruimeltje en de hond uit om mee naar binnen te komen. Als ze binnen komen bromt er een kacheltje en het is er lekker warm. Wilkes geeft Kruimeltje wat te eten en hij deelt het eerlijk met de hond. Als ze alles op hebben zegt Wilkes tegen Kruimeltje: "Als je weer geen slaapplaats hebt dan kom je hier maar dan mag je bij mij in de wandkast slapen". En hij neemt de hond mee, onderweg zegt hij tegen de hond: "jij mag nu altijd bij mij blijven en ik zal je een naam geven". En hij vraagt aan de hond: "vind je Moor een mooie naam, die naam past mooi bij je omdat je zelf ook helemaal zwart bent, zo zwart als een moor". En de hond blaft triomfantelijk, als teken dat hij het zo wel goed vindt.


Kruimeltje komt nu geregeld bij Wilkes. Op een dag hoort Kruimeltje dat zijn pleegmoeder mevrouw Koster van de trap is gevallen. Kruimeltje gaat direct naar haar toe. Mevrouw Koster is er slecht aan toe, en ze sterft ook na een tijdje. Mevrouw Koster heeft voor haar dood Kruimeltje een kistje gegeven met daarin een medaillon en in dat medaillon stonden twee portretten één van zijn vader en één van zijn moeder. De naam van zijn vader is Harry Volker en van zijn moeder Lize van Dien.


Kruimeltje woont nu bij Wilkes in huis en hij slaapt samen met Moor in de wandkast. Als Kruimeltje het medaillon aan Wilkes laat zien, herkent hij Kruimeltje zijn vader en vertelt dat hij 10 jaar geleden met zijn vader naar de West is gegaan om goud te zoeken, maar opeens was Harry plotseling verdwenen. Toen is Wilkes terug naar Nederland gegaan, omdat hij zijn vriend Harry Volker niet meer kon vinden.




Nu is Wilkes weer terug gekeerd naar de West om Kruimeltje zijn vader op te zoeken.


Nu drie dagen in de West te zijn geweest, vindt Wilkes ook daadwerkelijk de vader van Kruimeltje.


Kruimeltje zwerft op dat moment weer op straat, op een dag wordt hij aangereden door een grote limousine, met daarin een beroemde pianiste Vera di Borboni. Vera neemt Kruimeltje mee naar huis om hem te verzorgen. Kruimeltje die door Vera héél goed behandeld word, vertelt op een dag het verhaal over zijn pleegmoeder en Wilkes en over zijn vader en moeder aan Vera. Dan zegt Vera tegen Kruimeltje dat hij voor altijd bij haar mag blijven wonen. En Vera vertelt ook dat zij eigenlijks Lize van Dien heet en dat ze de moeder is van Kruimeltje, Kruimeltje is erg blij dat hij nu een moeder heeft maar hij heeft nog steeds geen vader.


Op een dag is het zover Wilkes komt terug uit de West en wel met vader van Kruimeltje Harry Volker. Nu had Kruimeltje een vader en ook nog een moeder gekregen.


En wàt een vader!!…En wàt voor een moeder!!…




Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen